Teerns

 

In 1787 werd Teerns als volgt beschreven in de Tegenwoordige Staat der Vereenigde Nederlanden; veertiende deel; vervattende het vervolg der beschryving van Friesland.

"Teerns, een klein en nieuw Dorp, voor deezen eene buurt van Huizum, zynde de Kerk hier gebouwd door de Familie der Ublema’s, welke hier de eigenerfden zyn. Naar dit Dorp schreef zich Johannes Gerhardus Terentius, die te Franeker in ’t jaar 1651, in ’t tweeëntwintigste jaar zyns ouderdoms, tot Hoogleeraar in de Hebreeusche taal werd beroepen. Ten Zuiden van Teerns legt Auckema State: van dit geslagt overleed in 1510 zekere Auk Pieters, die getrouwd was met Kempo Donia. Voorts behoort dit Dorp in ’t geestelyke onder Hempens. Teerns heeft 7 stemmen."

 

Teerns. Foto: Google Steetview, 2010
Teerns. Foto: Google Steetview, 2010: klik op de foto voor een digitale verkenningstocht!

De geschiedenis

Uit: Open Monumenten in de dorpen ten zuiden van Leeuwarden. Leeuwarden, 1989; auteur: Peter Karstkarel

Hempens/Teerns, ze worden tegenwoordig in één adem als tweelingdorpen genoemd, al komen ze in de telefoongids nog afzonderlijk voor. Het dorp Teerns bestaat eigenlijk niet meer. De kern is verdwenen onder het kruispunt ten zuiden van de Drachtsterbrug. De buurschap aan de Himpenserdyk nabij de brug over de Nauwe Greuns die bij Teerns hoorde, is met Hempens aan de overzijde van het water een eenheid gaan vormen. Bodemvondsten uit beide dorpsterpen hebben aangetoond, dat de nederzettingen al bewoond waren in de laatste eeuwen voor het begin van onze jaartelling. In de middeleeuwen bouwden de bewoners van Teerns en Hempens elk een godshuis. De kerk van Teerns is al sinds lang verdwenen, die van Hempens is verschillende malen vernieuwd en staat nog steeds op een ruim kerkhof.

In het laaggelegen agrarische gebied zijn rond de dorpen bovendien enkele huisterpen te vinden waarop states en boerderijen gebouwd waren. Het karakter van Hempens en Teerns is in de loop der jaren bepaald geweest door de landbouw. Weg en vaart hebben eveneens de ontwikkeling bepaald. Bij de doorwaadbare plaats en de overzet in en over de Nauwe Greuns is ten noorden langs de Himpenserdyk de buurschap van Teerns gegroeid en na de voortzetting in de Skoalledyk heeft de Hempenser bebouwing tussen deze dijk en de Nauwe Greuns plaatsgevonden.
Thans is de bebouwing van de twee dorpen als het ware gevangen tussen twee boerenplaatsen van de familie Oosterveld. Aan de westzijde staat een boerderij met voorhuis die in 1907 door deze familie is gebouwd en aan de oostzijde, vlak voor de kerk, is al in 1859 een monumentale stelpboerderij door de Oostervelds gebouwd. In het landelijk gebied staan meer grote boerderijen; die ten westen van het grote kruispunt horen oorspronkelijk ook nog bij Teerns.


De kerk
De kerk van Hempens is het onbetwiste centrum van de dorpsgemeenschappen. Zij is op 1 januari 1988 in eigendom en beheer overgedragen aan de Stifting Freonen Tsjerke Himpens-Tearns.

De tot nu toe vroegst bekende vermelding van de kerk is uit 1511. Het godshuis moet er dan al lange tijd staan. De vermelding laat ons weten dat de kerk toegewijd is aan Sint-Martinus van Tours, een toentertijd zeer populaire heilige in Friesland. Het is nauwelijks bekend hoe die middeleeuwse kerk er uitgezien heeft. De hoofdvormen zijn te zien op een dorpsportret dat Piter Idserdts, tekenmeester van de Franeker Academie, in het midden van de achttiende eeuw maakte. Op de voorgrond de Nauwe Greuns met een vissersbootje en tussen wat boerenhuizen, boerderijen, een hooiberg en veel geboomte rijst een dorpskerk op. De met klimop begroeide zware zadeldaktoren met schouderstukken en pinakels vormt een kenmerkend silhouet. Zowel op het midden van het zadeldak als op het kerkdag staat een windvaan.

In 1806 zijn kerk en toren van Hempens vertimmerd. De toren kreeg een spits en de kerk is met handhaving van het muurwerk ook aangepakt. Het thans nog aanwezige drieling-baksteenmuurwerk duidt erop dat de middeleeuwse kloostermoppen al eerder vervangen moeten zijn, vermoedelijk in de zeventiende eeuw. Omstreeks 1840 merkte een bezoeker op dat de kerk fraai beschilderde glasramen bezat, onder andere een dat door Germandus (of Gerardus), die van 1627 tot 1656 de derde voorganger van de dorpsgemeenschap was, geschonken was.

In 1872 zijn de toren en westelijk kerkfront geheel vernieuwd in een toen gebruikelijke architectonische mengstijl. Als gevolg van brand is de kerk in 1945 voor een groot deel verwoest, maar toren en westgevel zijn gespaard. In 1947 moest de spits wel hersteld worden en is de kerk vanaf de grondvesten herbouwd, waarbij gebruik gemaakt is van het oude baksteenmateriaal, de drielingen. Aan deze herbouw gaf de Hempenser bouwkundige A.H. Visser leiding. In grote lijnen is de vorm van het oude gebouw aangehouden, maar in detail zijn er wel veranderingen aangebracht.

De zaalkerk met driezijdige koorsluiting is bijna elf meter lang en ruim zes meter breed; de toren meet ongeveer 3.25 meter in het vierkant en de haan op de spits reikt tot ruim twintig meter. Het schip is vier raam- en gewelfvakken diep, wat aan de buitenzijde te zien is aan verdiepte velden met ramen en uitgemetselde lisenen. Bij herbouw is het aantal ramen verdubbeld, maar de rondboogvensters werden wel kleiner. De toren bestaat uit twee, iets versneden geledingen en een achtzijdige, ingesnoerde naaldspits. De onderste geleding is breed en bevat de ingangspartij met halfrond bovenlicht en in de tweede geleding volgen achtereenvolgens een rond venster, de halfrond gesloten galmgaten en de ronde torenuurwerken op elkaar.

Kerk en toren zijn bouwhistorisch niet van zeer grote betekenis, maar voor structuur en silhouet van de dorpen van groot belang.

Het gebouw ligt op een ruim, door bomen en struiken omzoomd kerkhof met een gevarieerde collectie, voornamelijk negentiende- en vroeg-twintigste-eeuwse grafmonumenten. Door de eigendomsoverdracht kan de kerk, die jarenlang nagenoeg ongebruikt is gebleven, weer een levendige functie voor de dorpsgemeenschap gaan uitoefenen.

Van Oxena Brids tot ijzeren draaibrug
Richt de eenvoudige kerktoren zich verticaal naar de hemel, het andere kenmerkende monument van Hempens-Teerns strekt zich horizontaal aards uit en verbindt de buurt van Teerns over de Nauwe Greuns met Hempens. Vermoedelijk heeft er in de Middeleeuwen al een brug over het water gelegen; in 1463 is er sprake van een "oxena brids", een ossebrug, die verschillende onderzoekers interpreteren als een doorwaadbare plaats. Later is er inderdaad sprake van zo’n oversteek of van een veer met bootjes, maar in 1584 komt toch ook weer een "dreijholt over de vaerth" voor een soort draaiplank.

De Nauwe Greuns is lang druk bevaren geweest. Pas sinds de totstandkoming van het Van Harinxmakanaal met nieuwe aansluitingen is het er rustiger geworden. De huidige brug die over een jaar haar eeuwfeest mag vieren, kan wegens de slechte constructieve toestand al enige jaren niet meer opengedraaid worden, maar dit monument van verkeerstechniek verdient een respectabele opknapbeurt.

Het is een in 1890 ontworpen, geklonken en gelaste ijzeren draaibrug met een symmetrische balans, rustend op een grote, ronde, lage, gemetselde pijler. De liggerconstructie en het wegdek vormen, om gemakkelijk weggedraaid te kunnen worden, een parallellogram Aan de westoever is een vrij lang, vast bruggedeelte geslagen en aan de oostoever is een hoog landhoofd gevormd. Daarnaast is de draaisteiger aangebracht, een kwart-rond plankier. De brug kan zo met handkracht opengetrokken worden en komt dan aan de oostkant van de vaaropening te liggen. Het brugwachtershokje staat aan de andere zijde en is stellig enkele tientallen jaren jonger dan de brug zelf. De draaisteiger heeft gedeeltelijk een leuning met kruislingse vakverdeling, dezelfde die de brugleuningen bezitten. De liggers van de lange en smalle draaibrug zijn bovendien met ijzeren jukconstructies met trekstangen en stelschroeven opgespannen. De Hempenser brug is een aardig, eenvoudig en door iedereen te begrijpen monument van waterstaatkundige techniek, dat alle zorg verdient.


Links:

Kattenklei in Zuiderburen
Website dorpen Hempens en Teerns

Terug