Burgerboeken ca. 1530-1800


Nieuw aangenomen burgers werden ingeschreven in de Burgerboeken. Dit zijn drie banden die de periode van ongeveer 1530 - 1800 beslaan. De banden staan onder één titel beschreven, maar zijn verschillend van opzet. De twee jongste delen zijn chronologische registers van nieuw aangenomen burgers, het oudste deel is een mengvorm van een chronologisch en alfabetisch register. Nieuw ingeschreven burgers zijn hier gerangschikt op de eerste letter van hun voornaam en vervolgens chronologisch. In de twee jongste delen werd de nieuwe burger, nadat hij was aangenomen, meteen ingeschreven.

Bij het oudste Burgerboek kon er nogal wat tijd zitten tussen het verlenen van het burgerschap en de registratie in het Burgerboek. Zo werd de metselaar Jemme Ritscke op 27 januari 1560 voor burger aangenomen, maar op het moment (aan het einde van dat jaar?) dat hij in het Burgerboek geregistreerd werd, was hij reeds overleden. Verder zijn de oudste inschrijvingen in het Burgerboek waarschijnlijk uit een ouder register overgenomen. Deze inschrijvingen zijn niet gedateerd. Aangezien de oudste gedateerde inschrijvingen van 10 juni 1544 zijn, moeten deze burgers dus voor die tijd zijn aangenomen. Wat de begindatum van die inschrijvingen betreft is het enigszins gissen. In elk geval woonde de hier vermelde Thijlman boekverkoper reeds in 1532 in de stad. De begindatum van deze inschrijvingen moet dan ook rond 1530 gezocht te worden.

Het oudste Burgerboek is ook niet volledig. Van 1547-1555 werd het register zelfs helemaal niet bijgehouden. En ook voor andere jaren dient men er rekening mee te houden dat enkele nieuw aangenomen burgers niet in het register zijn opgenomen. Dat blijkt vooral uit de inschrijvingen uit de periode 1640-1651. Toen werden nieuw aangenomen burgers zowel in het tweede als in het eerste Burgerboek geregistreerd. En in deze periode vinden we een tiental personen wel in het tweede, maar niet in het eerste Burgerboek geregistreerd. Verder zijn verscheidene namen uit het jongste Burgerboek verkeerd in het oudste Burgerboek overgenomen.

Ook het tweede Burgerboek kent een omissie; de onderste helft van pagina 203 ontbreekt namelijk. Vergelijking van de betaalde burgergelden met het totaal in de jaarrekening, wijst uit dat hier zes personen hadden moeten staan.

Terug