(Algemeen Plaaselijke Verordening 2003)

 
Afdeling 7 Straatnaamgeving, huisnummering e.d.


Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 5.7.1.1. Begripsomschrijvingen

In deze afdeling wordt verstaan onder:

  1. Openbare ruimte: alle voor het openbaar rijverkeer of ander verkeer openstaande wegen óf paden, pleinen, plaatsen, plantsoenen en alle wateren die, al dan niet met enige beperking, voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn, alsmede daarin begrepen alle bouw- en kunstwerken die daar deel van uitmaken.
  2. Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond en bedoeld is om ter plaatse te functioneren.
  3. Gebouw: elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
  4. Complex: een afgebakend samengesteld geheel van onroerende zaken (industriecomplex, ziekenhuiscomplex, complex van vakantiehuisjes etc.).
  5. Afgebakend terrein: een terrein waarop zich geen bouwwerken bevinden en dat afzonderlijk wordt gebruikt.
  6. Ligplaats: een deel van het openbare water dat door burgemeester en wethouders is aangewezen voor het permanent afmeren van een woonschip of een woonark.
  7. Standplaats: een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of gemeenten kunnen worden aangesloten.
  8. Nummer: een nummer dat bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- of cijfercombinatie.
  9. Object: een bouwwerk, gebouw, complex, afgebakend terrein, ligplaats of standplaats.
  10. Uitvoeringsvoorschriften: nadere bepalingen van technische en administratieve aard.
  11. Rechthebbende: eenieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht zodanig beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is om in die zaak te handelen zoals in de verordening is voorgeschreven, alsmede de beheerder.


Paragraaf 2. Het benoemen van openbare ruimte en het nummeren van bouwwerken, gebouwen, complexen, afgebakende terreinen en ligplaatsen of standplaatsen

Artikel 5.7.2.1 Verdeling in wijken en buurten

  1. Burgemeester en wethouders verdelen de gemeente, al dan niet op basis van bouwblokken, in wijken en buurten en duiden ze aan met nummers, zo nodig aangevuld met letters of namen.
  2. Burgemeester en wethouders kunnen de openbare ruimte en gemeentelijke bouwwerken benoemen.


Artikel 5.7.2.2. Toekennen nummer

  1. Burgemeester en wethouders kunnen aan een object of een te onderscheiden deel daarvan een nummer toekennen.
  2. Aan een object dat een nummer heeft gekregen, moet het nummer op een doeltreffende wijze zijn aangebracht.


Artikel 5.7.2.3. Zichtbaarheid namen

  1. De door het college van burgemeester en wethouders aan delen van de openbare ruimte en aan gemeentelijke bouwwerken toegekende namen worden zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht.
  2. Het is een ieder die daartoe niet bevoegd is, verboden aan delen van de openbare ruimte, aan de daaraan liggende gemeentelijke bouwwerken en aan ligplaatsen of standplaatsen namen of nummers toe te kennen door ze op zichtbare wijze aan te brengen.
  3. Het is eenieder die daartoe niet bevoegd is, verboden aan zijn onroerende zaak nummers toe te kennen door ze op zichtbare wijze aan te brengen.


Artikel 5.7.2.4. Wijziging nummering en straatnamen

  1. Het college van burgemeester en wethouders kan de bestaande nummering en straatnamen wijzigen indien daartoe zwaarwegende redenen zijn.
  2. Het college van burgemeester en wethouders hoort voorafgaand aan een wijziging als bedoeld in het eerste lid belanghebbenden.
  3. Bij het wijzigen van een naam of nummer, bedoeld in het eerste lid, zullen zowel de oude en de nieuwe naam als het oude en het nieuwe nummer gedurende een jaar mogen worden gebruikt op de wijze die bepaald is in de uitvoeringsvoorschriften, bedoeld in artikel 5.7.4.1., eerste lid.


Artikel 5.7.2.5. Weigering wijzigingsverzoek

Het college van burgemeester en wethouders kan een verzoek tot het wijzigen van een nummer weigeren:

  1. Indien de wijziging niet bijdraagt aan de vindbaarheid van het object ten behoeve van de communicatie van mensen en het verlenen van diensten en hulp;
  2. Indien de aard van het object zich tegen het verzoek verzet.


Artikel 5.7.2.6. Intrekken nummer

Burgemeester en wethouders kunnen een toegekend nummer intrekken in het geval van sloop of een zodanige wijziging van het object dat het voortbestaan van de nummering niet meer bijdraagt aan de vindbaarheid van de nummers ten behoeve van de communicatie van mensen en het verlenen van diensten en hulp.


Paragraaf 3. Plaatsen van naam- en nummerborden

Artikel 5.7.3.1. Verplichting toelaten borden

  1. Indien burgemeester en wethouders het nodig oordelen dat borden met een wijk- of buurtaanduiding, borden met straatnamen, huisnummer-verzamelborden en verwijsaanduidingen aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere soort terreinafscheiding worden aangebracht, is de rechthebbende verplicht toe te laten dat de hier bedoelde borden vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van burgemeester en wethouders worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
  2. De rechthebbende dient er zorg voor te dragen dat naamborden vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.


Artikel 5.7.3.2. Aanbrengen nummer

  1. Tenzij door burgemeester en wethouders anders is besloten, is de rechthebbende van een object verplicht het nummer, zoals bedoeld in artikel 5.7.2.2., eerste lid, aan te brengen op een wijze zoals in artikel 5.7.4.1., eerste lid, is bepaald.
  2. De rechthebbende is verplicht het in het eerste lid genoemde nummer binnen vier weken na kennisgeving van het besluit van burgemeester en wethouders aan te brengen.
  3. Indien een object nog niet is voltooid, wordt het nummer binnen vier weken na voltooiing aangebracht.
  4. Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede en derde lid genoemde termijn verlengen.


Paragraaf 4. Uitvoeringsvoorschriften


Artikel 5.7.4.1. Uitvoeringsvoorschriften

  1. Burgemeester en wethouders stellen nadere technische uitvoeringsvoorschriften vast voor de wijze van nummeren en voor het aanbrengen van nummerborden.
  2. Burgemeester en wethouders stellen, met het oog op het interbestuurlijk en maatschappelijk belang van een systematische registratie van door hen uitgegeven namen en nummers, nadere registratieve voorschriften vast


Paragraaf 5. Overgangsbepaling

Artikel 5.7.5.1. Overgangsbepaling

  1. Namen en nummers die op grond van eerdere gemeentelijke regels en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na het in werking treden van deze verordening bestaan.
  2. Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften.
  3. Bij het wijzigen van een naam of nummer, bedoeld in het eerste en tweede lid, zullen zowel de oude en de nieuwe naam als het oude en het nieuwe nummer gedurende een jaar mogen worden gebruikt op de wijze die bepaald is in de uitvoeringsvoorschriften, bedoeld in artikel 5.7.4.1, eerste lid.

Terug