Chronologische lijst van de merkwaardigste meest crimineele sententiën van het Hof van Friesland te Leeuwarden, ter Canselarij uitgesproken van 1516-1800.

Oud-archivaris Wopke Eekhoff heeft dit afschrift zelf vervaardigd. Als basis diende een uitgebreider manuscript, dat tegenwoordig deel uitmaakt van de Verzameling Handschriften, afkomstig van de Provinciale Bibliotheek bij Tresoar.

Eekhoff plaatste in zijn afschrift onderstaande kanttekening:

'Deze afschriften en het vorige register zijn minder volledig dan de twee andere in groot med. folio, berustende in de bibliotheek van het Friesch Genootschap, uit de Nalatenschap van den Heer J. van Leeuwen, in 1857 aangekocht, als no. 9 en 10 van den catalogus der handschriften. Nog vollediger zijn daar zeker de 5 Portefeuilles met aanteekeningen van den Raad meer Mw. D. Fockema.'

Sententien:

Anno 1516
Den 23 sept. Is Wybe Sacles wegens het crimen læsæ Majestatis op de Brol brugge met den swaarde geregt en alle syne goederen geconfisqueert.

1516
Den 27 sept. Is Jan van Putten wegens als vooren, op de plaatse van het huid met den swaarde geregt, syn lighaam op een rad geleid en syn hoofd op een staak geset, ter plaatsen of omtrent daar de schans is die men noemt Sint Johans Camp.

1516
den 7 october is Renieke Wythie zoon van Wirdum wegens dieverije van koorn en beesten aan een halve galge gehangen en geworgt tot dykshorne bij betigum.

1517
den 2 maart is Steinrijk van Eemyck wegens blasphemie op de brol brugge onder den kaak gestelt een stik van zyn tong ter breedte van een vinger afgesneden, voorts buitenlands gebannen hondert jaar en eenen dag op halsverbeurte.

1517
de 27 juny is Namke van Dockum door de Raad (meer tot gratie dan tot het scharps te regt genegen) gecondemneert op de Brol brugge, de beide oogen te worden uitgestoken en syn gesigt benomen. Dese beide laatste sententien melden de misdaden niet.

1517
de 11 july is Pieter Schroo van Waaxens wegens sekere mishandelingen en met roeden uitgebannen geweest uit barmhartigheid gecondemneert op de brol gebragt, aldaar een oor afgesneden en voorts op lijfsverbeurte ewiglyk gebannen.

1517
den 16 july is Abraham van Leeuwarden wegens crimen læsæ Majestatis met den sweerde gestraft het lighaam op een rad geleid en het hoofd op een staak voor de Steensterpoorte van Leeuwarden gesteld te worden.

1517
ut supra is een Harmen van Leeuwarden tot deselvde straffe gecondemneert, met verandering van de Wirdumerpoort.

1518
d. 9 juny is Tjerk Bontekoe wegens steelen van een peert en koe en boven consent in Majest. Landen op de garde gelegen aan de galg gehangen.

1518
de 1 sept. Allert Jans wegens manslag onthoofd.

1519
d. 8 sept. Is Reintjen Attes met den sweerde gestraft .

1520
d. 7 january is Renthie van de Jouwer wegens menigvuldige bose saken en misdaden op een rat gebonden en als dan met den sweerde gestraft voorts buiten de waterpype, daar men uit Leeuwarden naar de wouden vaart op een rad gesteldt, dat hoofd op een stake en boven het rat daar dat lighaam op legt en galge gestelt.

1521
d. 18 february is Claas Flabber wegens het steken met een opsteeker in de rug of lenden van Johan Mieddesnell en dubbelde trouw omtrent purificationis beatae Mariae virginis waaraan deselve binnen 3 dagen overleeden is met den sweerde gestraft.

1521
d. 26 october is Ypke Vaar wegens gepleegd geweld op de Heereweg tusschen Midlum en Herbayum onthooft.

1523
d. 10 january is door het Hof van Friesland te Franeker eenen Albert van Leeuwarden wegens vrouwe kragt met den sweerde gestraft, het lighaam op een rad, en ’t hoofd op een staeck gestelt. N.B. is egter deur voorbede op het gewyde begraven te worden op gratie gedaen.

1523
de 18 maart mede aldaar eenen Aucke van Oosterlittens dito gestraft wegens steelen, afzetten op de heereweg en dootslag.

1523
de 23 november is Hessel Taeckes wegens moort onthooft.

1523
de 12 december zijn twee personen met namen Taede en Jan van Sneek by wege van gratie gecondemneert om ’s anderen daags in de kerk van Oldehooft bloots hoofd en barrevoets te gaan met een branden de waschkaars en op hunnen kniën voor het heylig kruis te leggen gedurende de exequien van der Heere van Wassenaar voor die ziele biddende, en voorts voor altoos gebannen, by verbeurtenisse van heure lijven.

1524
de 30 january is eenen Lammert van Bergum wegens dienst neemen onder de Gelderschen, sampt eene kleine dievery te Leeuwarden op het schavot met het sweerd gestraft.

1524
de 1 juny is Joucke Schroor wegens een nederslag met den sweerde gestraft.

1524
de 2 augustus is eenen Sytse Meynts wegens verkragting van een meisje van 12 jaar/ zulks op de cancellerie op vrije voeten geconfesseert hebbende/ met den sweerde gestraft.

1525
de 28 maart is Jelle Ritske zoon wegens een begane nederslag en moord van Tjærk Beyntje zoon met den sweerde gestraft, ’t lighaam op een rad en het hoofd op een staak gestelt buiten de poorte van Leeuwarden.

1526
de 4 january is Jan Roeloffs zoon wegens assisteeren by een moord aan Vrank Roeloffs grietman van Ooststellingwerf met den sweerde geregt.

1526
de 14e april is Otto Jans zoon wegens het aannemen van de steden Sneek en Dockum te moortbranden, het geschat aldaar te vernagelen en ’t buskruit te vervalschen, en niet gevat synde hetselve zoude volbragt hebben met den sweerde geexecuteerd voor ’t huis.

1526
ut supra Tetthie Heres zoon alras Jan zonder geest wegens diverse dieveryen en byzyn van geweldnaars en brand dreigers aan den galge gehangen.

1526
ut supra een Simon, Socuis van bovengenoemde ut supra; ut supra Jan Gerrits zoon van Bolswaardt mede Socuis ut supra.

1526
de 2 mey is meester Casper wegens dootslag met het sweerd gestraft.

1526
de 5 july is te Franeker met het sweerd geregt Douwe Sipkes wegens geweld, violentie en brand dreigen.

1526
de 11 october is Geert Jans wegens twee nederslagen onthoofd.

1527
De 22 juny is Ballinck Sjoerdts schoolmeester op Rinsmageest weegens oneerbaarheden en verkragten van syne schoolmeysjes van 6,7 of 8 jaaren met den sweerde gestraft, syn lichaam op een rad geleit en syn hooft op een staak geset.
In september is Feyke Olfaarts zoon van Sneek wegens verscheidene dieverijen aan den galge gehangen.

1528
De 22 january is een Alexander de Clerk /in de wandeling Andreas le Clercq/ wegens rondlopen met valsche bullen en valsche gesegelde brieven/ na daarover ook in Holland te syn gestraft geweest/ met een sweerde gestraft.

1528
De 12 september is een Sierk Smyt wegens het dootslaan van syn vader/ het Hof meer geneigt tot matelijke justitie dan tot strengheid van Regten en als sulke dootslag na keyserlyke Regten behoort gecondemneert eerst op de brolbrugge gegeesseld en daarna wederom voor de Cancellerye op het schavot met den sweerde gestraft voorts het lighaam metten voeten opwaarts op een Rad geset en het hoofd daarboven op een staak geset.

1528
De 24 sept is een Sibolt Feike Zoon sein scipmaker van Stavoren wegens afval van de Keyser en overgang tot de Gelderschen, met den sweerde gestraft. Het lighaam op een rad en het hoofd op een staak.

1529
de 5 mey is een Gabbe Tabbe zoon wegens moord met een op steeker met den sweerde geregt.

1529
De 7 july is Pieter Jans soon wegens dootsteeken met den sweerde geregt.

1529
De 16 july is een Pieter Dirks zoon wegens bigamie branddreigen en blasphemie met den sweerde geregt.

1529
De 28 july is een Reynier Gerbrants zoon wegens een moort met den sweerde geregt.

1530
De 30 maart is een Hobbe Barmix alias Swarte Hans van Collum wegens geweldig afzetten met een ander op de publicque weg met den sweerde gestraft.

1530
d. 25 mey is een Steffen Jacobs soon van Dronryp wegens een gedane moort met een mes met den sweerde gestraft.

1530
d. 28 juny is een Wybrant Jans soon van Hartwert wegens ongelove voor de Cancellerie tot pulver verbrandt.

1531
d. 20 maart is een Sieke Greerks zoon wegens herdopen met den sweerde gestraft, het lighaam op een rad, en ’t hoofd op een staak gestelt.

1531
De 2 mey is een Hansken van Staveren wegens gewelddadigheden tegen het convent Maryengaarde en het slaan van den scheeper van voorn convent met den sweerde geregt en het hoofd op een staak voor het convent van Mariengaarde gestelt.

1531
De 11 july is een Sjoerdt Baucke zoon wegens gedane moort met een opsteker met den sweerde geregt.

1531
d. 1 november is Pieter Goossens van Groningen, bij Oud Woudumerzyl wegens geweld en mishandlingen snagts in een boerehuis gepleegd gepleegd gecondemneert aan een halve glage gehangen te worden en eenige tijd alzoo gehangen hebbende met denzelven galge na Dockum gevoert en aan ’t oosten van de stad weder opgerigt te worden.

1531
d. 3 decemb. Is een Akke Jacobs dogter van Winsum wegens het werpen van een levendig kint in een sloot neffens de galge levendig gedolven.

1532
De 6 mey is Hidde Taeckes wegens kerkedieverij aan de galge gehangen.

1531
d. 2 decemb. Is Jacob Aelbrechts zoon wegens verscheidene kerkedieverij aan een halve galge buiten Leeuwarden gehangen.

1532
de 8 juny is een Nanne Sjoerdts zoon wegens twee onderscheidene peerdedieverijen gehangen.

1532
De 20 decemb. Is een Anthonis van Savogen wegens manslag met de dood gestraft.

1533
De 27 maart is een Sieke Jelcke soon alias gnabbecop wegens gepleegd geweld zo wel op wegen als in huis met dieverij verzeld met den sweerde geregt en ’t lighaam by Claarcampsterzyl op het rad gestelt.

1533
uts. Is een Kempo Molles van Sneek wegens doodslag met den sweerde geregt.

1533
de 29 maart is een Pybo Sybes soon wegens manslag met den sweerde geregt.

1533
d. 5 july is een Michel van Yperen wegens velerhande geweld met den sweerde geregt.

1533
De 13 september is een Sjeurdt andts zoon van buerum wegens verkrachten van een vrouw met de dood gestraft.

1533
De 20 septemb is een Jacob Tjepke zoon wegens dieverije en daarby gepleegde mishandelinge aan een meisje dat alleen thuis was, onthoofd, ’t lighaam op een rad het hoofd op een staak, en daarover een galg gestelt zal worden.

1533
de 27 septemb. Is een Ritske Wopke zoon wegens manslag met het sweerd gestraft.

1533
De 18 october is een Hansken van Grooningen wegens insolentien in het Bergumer Clooster met den sweerde gestraft.

1534
d. 21 january is een Claas Thijs soon wegens inperien en toegebragte wonde aan een burgemeester te Leeuwarden van het stadhuis komende en dominicus pybe soon genaamt met den sweerde gestraft.

1534
d. 13 mey is een Joost Ypke zoon wegens gepleegd geweld in een Priesters huis Heer Dyttie pastoor van Sinke Catherijenen binnen Leeuwarden met de sweerde gestraft.

1534
de 19 meij is een Claas Jans soon wegens kerkeroof opgehangen.

1534
ut supra is Gerrit van Habbeke wegens beurssnijden opgehangen.

1534
de 5 november is Arend Claas zoon wegens manslag ter doot gebragt.

1534
de 10 nov. Is één Thys van Dockum wegens Cloostergeweld met den sweerde gestraft.

1534
de 10 nov. Is Hendrik Jans zoon wegens afzetten op ’s Heeren Straate met den sweerde gestraft.

1535
de 8 february is een Pouwels Jans zoon wegens kerkeroof te aegeclooster opgehangen.

1535
d. 16 maart is Andries Claas soon wegens herdoopery en het houden van conventicalen met wederdoopers met den sweerde geregt.[Z. gabbema pag 371 charterboek 2e deel pag. 67]

1535
den 16 maart is Romke Meymers zoon van Sneek wegens op schildwagt staan by het besteelen van kerken aan de galge gehangen.

1535
ut supra is syn socuis Oene Aedsaerts soon wgens gedane kerkeroof aan de galge gehangen.

1535
de 10 april zyn Frans Metselaar Jan Jans soon Sjouke metselaar en Taeke Uble zoon bevonden en olde clooster ter doot gebragt, de lighamen op raderen, en de hoofden op staaken.

1535
ut supra zyn Lippe Claas soon van Winsum, Jan Ysbrants van Witmarsum, Hessel Okke zoon, Mark Hylje soon en Willem Willems soon alle vyf wegens gepleegde moetwil in Oldeclooster met den sweerde geregt.

1535
de 10 april is een Hanske Sastkers wegens ut supra onthoofd.

1535
ut supra is een Frans Reynderts zoon van Berdaard wegens herdoopen onthoofd.

1535
ut supra Claas Dirks soon uts.

1535
ut supra Simon Sjoerdts soon uts.

1535
ut supra Luitjen Dirks zoon uts.

1535
ut supra Thomas Jans reeds eens gratie vergund/ uts

1535
ut supra is Gyelt Rompje zoon wegens dieveryen voor de derdemaal opgehangen.

1535
de 12 april zyn Reyn Beenthe zoon en Hobbe Buwe zoon wegens oproerigheden in Oldeclooster onthooft.

1535
d. 12 april syn 31 vrouwen, die in Oldeclooster onder de wederdoopers gevonden sijn, in het water verdronken.

1535
d. 15 april zijn 3 manspersonen, Sipke Sets, wever van Pietersbierum, Jan Gerrolstma en Sybrant Sybrants wegens desleve misdaad met den sweerde gestraft.

1535
ut supra 2 vrouwen Rinske Obbe dochter en Lysbeth bouwes wegens alsvoren in het water verdronken.

1535
d. 19 april is een Lysbeth Dirks dogter wegens als voren verdronken

1535
d. 19 october is Frits van Oldeboorn wegens bedelen en dieveryen opgehangen.

1535

de 23 October syn 3 personen Sipke Inthie Sion van Franeker, Tjeert Harmend, Tjerk Reijlofts, hebbende de Regter van Oosteregen op ’s Heeren Straeten sijn beurse afgesneden / onthoofd.

1535

ut supra is een Pieter van Westergeest / voorheen gegeeseld dieverij om intbreeken uit de gevangenisse te Sneek om dieverij / opgehangen.

1535

ut supra is Agge Broers zoon wegens overtreding van banissement en bedelen aan de galg opgehangen.

1535

de 27 October is een Engel Zeelander wegens een begane moord en geweldadigheden op het bildt onthoofd.

1535

d. 13 November is Hans Kaart wegens dieverij gehangen.

1535

d. 18 December is een Joachim van Nes wegens dieverij geweld en afzetten op de publicque weg onthoofd.

1535

ut supra is een Aalbrecht van Franeker / voormaals gegeeseld / wegens afzetten op de publicque weg en geweld onthoofd.

1536

de 20 january is Heyne Sjoerdts wegens kerkeroof opgehangen.

1536

de 24 january zijn twee personen, wegens een begane moord te Oenkerk en gepleegden kerkeroof aan een staak geworgd en voorts gebrand.

1536

de 18 Maart is Homme van Workum wegens afzetten van goed / zie boven de 23 Octob 1535 / onthoofd.

1536

de 1 July is Oeke Wever wegens gedane verwondingen en brutaliteiten onthoofd.

1536

ut supra is Arend Schaper wegens branddreigen als geweld met den sweerde geexecuteerd.

1536

de 15 July is een Hans Sytes Soon, alias Hans van Bergum wegens huisbraak en aldaar gepleegde moord aan een staak gewrogt en voorts gebrandt.

1536

de 7 October is Anske Pelser wegens kerkroof gehangen.

1536

de 21 October is Sybout Obbe zoon wegens herdooperij onthoofd.

1537

de 17 Maart is George van den Bosschen wegens publicqgeweld onthooft.

1537

ut supra drie manspersonen wegens herdooperij onthoofd, de lighamen op een rad en de hoofden op staaken gesteld.

1537

ut supra is Claas van Bozum wegens kerkeroof, opgehangen.

1537

ut supra is Hero Romke zoon wegens huisbraak opgehangen.

1537

d. 25 April is Georgen Slootemaker van Franiker wegens opensteken van een kiste en steelen van goederen daaruit aan de galge opgehangen.

1537

de 15 Mey is een Pier wegens manslag onthooft.

1537
de 2 october is een Pieter Ysbrand soon Smid wegens 2 manslagen onthooft.

1537
De 19 december is een Janneke Pieter Schroor wed. wegens herdopery in het water verdronken.

1537
ut supra is Lucus Gorgen zoon van Leeuwarden onthooft.

1537
d. 20 december is een Meynert van Dockum wegens het loopen en teeren op Cloosters onthoofd.

1538
d. 26 january Hidde Jans soon uts.

1538
uts. Wybe Hayes soon van Collum uts.

1538
d. 8 mey is een Jan Hendriks soon alias hans van Collum ut supra onthoofd.

1538

ut supra is een Uble Claas soon onthoofd te omdat syn kindt niet had laten doopen en 17 weken oud geworden zynde zonder doopen gestorven is, voorts guade gevoelens hadde van de sacramenten en heilige kerk.

1538
d. 9 mey is Anthonius de backer wegens toverye en manslag onthoofd.

1538
1 juny is een Tjaart Tjerks soon wegens overtreding van bannissement, herdopery en guade gevoelens van het heylig sacrament aan een staek tot pulver gebrandt.

1538
de 27 january is Jan Stevens wegens gedane moord onthoofd.

1539

d. 8 february zijn Jan Claas soon en Frans Claas soon wegens herdopery onthoofd.

1539

d. 11 february is Melis Jans soon ut supra onthoofd.

1539
ut supra een Jan Hessels soon Kuiper van Dockum uts.

1539

d. 20 september is Jan Sjoerdts wegens verscheidene dieveryen en falciteiten opgehangen.

1539

De 25 october is een Albert van Kardenberg met den sweerde opgehangen.

1539
ut supra gerrit van Boeda uts.

1539
ut supra is Jacob Hermans soon wegens verscheidene dieverijen opgehangen.

1539

d. 8 nov. Syn Douwe Lieuwe soon en Arend Jacobs soon wegens verscheidene dieveryen opgehangen.

1539

De 12 november is Dirk Roeloffs zoon van Zutphen wegens herdopery onthoofd. B. dog uit hoofde van syn verklaring is toegelaten dat hy als een Christen mensche op het gewyde begraven zal worden na het pronuntieren van de sententie egter by syne dwalingen gebleven synde, is hy op het rad geset geworden.

1540

d. 11 may is een Baucke Ricke soon / op lyts verbeurte gebannen wegens overtreding dier sententie onthoofd.

1540

ut supra is een Frans bontje soon wegens een begane manslag onthoofd.

1540

De 16 nov. is een Yoost Steffens wegens kerkeroof op Terschelling opgehangen.

1541

De 22 january is Gerbrant Sytje soon wegens manslag onthoofd.

1541

De 5 feb is Pieter Banche schoenmakers soon wegens overloopen in den dienst en bedelen op de cloosteren onthoofd.

1541

d. 16 february is Thiet Remmolts dogter van Nykerk in Oostdongardeel, wegens het weder leggen van een naakt kind dat naderhand dood gevonden is by de galge verworcht en aan een rad gehangen.

1541

d. 30 may is Douwe van Yrnsum wegens viscatie van bannissement en pleegen van dieveryen opgehangen.

1541

De 15 november is Egbert Aesges wegens overtreding van bannissement onthoofd.

1541

De 19 november is Wybe Googlge zoon wegens geweld aan kloosteren gepleegd onthoofd.

1542

De 11 july is Anske Focke soon wegens vrolatie van het bannissement en nieuwe diveryen opgehangen.

1542

De 6 september zyn Jurjen Pieters van Leckum en Job Willems van Dieveren wegens als voren opgehangen.

1543

De 22 sept. Zyn Jan Colssen en Andries Sierek Tjebbes van Oldeboorn wegens het steelen van een peerd uit de weide te Ysbregtum opgehangen.

1544

Den 26 january is Meymert Ruurdts wegens overtreding van bannissement onthoofd.

1544

De 28 february is Claas Claasen wegens verscheidene dieveryen aan een rad gehangen en verworgt.

1544

De 8 maart is Harmen Pieters wegens dienst nemen onder den troep van Marten van Rossum onthalsd.

1544

De 27 septemb is Hendrik Steekemaker wegens herdopery onthoofd.

1545

d. 7 febr. Is allart Aebes wegens een mandslag onthoofd.

1545

ut supra Lieuwe Lykles wegens violatie van bannissement uts.

1545

ut supra Is Eelke Ripkens wegens violatie van bannissement opgehangen.

1545

De 31 maart is Michel Reynders wegens dootslag van syn huisvrouw met het sweerd gestraft.

1545

d. 18 april is Jan Thys wegens violatie van bannissement opghangen.

1545

De 19 mie is Jancke Heynes wegens manslag onthooft.

1546

De 30 january is Taryn Jacobs wegens manslag onthooft.

1546

De 6 febr. Is Hansken van Wymbrugge wegens gepleegd geweld opgehangen.

1546

De 27 febr. Is Lieuwe Wybes wegens dieveryen, mesuse, en quade feyten opgehangen.

1546

De 18 may is Reynt Doetjes wegens gepleegd geweld op de Cloosters opgehangen.

1546

ut supra knoop van Emmerik uts.

1546

De 31 may is Marten Edes wegens een manslag te Leeuwarden onthooft.

1546

De 4 decemb is Hero Pieters wegens verkragten eener meid en verwonden van een persoon aan de gevolgen dies overleden onthoofd.

1546

De 11 december is Wyke Deurres wegens huisbraak en geweld onthoofd.

1546

D 18 dec zyn Harmen Doetjes en Marten Geerts wegens huisbraak opgehangen.

1547

d. 15 january syn Frans Hermes en Wybrant Hessels wegens huisbraak opgehangen.

 

1547

De 19 february is Yme Sjoerdts wegens dieveryen /zynde hier over reeds eens gegeesselt/ opgehangen.

1547

De 9 july is Foppe Folkerts ut supra gestraft.

1547

Uts. Hans van Banevinkel sosius voor voorf uts.

1547

d. 1 october is Feycke Sapes om bigamie dieverye en geweld onthooft.

1547

d. 3 december is Sytts Sjoerdts wegens dieverye reeds eenmaal gestraft opgehangen.

1548

De 9 juny is Pauwels Jans soon wegens violatie van bannissement onthoofd.

1548

d. 23 january is Hans Doetjes wegens violatie van bannissement en nieuwe dievery opgehangen.

1548

ut supra is Frans Jelles wegens dieveryen opgehangen.

1548

d. 18 july is Ruurt Tjallings wegens dieveryen en het poogen van zelvsmoord opgehangen.

1548

ut supra is Hendrik Abbes wegens geweld en bedelen opgehangen.

1548

De 27 october is Taecke Cornelis wegens gepleegd Kloostergeweld onthoofd.

1548

ut supra Karel Douwes Utsupra

1549

De 27 mey is Lysbet Dirks wegens afval van de Roomsche kerk in het water gezakt.

1549

De 7 juny is Eelkke Foekes wegens ketterije onthoofd.

1549

ut supra is Teye Baukes wegens swaare ketterye gecondemneert om buiten op het galgeveld aan een staak met het vuur geexecuteerd en zyn lighaam verbrant te worden met confiscatie van goederen.

1549

D 15 july is Aarrit Gerrits wegens gepleegd geweld en branddreigen onthoofd.

1549

De 19 october is Bernardus Hoytes wegens brandbrief schyven onthooft.

1549

De 16 november is Ysbrant Scheerjer wegens quade gevoelens van t heylig sacrament en kerke op het galgevelt aan een staak met vuren verbrand.

1549

De 7 december is Tiete Douwes wegens herdopen onthoofd.

1549

ut supra Laurens Tietes uts.

1550

De 12 july is Willem van Leuven wegens manslag onthooft.

1550

ut supra is Claas Stel wegens bedelen op de kloosteren na syn bannissement opgehangen.

1550

De 19 july is Reijn Kempes wegens dieveryen en uitbreken uit het Blokhuis aan de galg gehangen.

1550

ut supra is Peecke Vulckes wegens herdopen en quade gevoelens van t heylig sacrament en kerke buiten op ’t galgenvelt aan een staak met vuur verbrant.

1551

d. 19 sept is Sjoerd Douwes wegens het ombrengen van syn vader gecondemneert by de galge geleit aldaar strengelyk ter bloede gegeesseld daarn syn regter hand afgezet, en met gloeyend yser voor syn voor hooft sestrooken en voorts aan een staak verbrand te worden.

1551

De 20 decemb is Dirk Cuiper wegens herdopery onthoofd.

*1555

De 8 october is Jouw Eelkes wegens dieveryen en violatie opgehangen.

1555

d. 13 decemb. Is Wopke Helms wegens violatie van bennissement opgehangen.

1555

Is Jippe Stepkes wegens dieveryen opgehangen.

1555

De 22 novemb is Tryn Jacobs Wed. wegens quade gevoelens van het heylig scrament in ’t water verdronken.

1555

Is Anna Heynes wegens violatei van ’s hofs bannissement opgehangen.

1555

De 8 october is Jacob Jelles wegens manslag en violatie onthoofd.

 

*1553

De 4 maart is Jacob Evert dogter wegens het vermoorden van haar broodvrouw, op aanstaan van de mane met den vuure geexecuteerd.

1553

De 1 maart is Eds Jans wegens dieverye en brant stigtinge met de sweerde gestraft.

1553

ut supra is Cornelis Jans wegens zeer zware dieverye opgehangen.

1553

d. 22 april zyn Anke Broers en Anke Tjalling wegens herdoperye met den vuure verbrant.

1553

De 13 april is Pieter Wietjes ut supra gestraft.

1553

De 2 mey zyn Beerentje Beerents dogter en Thys Henriks soon wegens herdoperye met het water geexecuteerd.

1553

De 13 mey Schelte Aedels wegens herdopery verbrant.

1553

De 28 juny zyn Heph Jacobs soon Thomas Arents soon en Lourens Claas soon wegens herdoperye met ten vuure verbrant.

1554

De 17 novemb is Aesge Douwes wegens meningvuldige veedieveryen opgehangen.

1554

De 13 decemb. Syn Allart Jans en Anthoon Foekes wegens herdooperye met ten vuure geexecuteert.

1555

De 5 maart is Gielt Eelkes wegens ongeloof en afval voor de tweede maal met ten vuure verbrant en van leevende lyve ter doot gebragt.

1555

De 9 maart is Tryn Jans dogter wegens diversche dieveryen opgehangen.

1555

Den 22 juny is Claas Willems wegens een gepleegde moort met ten vuure levendig verbrant.

1556

d. 19 sept is Hans Hans soon wegens huisbraak ’s nagts gepleegd opgehangen.

1556

d. 28 sept is Jelle Watkies wegens violatie van bannissement opgehangen.

1556

De 14 nov is Attie Gerrits wegens manslag onthoofd.

1557

d. 30 january is Harmen Willems wegens violatie van het bannissement onthoofd.

1557

De 14 maart is Rixt Heyne schuitemakers huisvrouw wegens herdopen en aankleeven der sectarissen metter water geexecuteert en onder de galge begraven.

1557

De 4 feb. Uilkje Ricolts wyf uts

1557

De 27 maart is Wierd Tjeerds wegens manslag onthoofd.

1557

De 6 july is Anske Ebbes wegens veelvuldige begamie en dieverye onthooft.

1557

De 10 july is Focke Rintjes wegens manslag van syn broeder onthooft ’t lighaam op een rad, en ’t hooft op een staak gestelt.

1557

De 17 july is Rienk Sjoerdts wegens zwaare kerkeroof en heiligschennis op het galgevelt syn regter hand afgezet voorts aan een staak geworgt en met vuur verbrant.

1557

De 17 julij isJan Hagen wegens geweld op de kloosters en gedane huis braaken op ’t galgevelt gegeesseld, syn regterhand afgezet en daarna aan de galge gehangen.

1557

ut supra is Anne Uilkes wegens dieveryen opgehangen.

1557

d. 23 octob is Tyampcke Tinckes wegens dieverye van een koe en twee schaapen uit de weyde opgehangen.

1558

d. 19 maart is Tjepke Jans alias oude cramp wegens bedelen op de cloosters en brand dreigen onthooft.

1558

De 25 juny is Hendrik Pieters wegens onderscheidene feiten opgehangen.

1558

De 1 july is Pieter Micheils wegens huisbraak en branddreigen opgehangen.

1559

d. 25 feb. Is Willem Hilbrants wegens indringen in huisen (?) snagts en gedane dreigementen en dieverye aldaar opgehangen.
Schotanus pag:707
Winseminus--- 19

Gabbema ------387

1559

d. 16 maart zyn Jacques Doussy, Hendrik Euwess en Claeske Gaeles 3 gevangen wegens herdopery en quade gevoelens van de Christen kerk met het water geexecuteerd en de goederen verbeyrd verklaard.

1559

De 10 juny is Eeuwe Barents wegens slaan in de kerke van Rottum onder den godsdienst en gepleegd geweld onthoofd.

1559

d. 30 septemb is Taede Ruurdts als fauteur van de unebaptisten ketters en sectarissen onthoofd.

1560

d. 28 novemb is Hancke Taekes wegens diverse diveryen en bedelen op de kloosteren en huisluiden opgehangen.

1560

ut supra zyn Otte Reyns en George Fransen wegens gepleegd geweld s avonds en een huis en gepleegde dieverye opgehangen.

1560

d.21 maart is Wipe Gerckes wegens een manslag aan de grietman van Hasscher vijfgaa onthoofd.

1561

De 18 novemb is Aebe Wopckes wegens gepleegd geweld onthoofd.

1561

d. 16 decemb is Luc van Munsterbilsen wegens gepleegd geweld aan de huisluiden gepleegd opgehangen.

1562

d. 9 febr. Is Tjalling Sybes wegens veedievery en huisbraak met den vuure geexecuteert.

1562

d. 26 feb. Is Sytje Wybrants wegens het trouwen van vier vrouwen en spolieeren van haar goederen eerst de regter hand afgeset en voorts opgehangen.

1562

d. 20 October is Harmen Rycx wegens kerkedievery en braak opgehangen

1562

d. 9 Novemb is Folkert Jeltes wegens vele diverse dieveryen opgehangen

1562

uts. Tryn Jeltses wed wegens vele en diverse dieverijen, metsgaders het aanzetten harer kinderen daartoe, opgehangen.

1563

d. 8 Maart is Taeke Eyses wegens violatie van banissement opgehangen.

1563

de 8 Mey is Atte Hayes wegens sodomie met een koe metter vuure geexecuteerd.

1563

d. 25 Mey is Tjebbe Rompts wegens assistentie en hulpe van een moordenaar en resistentie aan het Geregt onthooft.

1563

uts. Hendrik Bonifacius wegens geweld op de cloosteren utsupra gestraft.

1566

De 12 October is Berent Gerrits wegens een moort onthooft.

1567

d. 4 October is Pieter Anes wegens vrolatie van bannissement opgehangen.

1568

d. 11 Mey is Roelof Geerts wegens peerdedieverij opgehangen.

1568

d. 29 Mey is Rippert Feykes wegens vele dieverijen opgehangen.

1568

de 2 Juny sijn Ane en Poppe Jans wegens diverse dieverijen opgehangen.

1568

de 14 July is Meynert Hendriks wegens moord onthoofd.

1568

de 23 November is Thomas Bouwes wegens dienst nemen onder de vijanden en Rebellen, en het voeren van wapenen tegen Sijn Majesteit den Koning onthoofd, en Sijne goederen verbeurd verklaard.

1569

d. 15 January is Hylke Martens wegens aannemen van knegten voor de vijanden en rebellen ut supra gestraft .

Deze Gev. Staande voor den volle Raad om Sententie te aanhooren heeft aldaar Audientie verzocht, en hetzelve bekomen hebbende eenige Sijner medemakkers ontschuldigt.

1569

de 22 Maart is Egbert Fockes wegens dienst nemen onder ’s Majesteits vijanden en wapenen voeren tegens dezelve onthoofd.

1569

d. 30 April is Enno Jansen wegens overtreding van bannissement volgens Dententie van 18 July 1562 onthooft.

1569

d. 13 Septemb. Zijn Cornelis Driessen, Marten Bouwels en Claas Jacobs als knevelaars geworgt en voorts met ten vure geexecuteert.

1569

d. 1 Octob. Is Tjaardt Gielts wegens overtredinge van een Sententie, waar bij hij door de Hertog van Alva uit deese Nederlanden gebannen was, onthoofd.

1569

ut supra Fedde Hessels uts.

1570

d. 26 January is Reint Jans dogter wegens overtreding van een Sententie van bannissement opgehangen.

1570

ut supra zijn Jan Hendriks en Tetthie Rienks wegens overtreding van een Sententie van eeuwig bannissement door de Hartog van Alva tegen hun geweld onthoofd.

1570

d. 31 Jan. Is Claas Pieters wegens overtredinge als voren en zich weder bij de knevelaars en Sijne Majesteits vijanden te water en te lande te voegen onthoofd ’t lighaam in vier quartieren op een Rad gehangen.

1570

ut supra is Auke Sjoerdts ter Sake hij zig begeeven had en de hoop van Sijn Majesteits Rebellen en aldaar gedient als lijfjonge van Homme Camstra onthooft, met confiscatie van goederen.

1570

d. 15 July is Giolte Renthies wegens dienstnemen onder de Rebellen van Sijn Majesteit onthooft en de goederen verbeurt.

1570

ut supra is Sijbe Joachems wegens overtreding van bannissement door den Hertog van Alva opgelegt onthooft.

1570

ut supra is Pieter Pieters wegens gepleegd geweld en overlast aan de huislieden onder voorgeeven van Commissie te hebben, zulks te mogen doen onthoofd.

1570

d. 26 Septemb. zijn Juw Tames, Dirk Doekes, Jan Schroenink, Pieter Taekes, Pieter Riemers wegens huidbraaken en kerkeroverijen gecondemneert om aan een paal gebonden met een gloeijende tange driemaal in sijn lighaam genepen, voorts geworgt en daarna met vuur verbrant en geexecuteerd te worden, met confiscatie van goederen.

1570

de 27 Sept. Is Gerke Sijtjes wegens overtredinge van de Sententie van bannissement van de Hertog van Alva opgehangen.

1570

de 30 Sept. Is Hebel Jelles wegens dienst neemen onder de vijanden en Rebellen onthoofd.

1571

d. 10 Febr. Is Tjeerd Geerts favoriteerende en corresponderende met de Rebellen onthooft met confiscatie van goederen.

1571

de 28 April is Hylke Gerbrants wegens gepleegd geweld en dieverij ten huize van Hessel Robijnsen te Terwolde opgehangen.

1571

de 5 Mey zijn Jacob Jacobs en Jacob Quirijns van Lijden wegens zeeroverij en gepleegd geweld tegens dese landen en Ingesetenen van dien onthoofd, de lighamen op een Rad en de hoofden op een staak gestelt met confiscatie van goederen.

1571

d. 5 Mey Albert van Jeveren uts.

1571

d. 8 Mey Derk Hendriks van Hoorn Jacob Lieuwes van Amsterdam uts.

1571

d. 14 July is Sijtje Heeres wegens dieverij en gedane bedreigingen van huis en hof te verbranden opgehangen.

1571

d. 4 Aug. Is Uilcke Tjebbes wegens dienst nemen onder Graaf Lodewijk Zeeroverij, Kerkeroof opgehangen met confiscatie van goederen.

1571

d. 12 October is Douwe Lieuwes/ die bij Sententie van den Hoogweerdigen Heer Bisschop van Leeuwarden en opinien en dolinge van de heilige Kerke hardtnekkig en de een ketter te weesen en de voor een sulken hem gevangen gelaten heeft in de wille en de hand van de Wereltlijke justitie, om daar mede na Regten te handelen/ verdronken en de goederen verbeurd verklaart.

1571

d. 27 Septemb. is Aene Louwrens wegens vrolatie van bannissement en nieuwe dieverij opgehangen.

1571

de 22 Deceb. Is Sijbrant Derks wegens gelt afvorderen bij nagt en ontijden opgehangen.

1572

d. 26 January is Ruurdt Jans van Nijezijl wegens een voorbedagte omgang en conversatie met de Rebellen en zeerovers met den zweerde geexecuteert.

1572

de 31 January is Gerben Gerrits wegens ontvangen en logeeren van Hartman Honckes en eenige sijner complices,/ zijnde principale knevelaars/ onthooft.

1572

d. 31 January is Sijtkie Feddes wegens medepligtigheid aan de knevelargen van Hartman Honckes te IJrnsum bij Leeuwarden omtrent cambuir, Uitwellingergaa en anders opgehangen.

1572

d. 12 Febr. Is Claas Hillebrants dienst genomen hebbende onder de Rebellen en knevelaars en helpen uitvoeren hunner daden geraabraakt en t lighaam op een Rad gestelt, met confiscatie van goederen.

1572

ut supra Riemer Feijtes wegens eijgenhandig tekenen van dienstnemen vader Hartman Houckes uts.

1572

de 2. Octob is Epe Herkes wegens dienst nemen onder de Rebellen en helpen inneemen van Slooten opgehangen met verbeurt verklaringe sijner goederen.

1572

uts. Marten Sikkes/ bij Sententie van den Hove voor altoos gebannen bij verbeurte van sijn regterhand/ wegens overtredinge van die Sententie en dienst nemen onder de zeerovers en geusen opgehangen met verbeurt verklaringe van goederen.

1572

d. 21 Octob. Zijn Hette Bruinsma en Cent Jacobs Smit wegens overtreding van bannissement van de Hertog van Alva, onthooft.

1572

Uts. Zijn Cornelis Lourens, Hylcke Oenes, Hendrik Jans en Sijbaut Dirk wegens dienst nemen onder en helpen en logeeren van Sijne Majesteits Rebellen en vijanden opgehangen met confiscatie hunner goederen.

1572

de 22 Octob. Zijn Oene Gerrits en Hans van Holsten wegens dienst neemen en adsisteren van Bennert Roorda Zeerover en Geweldenaar, opgehangen.

1572

d. 27 Octob. is Sjoerdt Hessels wegens dienst neemen onder Sicke Tiessens een van de Hoplieden der Rebellen opgehangen met verbeurt verklaringe van goederen.

1572

d. 13 November is Jan Hendriks wegens dienst nemen onder de Rebellen en wapenen voeren tegens sijn natuurlijke Heere en Prince opgehangen met confiscatie van goederen.

1572

d. 4 December sijn Sjoerdt Pieters en Douwe Jets wegens dienst neemen onder de Rebellen opgehangen, met confiscatie van goederen.

1572

d. 13 Dec is Pieter Thijssens wegens provianderen van der Rebellen Schanse op de Rijp onthoofd.

1572

Uts. Is Thomas Jacobs wegens dienst nemen onder de Rebellen onder ’t vendel van Tete Hettinga onthooft.

1572

d. 20 Deceb sijn Tocke Wijgers en Wijbe Harmens wegens dienst neeemen onder Sijn Majesteits Rebellen onthooft, met confiscatie van goederen.

1573

De 3 January sijn Jan Martens, Teetke Lieuwes , Louw Tjallings en Aarndt Stuis wegens dienst neemen onder de Zeerovers onthooft en de lighamen op een Rad gestelt met verbeurd verklaringe van goederen.

1573

Uts. Wijbe Wijbes wegens utsupra opgehangen.

1573

d. 5 January sijn Jan Herkes en Lourens Martens wegens utsupra onthooft met confiscatie van goederen.

1573

d. 24 January zijn Jacob Dirks en Jan Willems wegens ut supra onthooft.

1573

d. 27 January zijn Jan Gorijssen en Jan Cents wegens ut supra onthooft.

1573

d. 5 Mey Lodewijk Jacobs uts.

1573

d. 30 Mey Claas Claasen Crioul wegens uts. Onthooft.

1573

d. 6 Juny Jochum Sjoerdts uts.

1573

d. 20 Juny Tjepke Jans wegens ut supra opgehangen.

1573

d. 14 July Jacob Nammes en Claas Jans onthooft, de lighamen op een Rad, de hoofden op een Staak gestelt.

1573

de 16 Septemb ’s Anne Douwes van Hoornsterswaage wegens een manslag onthooft.

1573

uts. Rintje Anckes wegens dienst neemen onder de Rebellen onthooft.

1573

d. 10 October zijn Ruurdt Lamberts, Cornelis Willems, Willem Titus, Andries Sijmons, Herman van Coelen, Jacob Paar en Derk Rogge wegens dienst nemen onder de Rebellen onthooft met confiscatie van goederen.

1573

Uts. Andries Bergerhoff uts.

1573

d. 17 Octob is Jan Reijners wegens peerdedieverij opgehangen.

1573

Uts. Thomas Gerrits wegens dienst neemen onder de Rebellen opgehangen met confiscatie van goederen.

1573

de 14 Novemb is Schelte Scheltes wegens dienst neemen onder de Rebellen opgehangen.

1574

d. 23 January Sijbren Buwes uit de Hommerts wegens als boven met het water geexecuteert.

1574

d. 16 Feb is Roelof Roeloffs wegens veedieverij opgehangen.

1574

d. 6 Maart is Wolter Dirks wegens dienst neemen onder de Rebellen onthooft met confiscatie sijner goederen.

1574

d. 23 April is Reitse Aijses/ door den Bisschop van Leeuwarden ketter verklaard,/ met het water geexecuteerd.

1574

d. 24 April sijn Dirk Keimpes en Wigle Popkes wegens huisbraaken en dieverijen opgehangen.

1574

Uts. Hessel Derks wegens dienen onder de Rebellen, onthooft en sijne goederen verbeurd verklaart.

1574

ut supra Jeltze Piers wegens ut supra opgehangen.

1574

ut supra Marten Synes wegens huisbraak opgehangen.

1574

d. 25 Mey zijn Bauke Pieters en Hendrik Pieters wegens knevelary onthooft.

1574

ut supra Rienk Rennerts utsupra opgehangen.

1574

d. 19 Juny is Jan Schuttenk wegens een verraderlijke manslag op een horden langs de straat gesleept voorts oonthooft, ’t lighaam op een Rad, ’t hoofd op een Staak gestelt.

1574

d. 24 Juny is Claas Bernardus wegens dienst nemen onder de Rebellen onthooft ’t lighaam op een Rat en het hoofd op een Staak gestelt.

1574

d. 15 July is Goetje Goetjes wegens geweld op publicque heerenwegen en huisbraak by nagt onthooft.

1574

d. 16 September is Hendrik Pieters wegens dienst nemen onder de Rebellen opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

d. 18 Sept. zijn Frederik van Wirdum en Pieter Jans van Tjum wegens dienst nemen onder de vrijbuiters en knevelaars opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

uts. is Heere Andries van Menaldum wegens het dragen van brandbrieven opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

d. 9 Octob. is Hinne Helles van het Nieuwlant wegens knevelarij, spolieren van kerken, het wegvoeren by nagt van de Grietman van Utingeradeel Andreas Gryp gecondemneert om aan een paal gebonden met een gloeyende tange driemaal in sijn lighaam gekneepen, voorts aan de zelve paal geworgt, het lighaam op een Rad gestelt te worden.

1574

de 16 Octob. is Cryn Cornelis wegens gepleegd geweld gepaard met branddreigen opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

d. 23 Oct zijn Tjerk Teykes en Frederik Tjeerds wegens dieverije by nagt gepleegd ten huize van Poppe van Bourmania onthooft.

1574

d. 27 Novemb is Rijk Andries Lieutenant van Lambert Caal onder de bestellinge van Syn majetsRebel Doeke van Martena wegens gepleegde knevelaryen opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

d. 28 Nov. is Joost Wolff wegens dienst nemen onder de Rebellen onthooft.

1574

d. 4 Decemb Evo Tjeerdts wegens ut supra onthooft.

1574

d. 4 Decemb. is Gabbe Jans wegens dienst nemen onder de Rebellen opgehangen met confiscatie van goederen.

1574

ut supra Wybe Gerrits uts.

1574

d. 20 Decemb zyn Tjebbe Foekes en Uilke syn huisvrouw wegens logeeren en herbergen van Hartman Houckes en andere knevelaars 24 waren voor de Grietman van Oldeboorn van het bedde geligt is de eerste onthooft, en de tweede opgehangen.

1574

de 23 Decemb is Jorryt Andringa alsmede schuldig aan het opligten van de Grietman Andries Gryp van Oldeboorn, onthooft.

1575

de 26 February zijn Douwe Hoytes, Gerrit Jans en Steffen Visser als knevelaars onthooft de lighamen op een Rad de hoofden op een Staak met een galge daarboven.

1575

ut supra Claas Claasen utsupra.

1575

d. 3 Maart syn Rienk Baukes Jouke Hillebrants, Hendrik Symons en Jan Ankes als voorname knevelaars onthooft de hoofden op een Staak en de lighamen op een Rad met een galg daarboven en drie kneppels aan het vat gehangen te worden.

1575

de 31 Octob is Claas Vondelyn wegens diversche dieveryen onder anderen van seeker paard opgehangen.

1575

d. 19 Novemb is Thyman Wybrants wegens dienst nemen onder de knevelaars en piraten en helpen uitvoeren hunner misdaden opgehangen.

1575

d. 3 Decemb. is Frans Paters wegens als voren onthooft.

1575

ut supra Zyn Evert Jacobs en Hayke Gilles wegens steelen van twee peerden uit de weyde opgehangen.

1576

d. 30 Juny is Pieter Baukes wegens het dienen onder de vyanden en Rebellen onthooft.

1576

d. 11 Septemb syn Pier Hylkes en Pierre Godin wegens als voren opgehangen met confiscatie van goederen.

1577

d. 27 Maart is Lieuwe Pieters alleen wegens violatie van banissement van 10 jaren opgehangen.

1577

ut supra is Jan Symons wegens violatie van twee banissementen/zijnde ook reeds en bij den Hove en by ’t Gerechte der stad Leeuwarden wegens dieveryen gegeesselt / en pogingen van nieuwe huisbraken opgehangen.

1578

de 16 Maart is Hendrik Coops wegens ombrengen van syn swager Kerste Folkerts onthooft.

1578

d. 16 Maart zijn Barent Coerssen, Gerlof Jans, Reyner Fredriks en Coert Rutgers wegens steelen van diversche schaapen opgehangen.

1579

de 14 Maart is Dirk Jans soon wegens een gepleegde moort onthooft ’t lighaam op een rad en het hoofd op een staak gezet.

1579

d.18 July is Wilcke Hessels wegens bedelen, steelen, knevelen roven en gewelt met overspel en vrouverkragtinge gepaart onthooft, het lighaam op een rad en het hoofd op een staak gestelt en met een galge daarover bekleed te worden anderen ten spiegel en exempel.

1579

d. 8 Augustus is Dirk Ottes wegens huisbraaken steelen rooven en binden der persoonen utsupra gestraft

1579

ut supra Douwe Berends /socius van voorn Dirk Ottes/ onthooft dog het lighaam door speciale gratie van de welgeboren onsen Gen en Heere den Stadhouder op het kerkhoff ter begravenisse bestelt.

1580

d. 6 July zijn Janke Synes van Arum en Jelle Haayes van Lutjegaast wegens huisbraak bij nagt en binden der personen en steelen der goederen onthooft de lighamen op een rad en de hoofden opeen staak gestelt.

1580

d. 8 Octob sijn Pieter Sickes en Pieter Jurjens wegens gepleegde gewelten en baldadigheden onthooft en de lighamen begraven.

1580

d. 8 October is Joannes Joannes van Grouw wegens gepleegd geweld en branddreigen onder Warga aan de galge binnen Leeuwarden opgehangen en na verloop van twee uuren van dezelve afgenomen en buiten aan de nieuwe steenen galg weder opgehangen.

1580

d. 26 Novemb is Douwe Wopkes wegens begane manslag en huisbraak onthooft en `t lighaam op `t kerkhof begraven.

1581

d. 13 Mey is Hottze Eybert met een bloot mes in sijn regter hand door sijn moeder aangegreepen en met haar gevallen sijnde en daardoor haar een wonde / waarvan zij kort daarna gestorven is/ toegebragt hebbende in haar regter borst bij de hals, verders wegens dienst neemen onder de vijant en helpen wegvoeren van de Grietman van Ooststellingwerf, Joannes ter Wissche, onthooft, zijn regter hant afgehouwen, `t hoofd op een staak `t lighaam op een rad en de hand daaraan gestelt.

1582

de 20 May is Schelte Sickes wegens begane moord te Leeuwarden in de hoogstraat omtrent Kammingahorn aan de persoon van Wybe Attes onthoofd, en het lighaam uit sonderlinge gratie het kerkhof gegunt.

NB. bij deese sententie is men begonnen regt te doen in den naam en vanwege de heerlijkheid van Friesland

1582

d.26 Mey is Jarich Hayes wegens een begane manslag op munnekezijl onthooft, en het lighaam uit sonderlinge gratie begraven.

1583

d. 8 April is Janke Bottes wegens omgang en plegen van daden met de vijanden onthooft, dog `t lighaam met sonderlinge gratie en voorbede van goede burgers op `t kerkhof begraven.

 

1584

d.27 Maart zijn Haye Harmens en Lieuwe Wattzes wegens huisbraken, dieverijen en publieq geweld opgehangen.

1584

de 9 Mey is Jan Harings den 12 November 1583 wegens het gebruiken van valsche namen en practijken te pronk gestelt en gebannen/ wegens overtredinge dier sententie onthooft.

1584

d. 8 Decemb sijn Wijpcke Tjaerdsma, Claas Reyns, Gerrit Arents Reijd Hommertsma, Doede Hotjes, Jan Nijkerk, Willem Hendriks en Claas Hartman wegens vijandelijke invallen in dese provintie onthoofd ende lighamen het Kerkhoff gegund.

1584

d. 19 Decemb is Wolter Willems wegens bedelen brand dreigen of den roden haan over het huis en hoft te willen doen Kraaijen opgehangen.

1585

de 11 Decemb is Jan Cornelis wegens een gedaanen manslag onthooft en ’t lighaam de begrafenisse gegunt.

1585

ut supra is Sippe Aenes wegens begane manslag onthooft uts.

1585

ut supra Sjoerdt Taeckes wegens een manslag aan de executeur van Leeuwarderdeel en het execeeren sijner Commissie begaan uts.

1585

d. 24 Decemb is een Jan Cornelis alias Jan Stantvast wegens dienst nemen en ’t doen van vijandelijke invallen en wegvoeren van een persoon Sampt Steelen onthooft en voorts begraven.

1586

d. 2 Maart is Yge Feddes / synde volgens sententien van de 16 maart 1582 en 3 juny 1585 reeds tweemaal gestraft / wegens violeeren van syn banissement en dienst nemen en helpen uitvoeren van vijandelijke invasien, onthooft, het hoofd op een staak gestelt en ’t lighaam begraven.

1586

d. 7 decemb zijn Coenraad van Borholt en Bastiaan Turelle wegens invasien in dese provintie onthooft de lighamen begraven en de hoofden op staeken gestelt.

1587

d.8 april is Hendrik Geerts wegens een begane manslag te Leeuwarden onthooft.

1587

d.6 july is Michiel Lauterbech wegens een verraderlyke aanslag op het leven van Graaf Willem Lodewyk en het overleveren der Stad Leeuwarden aan den vyand, onthoofd, ’t lighaam in 4 quartieren gedeelt en alzoo ten spectacle gestelt.

1587

d.16 sept is Sierks Pieters wegens wegvoeren van personen en peerden na de vyant onthooft, ’t lighaam begraven en ’t hoofd op een staak gestelt.

1588

d.25 meij is Pier Hopkes wegens een verraderlijke aanslag op slooten en begane manslag onthooft.

1588

d.juny is Homme Jelmers als schipper een der scheepen seillende voeren waarmede voornoemde aanslag zou gebeuren onthooft.

1589

d.15 nov. Is Joost Jelgers wegens begane manslag onthooft.

1590

De 24 dec. Is Jan Symons wegens nederslag aan een persoon en gedane pogingen aan anderen zo wel op publicque weegen als in huisen mits gaders wegneemen van een peert, onthooft en ’t lighaam begraven.

1591

d. 30 January is Holke Goffes wegens een begane moort met een daartoe expres geplaatst schietgeweer, onthooft, en ’t hooft met het geweer op ’t Rad gestelt en het lighaam begraven.

1591

d. 7 Febr. is Romke Iedes wegens een begane manslag met een mes onthooft, en ’t lighaam begraven.

 

 

1591

d. 2 Octob. is Harmen Gosses wegens een begane moort onthooft ’t lighaam op een Rad en ’t hooft op een Staak gestelt.

1592

d. 18 Maart is Jacob Ysbrants wegens eene door hem mede gepleegde moort aan de Preedicant van Deynum op de Heereweg na Ritsumazyl gerabraakt, en ’t lighaam op een Rad gestelt.

1592

d. 15 July is Jeannes Birdis wegens pleegen van onderscheidene vyandelyke daaden onthooft.

1592

d. 7 Octob is Thymen Claas wegens een begane moort den 14 Sept. op Bergumer Jaarmarkt onthooft.

1592

d. 21 Octob. is Douwe Sybes wegens wegvoeren van eenige ingezetenen na de vyant als een knevelaar onthooft.

1592

uts. Lambert Hoytes socius van bovengenaemde uts.

1592

d. 23 Novemb is Jacob Sybrants wegens knevelarye en begane manslag onthooft.

1593

d. 22 Septemb is Hardt Jacobs wegens een begane manslag onthooft.

1593

d. 7 Nov. syn Hans Bout, Jan Huberts, Wendel Timmerman, Jurjen van Bylevelt en Hans Straal wegens wegvoeren van eenige Ingeseetenen na de vyant, opgehangen.

1593

d. 26 Octob. is Frans Balma zig uitgevende voor een Heyden wegens het plegen van groote moetuille te Wierum onthooft, en ’t hoofd op een staak gesteld.

NB. In deese zelvde Sententie is één sijner complicen gecondemneert tot geesselinge brantmerk, één om de executie aan te sien en verscheydene gebannen.

1594

d. 17 Decemb zijn Tjaardt Epes van Irnsum, Wytje Claas van Grouw en Botte Bottes van de Joure wegens gepleegde huisbraak binden der bewoners en steelen der goederen / hebbende de laatste achterhuid op schiedwagt gestaan / onthooft, de hoofden op staaken en de lighamen op Raderen gestelt.

1595

d.19 july is Bauke Jans wegens begane manslag te Bolsward onthooft.

1591

d.22 novemb is Joannes Joannes wegens een begane dootslag aan syn huisvrouw onthooft, ’t lighaam op een rad en het hooft op een staak gestelt.

1596

d.22 juny is Piecke Oltgers wegens begane moord aan zyn beide schoonouders eerst de regterhand afgehouwen en voorts gerabraakt en het lighaam onder de galg begraven.

1596

d.25 septemb is Bauk Heeres wegens het vergiftigen van bry waarvan haar broodvrouw met haar vrinden en kinderen souden eeten en werkelijk gegeeten en siek geworden syn en waarvan het jongste kind gestorven is, gecondemneert buiten de stad op de Galgeberg aan een paal gestelt twee maal met een gloeyende tange gekneepen voorts verworgt en tot pulver verbrant te worden.

1596

Zie sande L.i T.i def6.

d. 27 novemb is Bauk Geerts wegens twee op ’t Ameland gepleegde moorden onthooft, ’t lighaam begraven, en ’t hooft op een staak gestelt.

1597

d.25 junij is Eede Romkes hebbende zig met syne complicen van het veerschip van Amsterdam op Staveren zocht meester te maken om ’t zelve vervolgens met de goederen en passagiers in vyandts handen te leveren onthooft, ’t hooft op een staak en het lighaam op een rad gestelt.

1597

ut supra Jouw Buwes Socius van bovengemelde onthooft, dog het lighaam uit gratie begraven.

1597

d.2 july is Pieter Beyma wegens dieverye van verscheyden peerden en huisbraak en dieverye tot Barrahuis onthooft.

1597

De 15 july is Joseph Heeres Galema/ reeds eenmaal gestraft wegens opligten en wegvoeren van ingeseetenen na de vyant onthooft.

1597

d.19 novemb is Pieter Wolters wegens pleegen van verscheidene enorme dieverijen, bedriegeryen en uitbreeken uitd e gevangenisse, opgehangen en uit gratie de vrienden vergunt ’t lighaam wederom van de galge te neemen en te begraven tot hun kosten.

1597

d.17 Decemb is Pieter Jans wegens gepleegde huisbraak mishandeling van persoonenen en dieverye onthooft.

1598

d. 20 septemb zyn Baltus Wasner en Jacobina Jans wegens begane bloed schenden als stiefvader en stiefdogter /zynde haar moeder nog in leven/ hebbende zy ook eenige middelen gebruikt van hare vrugt/gelijk ook gebeurd is/ te verdyven/beide met den sweerde geexecuteerd.

1599

d. 14 july is Berent Jans wegens overtredinge van bannissement opgehangen/als zynde sulks by poene van de galge geschied/

1599

d. 8 septemb is Jeltje Pauwels wegens bloed schande met zyn stiefdogter/by het leven van zyn huisvrouw en haar moeder/onthooft.

1599

d. 8 sept is Jan Gerrits van Surl by poene van de galg gebannen synde wegens overtreding dier sententie opgehangen.

1599

d. 15 septemb is Tiete Pieters wegens begane manslag met den sweerde geexecuteerd.

1599

d. 29 septb. Is Haye Tjeerdts/reeds tweemaal wegens dieveryen gebannen en gegeeselt synde/voor de derde maal wegens besteelen van een huis en bleek onthooft.

1599

d. 1 decemb is Hendrik Jans van Bremen wegens vrolatie van bannissement opgehangen.

1599

d. 20 decemb is Zacharias Harings wegens overtreding van bannissement op poene van de galge en begaan van een nieuwe huisbraak opgehangen.

1601

d. 27 juny is Claas Sybes alias Spekdobbe wegens overtreeding van bannissement opgehangen.

1603

d. 5 febr. Is Damus Folkerts Tingü wegens een begane manslag onthoofd.

1603

d. 21 mey is Jan Syes van Harlingen wegens gepleegde huisbraak en verscheidene daveryen opgehangen.

1603

d. 8 october is Jan Jochums wegens begane nederslag onthooft.

1604

d. 8 september is Marten Jans van Dantzig wegens gepleegde huisbraak en overtreeding van bannissement opghangen.

1605

d. 26 january is Sjoerd Jans van Nieuwland wegens twee begane manslaagen onthoofd.

1605

d. 11 Mey is Tjerk Claas van Holwert wegens een begane manslag aldaar onthooft.

1605

d. 15 juny is Jan Fransen alias Kiewyt wegens overtredinge van bannissement en nieuwe dieveryen opgehangen.

1606

d. 7 juny is Ate Riemers Splinter wegens een begane manslag op de Snellemerkt by Bethlehemmer meulen onthooft.

1607

d. 28 feb. Is Feddrik Pieters wegens een begane manslag onthoofd.

1609

d. 1 april is Lysbet Henrix alias Griet van Hamborg wegens twee foudige overtreeding van ’s hofs bannissement, opgehangen.

1609

d. 23 sept is Hans Jacobs uit Sweeden wegens overtredinge van bannissement en gepleegde huisbraak opgehangen.

1611

d. 13 april is Gerrit Meynerdes wegens huisbraak en doodslag onthooft.

1612

d. 5 sept is Hermen Coerts van Norden, zynde een leproos, wegens begane moort onthoofd.

1613 Zie sande

d. 11 decemb is Rinnert Rinnerts wegens begane manslag met een mes, onthooft, zynde nog maar 19 jaren oud.

1614

d. 16 july is Tjeerd Piers van Leeuwarden wegens een begane manslag onthooft.

1614

d. 26 nov. Is Jan Thoms van Leeuwarden wegens gepleegde huisbraaken opgehangen.

1614

Uts. Wybe Aeles van ’t Heerenveen uts.

1614

d. 3 decemb. Rintje Tocerx, alias kleyn profijt van Dokkum uts.

1615

d. 14 octob. Is Meint Bontjes wegens een begane manslag onthooft.

1615

d. 25 nov. Is Pieter Heins wegens verscheidene huisbraken opgehangen en ’t lighaam de begravenisse gegunt.

1616

d. 27 april is Berend Roelofs Smid wegens manslag onthoofd.

1616

d. 28 sept. Is Uble Ubles wegens een begane manslag onthooft.

1618

d. 7 febr. Is Jedtse Jochums wegens een begane manslag onthooft.

1619 z.Hub ?

d. 16 maart is Cornelis Fuyck synde een student gelyk uit Ferwerda op het geslagt Ailva geblykt wegens begane manslag aan de Ritmeester Antoon van Ailva te Leeuwarden onthooft.

1620

d. 19 Febr. Is Thomas Louws wegens overtreeding van een Sententie by halsstraffe d.dato d. 10 july 1819 onthoofd.

1621

d. 24e maart is Ede Romkes wegens overtreding van eene hofs sentie en ’t plegen van nieuwe moetwilligheden onthoofd. NB. En vermits de Ger. Op de Rolle onder ’t voorleezen der sententie zeer smadelyk van de justitie en Hren van den Hove sprak is geordonneert dat ’t lighaam by de galge zoue worden begraven en ’t hoofd aldaar ten spiegel op een staake gestelt.

1621

d. 30 juny is Albert Goortsens wegens een begane manslag onthooft.

1621

d. 4 aug zyn Herman Jans, Rommert Sibrands, Lambert Tydhoff Gerrit van Alten, Hendrik van Boorn en Boele Lammerts, wegens wegvoeren van ingesetenen na de vyand onthooft en de hoofden by de galg op staaken gestelt.

1621

d. 15 Sept. is Sibrand Wopkes van Schoterveen wegens manslag onthoofd.

1621

d. 15 Sept is Herman Andries wegens overtreding van banissement by poene van de galge en plegen van een nieuwe diefstal / zynde ontertusschen in Holland op drie differente plaatsen gegeesselt en gebrandmerkt / opgehangen.

1621

d. 20 Oct is Fredrik Ulbes wegens een begane manslag onthooft.

1621

d. 17 Nov. is Douwe Harmens / hebbende de eene in plaats van een ander doorgestoken / onthooft.

1622

d. 21 Sept is Wymer Tjebbes wegens een begane moort onthooft en ’t hooft by de galge aan een staak gestelt.

1622

d. 21 Sept is Auke Hendriks wegens het vergeven van haar man en ’t pleegen van overspel by de galge in een sak verdronken.

1623

d. 29 Maart is Dirk Etes van Bosum wegens doodslag onthoofd.

1623

d. 5 July is Reymer Thaas wegens een begane manslag onthoofd.

1623

d. 4 Oct. is Harmen Jans wegens overtreeding van banissement en pleegen van nieuwe dieverye opgehangen.

1625

d. 5 Febr. is Lucus Alberts van Tjummarum wegens manslag onthoofd.

1625

d. 9 July is Aantze Jochums wegens manslag onthoofd.

1625

d. 3 Decemb is Dirk Jans van Wienieterp wegens een begange manslag en het schrijven van brandbrieven, op de gerechtsplaats buiten de stad aan een staak geworgt en voorts het lighaam met de vuure verbrandt.

1525

d. 10 Decemb. is Claas Freerx van Schiltwolde wegens het steelen van een peert en gepleegde insolentien en moetwillig heden onthooft en het lighaam de begravenisse gegunt.

1626

d. 11 Febr. is Meye Solkes wegens herhaalde veedieveryen onthooft.

1627

d. 17 Maart is Rippert Jelles van Bolswaard wegens seditie onthooft.

1627

eod: dato Beerend van Bolswaard uts.

1627

d. 6 Oct Philips Philips van Bolswaard uts.

1628

d. 5 July is Heyn Harckes wegens een begane manslag onthooft.

1628

d 12 July is Jelle Sjoerdts / reeds verscheiden malen gestraft / wegens overtredinge van banissement en helpen steelen van eenige goederen opgehangen.

1628

d. 19 July is Pieter Keympes van Holwert wegens overtreeding van banissement opgehangen.

1629

d. 11 July is Harmen Heyns van Dronryp wegens een begane manslag in de herberg te Franeker, onthooft.

1629

d. 19 Decemb is Carst Jans van Eydersteed / die de 14 Nov. wegens gepleegde veedievery gegeesselt, gebrandmerkt, en ten eeuwigen dage gebannen was / wegens violatie van banissement en gepleegde veedievery opgehangen.

1631

d. 13 Febr. is Intse Preekes van Hylaard wegens herhaalde en verscheydene dieveryen onthooft.

1631

d. 28 Mey zijn Jan Hendriks en Jan Hoytes beide van Sondel wegens huisbraak, en diefstal en veedievery onthooft, en ’t hooft op een staak gestelt.

1631

d. 16 July is Harmen Boeyes wegens het maken en uitgeeven van valsch geld onthooft.

1631

d. 1 October zyn Merk Sybrants en haar dogter Griet Sybrants wegens het ombrengen van een kind, waarvan de dogter in stilte bevallen was, beide by de galge en het water verdronken en versmoort.

1631 Sande L.5.T9 Def14.

d. 19 Nov. is Biecke Hylkes wegens een begane manslag onthoofd.

1632

d. 22 Dec is Broerke Martens wegens overtreding van banissement onthooft.

1633

d. 16 Febr. is Evert Sjoerdts wegens een begane manslag onthooft.

1634

d. 8 Febr. is Jelle Sjoerdts van Dockum wegens twee begane nederslagen onthooft en het hoofd ten spectacule op een staak gestelt.

1635

d. 7 Febr is Stoffel Jurjens Glasemaker van de Joure wegens het schrijven van onderscheidene brandbrieven verzeld met veelerhande geweldige geldafpersingen op de gerechtsplaatse buiten de stad aan een staak vastgemaakt, geworgt met vuur verzengd, en voorts ten spectacule aan die staak gelaten.

1635 Z. Sande L.5.T9 Def12.

d. 21 Febr. is Jacob Teddes van Tjummarum wegens oproer onthoofd.

1635

d. 16 Mey is Riemer Lykles / socius van Stoffel Jurjens / wegens dezelvde misdaden te hebben helpen plegen onthoofd.

1636

d. 17 Dec. is Ofke Haayes van Kollum, wegens oproer onthoofd.

1637

d. 16 Sept. is Thomas Griffs wegens violatie van banissement en breeken van ’s Lands gevangenisse opgehangen.

1640

d. 16 Mey is Einte Johannes wegens huisbraak, diefstal en geweld onthoofd en ’t hoofd op een staak gestelt.

1641 Z.H.H.R. p.923

d. 10 April is Anne Ulriks van Eesens wegens een begane manslag onthoofd.

1643 Z.H.H.R. p. 950 Nauta p.292

d. 8 July is Jacob Jans van Wolterswolde wegens een begane manslag onthoofd.

1644 Z Huber H.R. p. 918

d. 19 Oct. is Harmen Hendriks wegens huisbraak en geweld onthoofd, ’t lighaam op een Rad en het hoofd op een staak gestelt.

1645

d. 12 July is Luitjen Jacobs wegens een begane manslag onthoofd.

1646

d. 6 Juny is Doede Doekes van Collum wegens een manslag onthoofd.

1647

d. 5 Juny is Pieter Finck wegens huisbraak en geweld opgehangen.

1649

d. 14 April is Jurjen Beerntes wegens verscheidene huisbraaken en diefstallen opgehangen.

1651

De 20 Dec is Jouke Jeltes / die voor omtrent 24 jaren een manslag te Makkum begaan hadde en na voorgaande edictule citatie niet verscheenen was / onthoofd.

1652

De 28 Febr. is Habbe Tjerks van Leeuwarden Nieuland wegens brandbriefschrijven onthoofd.

1652

d. 20 Maart is Joannes Thomas wegens brandbriefschrijven en brandstigten geworgd met den vuure gesengd en syn lighaam ten spectacule op een rad gestelt.

1652

d. 10 April is Albert Jetses / zynde onderscheidene keeren gestraft en ten laatste by paene van de galge gebannen wegens overtreedinge dier sententie opgehangen.

1652

d. 10 April Jan Jetses / broeder van voorn gev. / ut supra gestraft.

1653

d. 19 Nov. is Auke Claasen die met nog een ander een Kaagschipper die hem overbragt van Enkhuisen na Stavoren, buiten boord gesmeten had, dog welke na een quartier uurs drijvend in zee met behulp van een haakje en dweylstok door een ander Schipper geborgen was onthoofd.

1653

d. 24 Dec. is Hanne Martens wegens brandbrief Schrijven onthoofd.

1655 Hub red regt C. 13.25.

d. 22 December is Bernardus Roest van Amsterdam studiosus binnen Franeker wegens begane manslag aan een ander student Micheal Oetgens onthooft.

1656

d. 2 Febr is Clement Jansen die zyn vrouw zoo geweldig had geslagen dat daaraan gestorven was onthooft.

1656

d. 21 juny is Mary Luits uit Jutland wegens het ombrengen van een extra ordnis adsistent van Barradeel die haar over bedelen aansprak onthooft.

1657

d. 9 mey is Oene Eelkes van Oude Haske wegens een begane manslag op den 9 nov 1641/nadat edictaliter geciteerd niet verscheenen was/onthoofd.

1658 Z.Huber baelationus ad pandeetas L.5 T.1 num.57/ook reden daagde retsg. 5.37.6. Hub.prel assf u2.1.44

d. 11 sept. Is Harmen Roelofs Gavel van Amersvoort wegens een manslag aldaar gepleegd/die zig uit eygen beweging te Bolsward aan het geregt hadde aangegeven en zulks uit beweging hy in ’t passeeren van het Raadhuis aldaar de justitie boven de deure geblind doekt en met een getrokken swaard sag staan/onthoofd, en vermits op de Rolle onder ’t aanhooren der sententie zeer versmaadelyk van de heeren van den Hove en Prodr Gert sprak is geordonneert dat syn lighaam by de galge soude worden begraven, en ’t hooft op een staak gestelt.

1659

d. 10 sept. Is Pieter Pybes van Ackerwolde/ zynde alhier zevenmaal gegeesseld en driemaal gebrandmerkt/ wegens overtredinge van bannissement en pleegen van dievery opgehangen.

1659

d. 15 octob is Auck Jouckes van Lippenhuisen wegens het moordadig ombrengen van haar eerstgeboren kind in een sak by de galge vermoord, voorts ’t lighaam in de sak op een rad gestelt hebbende in de eene hand een gemaakte doorgesneden pop, en in de andere een mes.

1664

d. 13 febr. Is Cornelis Eeuwes van de Kortswagen wegens een begane moort onthooft.

1665

d. 6 mey is Durk Gerrits van Boxum wegens het vermoorden van syn huisvrouw gecondemneerd aan een staak gewurgd, de nek gebroken voorts met een meusdoek in de mond op een rad gelegd te worden.

1665

d. 25 novemb is Bauke Douwes van Beetgum wegens een begane manslag by de Beetgumer molen onthalst.

1667
d. 23 maart is Jildu Toepkes van Toppenhuisen wegens het vermoorden van haar jong geboren kind omtrent de glage in het diept verdronken en versmoort.

1667

d. 13 july is Jurjen Hendriks van de Oude Schans wegens gepleegde huisbraaken opgehangen.

1667

d. 13 july is Buwe Toppes van Nykerk wegens een begane moort d. 16 augustus 1647 en naderhand ingedaagt dog niet verschenen zynde onthooft.

1667

d. 14 december is Jan Zacharias van Wommels wegens een begane moord aan Jente Martens te Kollum onthoofd.

1672

d. 5 octob. Is Philips Symons van Harlingen wegens een begane doodslag onthoofd.

1673

d. 15 maart is Zacheus Abbema van Collum wegens brandstigtinge te Collum gepleegd, toen de meeste ingezetenen uit vrees voor de munsterschen van daar gevlugt waren, op de Geregtsplaats buiten de stad geworgd voorts met den vuure gesengd en het lighaam in de volgende nagt begraaven.

1675

d. 27 maart is Lysbeth Teyes van Wetsens wegens het vermoorden van haar eerstgeboren kind by de galg in ’t diept verdronken, en voorts ’t lighaam in de sak op een rad ten spektacule gestelt met een pop in de arm.

1680 zie charterboek 15 oct:1681

De 22 mey is Arent de Wyse wegens publicq geweld en huisbraak opghangen.

1682

d. 3 juny is Jetske Siercx van Leeuwarden wegens het vergeeven van haar broodvrouw/de huisvrouw van de Advt. P. Jnia/ geworgt en het lighaam op een rad gestelt.

1685

d. 14 Febr. Is Thomas Hansen van Harlingen wegens een begane manslag te Leeuwarden onthooft.

1686

d. 30 january is Saake Hansen van Oudehaske wegens dievery en brandstigting in de knype aan een staak geworgd voorts met den vuure gesengd en ’t lighaam op een rad gestelt.

1686

d. 6 Febr. Is Jan Jansen van Groningen wegens brandstigting te Berlicum geworgd, met den vuure gesengd, en het lighaam op een rad gestelt.

1686

d. 10 july is Anthony Aberd van Bergum wegens een begane manslag onthoofd.

1686

d. 13 novemb is Doedt Sjoerdts van Wirum wegens het vermoorden van haar eerst geboren kind in het diep omtrent de galge verdronken en voorts het lighaam op een rad gestelt, met de eene hand houdende een gemaakte pop met eene bonte doek om de hals gaargebonden.

1686

d. 27 november is Tryn Jacobs wegens het ombrengen van haar eerstgeboren kind ut supra gestraft.

1686

ut supra Feyck Doedes, moeder van voornoemde Tryn Jacobs wegens helpen tot de gezegde kindermoord ut supra gestraft.

1688

d. 20 october is Sjouk Sjoerds van Lippenhuisen wegens het ombrengen van haar eerstgeboren kind ut supra gestraft.

1689

d. 29 juny is Catharina Adams van Leeuwarden die haar dogtertje van omtrent 8 maanden in de regen waters bak versmoort had by de galge in het diept in een sak verdronken.

1690

d. 6 decemb is Griet Symons van Jacobi Parochie wegens brantstigting aan een staak geworgd, voorts in het vuur gesmeeten en tot assche verbrant.

1691

d. 19 december is Grietje Symons van Jelsum, wegens brandstigtinge aan de boere huisinge Feitsma-State te Huizum waar sy als meid diende aan een staak geworgd, voorts in ’t vuur geworpen, en tot assche verbrandt.

1695

d. 9 maart is Meinart Gabes van Wolterswolde wegens een moort aan een vrouw begaan, geworgd en het lighaam op een rad gestelt.

1698

d. 16 july is Matthijs Jurjens van Praagh wegens huisbraak met meer andere te Birdaard gepleegd opgehangen.

1698

d. 17 september is Hendrik Groman uit ’t Henoversche wegens twee huisbraken opgehangen.

1698 Hamersterboek 1. Tit 1 art 5.

d. 10 december is Hendrik Burgers Snepel wegens bloedschende met syn schoonmoeder onthoofd.

1698

d. 17 december is Janneke Tasseney van Groningen wegens gepleegde huisbraaken te Lollum in Ackerwoude opgehangen.

1698

ut supra Thomas Hendriks van Elst uit Gelderland wegens de huisbraak te Ackerwoude.

1698

ut supra Heerke Hendricks van Beetsterzwaag uts.

1699

d. 13 Mey is Johan Bergman uit ’t Graafschap van der Lippe wegens valsche muiterije hier in de provintie gepleegd onthooft en ’t hooft op een staak by de galge gestelt.

1699

d. 18 Novemb. i s Gatse Gerrits van Jorwert wegens een gepleegde huisbraak en diefstal ten huise van Auke Jurgens onder Augsbuur opgehangen.

1699

d. 18 November is Roelof Heynes van het Hogeveen en Drenthe (Socius ) van gemelde Gatse Gerrits

/ ut supra gestraft.

1699

d.16 Decemb is Gijsbert Jacobs van Leyden die voor de zevende maal uit het Tugthuis gebroken, en mede schuldig was aan voormaals gepleegde, en nog ongestrafte huisbraaken opgehangen.

1700

d. 14 Sept. is Lysbeth Lucas wegens vrolatie van haar bannisjement bij paene van de galge opgehangen.

1701

d. 12 Maart is Johannes Hendriks geboortig van Holsteijn wegens 2 geweldige huisbraaken en diefstallen opgehangen.

1701

ut supra Claas Claasen Gruen van Leeuwarden/Socius van boveng/uts.

1701

ut supra Steffen Rijft van Fledder/Socius van bovengen/uts.

1701

d. 23 April is Karst Haeckes uit de Knype wegens gepleegde huisbraak en diefstal opgehangen.

1701

d. 11 Juny is Baltus Dirks van Aarnhem wegens een gepleegde moort te Epe in Gelderland en dieverijen in dese provintie onthooft, en ’t hoofd bij de galge op een staak gestelt.

1701

d. 2 July is Ruurd Harmens van Engwierum wegens gepleegde huisbraak opgehangen.

1701

d. 9 July is Johannes Beerns van Swol, als tamboer te Swol in guarnisoen liggende en alzo een ander Soldaat in duël hebbende doot gestoken, mitsgadert wegens gedane poging tot uitbraak zo met branden als breeke, onthooft.

1701

d. 19 Nov. is Reyner Olofs molenaar van Stavoren, die als Schipper een vol geladen Schip van Amsterdam na Nantes Soude overbrenge, en onderweg met behulp van een ander Schipper de goederen overgeladen en verkogt, en het Schip in de grond geboort had, opgehangen.

1702

d. 1 April is Albert Jans uit Groningerland wegens pleegen van huisbraak en diefstal opgehangen.

1702

ut supra Dirk Jansen alias Kake de Boer van Leeuwarden (Socius van voorn gev.)uts.

1702

d 27 Mey is Frans Willem Bottinghuis uit Munsterland ruiter onder de Compie van de Ritmeester Moulart, wegens begane manslag en een duel met een ander ruiter onthooft.

1702

de 15 July is Dirkjen Dirks van Oosterbierum dog met haar man woonachtig te Franeker op het Vliet wegens het ombrengen van haar jonggeboren tweelingen by de galg verdronken en ’t lighaam op een rad gestelt houdende in ieder arm een pop.

1705

28 Maart is Thomas Taylor van London wegens het fabriceren en uitgeven van valsche sestehalven met den sweerde geregt en ’t hoofd op een staak gestelt by de galge en het lighaam aldaar begraven.

1705

ut supra William Taylor/broeder van Socius/ut supra gestraft.

1707

d.3 Decemb is Sijtse Jannes van Lioessens wegens gepleegde moort aan Sijn huisvrouw Maijke Douwes, aan een Staak geworgd, en t lighaam met een mes in de regterhand op een rad gezet.

1709

De 26 Febr. is Mints Jans van Oldeschoot wegens het ombrengen van haar eerst geboren Kind bij de galge en het lighaam op een rad gestelt met een gemaakte pop in haar hand.

1710

11 Octb. Is Auck Kladen van Brantgum, wegens het ombrengen van haar eerstgeboren Kind, ut supra gestraft.

1711

d 20 Juny is Jacobus Jansen van Rotterdam wegens het vermoorden van een Claasje op de publicque weg, onthooft, en het hooft op een Staak bij de galge gestelt.

1713

d. 27 Mey is Andries Boer? Uit Hessenland wegens het maken en uitgeven van valsche Guldens zo tot Leeuwarden als andere plaatsen, onthooft en het hooft op een staak gestelt.

1713

2 Dec. Is Foek Durks van Leeuwarden wegens drie onderscheidene huisbraken opgehangen.

 

1714

d. 14 July is Jilde Sijmons van Oldemirden wegens ombrengen van haar eerst geboren Kind, bij de galg verdronken en het lighaam in een Sak op het rad gestelt.

1715

d. 23 Febr. Is Pieter Hendriks van Breda wegens gepleegde huisbraak te Munnekezyl opgehangen.

1715

d. 13 july is Salomon Dykmans van Groningen, wegens een gepleegde huisbraak en dievery op de Drogeham, opgehangen.

1716

d. 3 oct. Is Jan Zarkiewitsch uit Polen wegens het doodschieten van de schipper met welke hy uit Smeeden na Holland is gevaren, onthooft. Nb. De sententie is hem voort na de pronumteatie ook en de Poolsche tale voorgeleesen en ook door de taalmeester Lafonée in het sententie boek zodanig geregistreerd.

1716

d. 5 dec b is Berend Johannes meermalen gestraft wegens gepleegde huisbraak en diefstal te Ureterp opgehangen.

1716

d. 5 decb. Is Binnert Lammerts van Sneek socuis van gen Beerend Johannes mede opgehangen.

1717

d. 10 july is Jan Eijntes uit de Valom socruis van beovengen Saloman Dykmans wegens huisbraak opghangen.

1717

d. 26 sept is Jacob Roehuis van Nyehove in Groningerland wegens gepleegde moord aan de dogter van syn huisheer onder Oostrum, geradbraakt, ’t hoofd met een bijl van het lighaam gescheiden, en ’t lighaam omtrent de galge op een rat gezet.

1717

d. 23 octob. Is Anne Wyts van de Oude Galilieën onder Leeuwarden wegens twee gepleegde moorden onder Goutum en op Rapenburg, ut supra gestraft.

1717

d.18 Dec. Is Jan Abraham de Jongh van Leeuwarden wegens een gepleegde manslag onthooft.

1718

d. 27 april is Pietje Sybrens van Ylst wegens het ombrengen van haar eerst geboren kind in ’t diept omtrent de galge verdronken en het lighaam in de sak op een staak en rad ten spectacule gestelt.

1718

d.7 Mei is Everwyn Holbaernt van Grol, juries Studeosus te Franeker wegens een gepleegde manslag onthooft.

1718

d 15 Oct. Is Jildu Jans van Bolsward socia van Albertus Gerrits en Pieter Hendriks wegens assisteeren by huisbraak en dieveryen opgehangen.

1718

d 15 Oct. Is Jannetje Alberts ut supra gestraft.

1719

d. 25 novb. Is Gerrit Christiaan Weyts wegens manslag gebaan aan Allert Jans en de herberg de verfulden wagen te Leeuwarden onthooft.

1720

d. 4 mey is Jozeph Wagenaar uit Amsterdam wegens huisbraak opgehangen.

1720

d. 4 mey is Johannes Pieters van Leeuwarden wegens een begane manslag buiten Venlo gepleegd, onthooft.

1720

d.16 nov is Willem Hendriks Luchda van Groningen wegens gepleegde manslag aan Minne Heeres in de groote Kerkstraat te Leeuwarden, onthooft.

1722

d. 21 juny is Trijntje Durks van Bolswaard wegens het ombrengen van haar eerst geboren kind in een Sak omtrent de galge verdronken en het lighaam op een staak en rad gestelt.

1722

24 Oct is Harmen Hendriks uit             ?, wegens verscheidene huisbraaken, opgehangen.

1723

d. 13 Maart is Rosemunda Jacobs van Saardam, / Socius van gem. Harmen Hendriks/ mede opgehangen.

1724

d. 1 July is Huibert Hendriks van Amersfoort wegens huisbraak en gepleegde moord aan een oude vrouw te Wanneperveen Overijssel, opgehangen.

1726

d. 5 October is Veronica Jans van Maastrigt wegens het op Schildwagt staan bij het pleegen van een verfoeyelyke moord in Holland, opgehangen.

1730

d. 30 Sept. is Casper Abrahams Berse van Leeuwarden wegens gepleegde Sodomie gewurgd, daarna in het vuur gesmeten en tot assche verbrandt.

1730

d. 20 November is Jurjen Christiaanes van Leeuwarden wegens die zelfde misdaad ut supra gestraft.

1731

d. 17 Febr is Berentje Jans van Twijsel wegens het ombrengen van haar eerst geboren kind in een Sak omtrent de galge verdronken en het lighaam in een Sak op een Staak en rad gestelt.

1733

d. 27 juny is Idts Hoytes van Woudsend wegens het ombrengen van haar eerstgebooren kind ut supra gestraft.

1733

d. 21 Nov. is Froukjen Hayes van Eernewoude wegens kindermoord ut supra gestraft.

1734

d. 9 October is Jan Jansen Bussel van ’t Heerenveen wegens het vermoorden van Sijn vrouw, gewurgd en ’t lighaam met een mes in de hand op een Rad gestelt.

1734

d. 23 October is Grietje Jacobs van Beetgum wegens gepleegde kindermoord in een Sak verdronken.

1735

d. 25 Juny is Claas Hendriks Vest? van Harlingen wegens het vermoorden van Sijn huisvrouw, geworgd en’t lighaam op een rad geset met een mes in de regter hand.

1739

d. 28 Febr. is Albert Jans van Dieverden wegens doodslag van Luitjen Jacobs van Houtwoude, onthooft.

1739

d. 21 November is Jan Hendriks Ley wegens huisbraken en dieveryen opgehangen.

1739

d. 28 Novemb. is Jacob Furstenburg wegens een begane manslag en een duël op SchenkeSchans onthooft.

1741

d. 21 January is Tjeerd Cornelis van J   ? wegens twee gepleegde huisbraken en diefstallen opgehangen.

1741

d. 15 July is Jan Jansen van Hoorn wegens gepleegde huisbraak opgehangen.

1745

d. 4 December is Taeke Brantjes van Surhuisterveen wegens gepleegde huisbraak en dievery te Morrha, opgehangen.

1746

d. 2 July is Hendrik Boyen uit het Hanoversche wegens huisbraak en diefstal te Foudgum opgehangen.

1750

d. 18 April is Jacob Sybes van Ternaard wegens gepleegde oproerigheid in de nagt tusschen de 1 en 2 July 1749 onthoofd.

 

1753

d. 17 Maart is Jacob Harmens van de Rottevalle wegens een gepleegde moord aan Rinnert Sipkes, geworgd en het lighaam met een vlegelstok op een rad gestelt.

1754

d. 9 Maart is Dirk Jans van Stiens wegens onderscheidene huisbraaken en diefstallen, opgehangen.

1759

d. 8 September is Ytje Jans van Kimswert? wegens insluiten en helpen pleegen van huisbraak opgehangen.

1761

d. 24 January is Mary Elisabeth van Mons wegens een gepleegde huisbraak te Beetsterzwaag opgehangen.

1761

ut supra Hendrik Jans van Groningen, wegens ut supra opgehangen.

1763

d. 14 Mey is Elias Davids van Amsterdam, wegens het moordadig ombrengen van een jong meysje van 17 jaaren, Antje Sjeerps op de Zeedijk tusschen Gaast en Piaam?, d 25 Nov. 1762 ter plaatse van ’t Geregt buiten de stad aan een Staak half ter dood geworgd, na Sulks met een mes de keel afgesneden en voorts het lighaam met een mes in de regter hand op een rad ten Spectacule gestelt.

1765

d. 2 Febr. Is Gerke Dirks bijgenaamd Pupillant van Oldeboorn wegens het vermoorden van een oude vrouw aldaar Gerberg Jans, geworgd, e het lighaam op een rad gestelt.

1765

d. 2 maart is Lolke Harkes van Bolsward wegens het vermoorden van Pietje Roelofs, huisvrouw van de vroedsman Sybe Hoytinga mits gaders het swaarlyk verwonden van de vroedsman zelve gewordt en ’t lighaam met een mes in de regterhand op het rad gezet.

1766

d. 12 july is Pieter Jans Niemeyer van Ysselham in Overyssel wegens begane doodslag aan Theunis Classes de Jongh te Tjalbert op het schavot onthooft.

1782

d. 28 september is Wybren Wybrens van Oosterbeintum wegens het vermoorden van Heerke Heerkes Dorpregter te Jannum geworgd, en het lighaam op een rad gestelt.

1792

d. 28 january is Claas Jaajes van Harlingen wegens het vermoorden van ee kind van 8 weeken op het schavot op een kruis geworgd, gerabraakt en voorts het lighaam met een mes in de regterhand op een rad ten spectacule gestelt.

1792

d. 14 july is Johannes Wagenaar van ’s Hage soldaat onder het Regiment van Brakell wegens het doodschieten van een schipper te Franeker, onthoofd.

Sententien

Anno
1524

d. 6 Augs is Mytert van Groningen wegens ongehoorsaamheid en rumoer tegens syn Hoofdman in het leger van Sloten, en het tragten om sig gedurende syn gevangenis de hals af te steeken/ om sonderlinge redenen en gratie ontfangen op ’t schavot gegeesselt en met roden gesmeten tot uitstortinge van bloed, voorts gebannen.

1525

d. 9 january is Fokel Jan Olfaarts dogter wegens etlyke dieveryen voor een jaar uit Franeker gebannen op verbeurte van haar Linker oor.

1525

De naastlesten January is Pieter van Hom kost en schadeloos ontslagen.

1525

d. 10 April is eene Keimpe (Kempio) Harmen zoon uit genoegsame Indicien en informatien over het steelen van geld op de bank gebragt en redelyke wyze geynigt, dog niet belegende op dit pas van dese instatntie geabsolveert.

1525

Dese brieven zijn mede al daar te vinden.

d. 16 April zyn brieven van gratie en pardon door de keyser Carel aan Epo Martena en consorten verleend wegens het laten ontkomen van eenige gelderschen by den Hove geinterineerd.

1525

d. 1 juny is Hendrik Pieters soon van Leyden wegens dieverye gegeesselt en voorts altoos gebannen op froene van syn beide ooren af gesneden te worden.

1525

De 20 Dec. Is Tjebbe Sytghes zoon wegens dieverye van 9 stuivers uit de kerk en andere dieveryen voor de caneellerie gegeesteld, en daarna syn regter oor afgesneeden.

1525

De 27 Dec. Is een Wilhelmus Tancks wegens blasphemie op de reyne jonkvrouw Maria met een myter op syn hoofd op het schavot geledit en aldaar met een brief op syn borst en rugge een uur lang te pronk gesteld en met yser door syn jonge gestoken, voorts gecondemneert de volgende Sondag met de myter en schrift en een wasschen keerse te Angjum voor de Processie te gaan en na sulks die keerden te offeren en om vergiffenis te bedden.
Onde dese sententie staat: Her Matthias pastoor te Angjum Ton van Dockum Grietman van Dongerdeel Oosterzijde en Thiettje Hostijel Sgr. Substituit hebben gecertificeert by een brief, by hen drien ondertekent dat Wilhelmus syn penetencie voldaan heeft, aetum in vigilia nativetaties

1526

De 13 jan is Sybe Wybe zoon, wegens woorden tot muiterije tenderende en dienen onder de Gelderschen door de scherp regter op het schavot van de twee voorste vingers van syn regterhand vier geleeden afgehouwen.

1526

De 10 Febr. Is Jan Heynes, Jacob Ricolts zoon, wegens diverse dieverijen op diverse stonden gegeesseld en syn beide ooren afgesneden, voorts voor altoos gebannen op poene van gehangen te worden.

1526

De 14 April is Govert van Wirdum wegens valsche betigtinge van lyfsmisdaden by gratie de tonge afgesneden zo ver dat hy niet meer spreeken kan voorts voor altoos gebannen op poene van onthoofdt te worden.

1526
Ondergeschreven: dit werdt egter niet ten staksten geobserveert, zie sentientie van Take Hercke zoon d. 28 juny 1530. Ook naderhand. Zie sententie van Ruurd Sijtjes 4 dec 1599

d. 31 july is Rieuwert van Steens, / die in January deses jaars wegens bedelen en overspel gegeesseld was/ en zig op nieuw aan die misdaad had schuldig gemaakt, de beide ooren afgesneeden en bevolen niet meer te bedelen op lyfsverbeurte.

1526

d.6 october is eene Saake wegens weddenschap van oorlog te krygen voor mey, en voogenomen geweld tot een bedevaart te Romen en te St. Jacob gecondemneert.

1526

d. 24 nov is Jan Dirks Droogscheerder en Burger van Steenwijk wegens slaapen op Schildevagt ’s nagts een lit van den Kleinen vinger van syn linkerhand afgehouwen.

1526

De 3 November is Claas van Lieven/ niettegenstaande hy volgens eigen bekentenis met verdient hadde omgehangen te worden/ wegens die verye van zyn broodheer de beyde ooren afgesneeden, en voor altoos gebannen afs lyfsverbeurte.

1526

Is Hendrik Kosters Priester van St. Jans orde wegens atroce enjurien aan de stadhouder van Friesland gecondemneert tot herraepinge op het schaart, voorts een half jaar in de kerker geset in het hospitaal buiten Sneek, geen ander substantie tot eeten zal worden gegeven als bier en broot en 3 dagen in ieder week water en brood.

1527

De 27 May is Doctor Petrus van Kamminga wegens eenige Seditie geenterdiceert als advocaat, procureur, sollicitatnt of andersints voorden hove te practiseeren nog op eenige lantsdag of veradering te compareeren voorts gepriveert van alle privelegien van vryheid als anders die hy van syn Mats als adel zou pretendeeren ingeboet en acht honderd car. Guldens tot het maken van een cancellerige sampt kosten van de gevangenisse.

1527

De 22 juny is Jan Allarts soon van Nyenborg beiden uit ’t Sticht van Munsters wegens steelen van twee schaapen gecondemneert om by de scherpregter op ’t schavot malkander te geesselen, tot dat er bloed na volgt, en voorts gebannen.

 

1527

De 16 july is Marten Matthijs van Bergen van Henegouwen wegens blasphemie met een priem door de tonge gestoken, en voorts op lyfstraffe verbannen.

1527

De 7 september is Severyn van Bergum wegens het openlaten der poort te Dockum ’s nagts, de twee voorste leden van de twee voorste vingers van zyn regterhand afgehouwen, met verbod om weder binnen Dockum te komen, of om onder ’t opregt vendel te dienen.

1529

Is een Joukje wegens bloedschande onet haar broeder binnen Friesland gebannen met interdictie om met haar broeder Heer Theete Vicanus te Welsryp te spreeken af te converceeren.

1530

De 19 maart is een Jacob Lambaarts soon van Delft wegens bedelen met valsche brieven en zegelen een half uur met voors brieven op de borst te pronk gesteld, voorts gegeesseld en daarna hem een glaeyen yser op de kaaken gedrukt en eindelyk voor eeuwig gebannen, op lyfsverbeurte.

1530

De 22 juny is een Bartholomeus bachebinder wegens overtreding van bannissement, wederom gebannen op poene van een glaeyend yser door syn tonge gestoken te worden.

1530

d. 6 sept is deze sententie gepronuntieert:

Nanno Sjoerdts bekent gestolen te hebben twee hemden met zoo veel Roorn en weit als hy in deselde heeft mogen bevinden of draagen, en de seyt hetzelvde vermits armoede gedaan te hebben soo syn huisvrouwe in de kraam lage en te eeten nog te drinken hadde, begeerende dat ’t hof om godswille hem hetzelve wilde remitteren ende zoo ’t Hof van anders geen feyten gebleken is , heeft hem gerelaxeert van de gevangenisse nogtans sonder hem hetzelve deliet te remitteren, dan indien hy wederkomt sal het een met het ander in kennisse van denzelve Hove gestelt worden.

1531

d. 28 maart is Mary Otten, die een jong meysje tot steelen had aangeset, gecondemneert om de steen te dragen, van uit de Cacelerye tot aan graesen?? Pype, hier binnen Leeuwarden, aldaar zy in een schuit geset en tot Slooten gebragt sal worden, om aldaar een uur op de kaak of pricipale brugge met de steen te pronken voorts voor altoos gebannen.

1532

d. 9 maart is Jelle Romke soon oud 16 of 17 jaar wegens kerkedievery, om syn jonkheid gegeesseld en een stuk van syn regter oor afgesneden.

1532

d. 8 july is een Dirk van Gulik/die by sententie van den 17 sept. 1531 voor eeuwig gebannen was/ wegens overtredinge en weder bedelen op vier plaatsen gegeesseld, namelijk op het schavot, by de brolbrugge, op de vischmarkt en aan St. Catharinerpoort.

1532

d. 25 juny is Heer Pieter Priester onlangs pastoor te Roodkerk wegens oneerbare stukken een maand in gevangensse gestelt, de eene dag water en brood, en de andere bier en brood, voor na een recommandatie hun bevolen uit den lnade te gaan by poene van in een sak geteken te worden.

1532

d. 5 octb is een Gratte Lieuw zoon, wegens brutaliteiten en dieverye in een klooster, gegeesseld en met een priem door syn tonge gestoken.

1534

De 20 january is een Melle Pieters zoon wegens ontschaken van een meisje Elke genaamt oud 9 a 10 jaaren gecondemneert om voor den Hove te Compareren , met een waschkeersje van 1 el in syn hand ongegot en blootshoofds , God almagtig , de Keyser en de justitie om vergiftenisse te bidden ; voorts hetzelvde te doen voor het Geregte van Weststellingwerf ; en eindelijks in een boete van 150 car guldens voor en nieuwe cancellerije.

1535

d. 8 Maart is Agge Broers soon wegens kerkeroof gegeesseld en een stuk van zyn regter oor gesneeden, voorts een jaar en ses weeken binnen Sneek en Wynbritseradeel gebannen bij poene van gehangen te worden.

1536

de 13 Decemb is Ussele Dirks dogter wegens huisdieverij gebannen uit de stad Leeuwarden en Leeuwarderadeel bij verbeurte en verlies van haar regter oor.

1537

de 20 January is Joachim Jacobs soon wegens bigamie een half uur op de brolbrugge op de kaak gestelt met een             in elke arm.

1537

de 10 april zijn een man en vrouw Herke Ontgers en Syds zijn huisvrouw wegens hevig injurien van een Grietman Dirk Freerks in Officio gezeid met Schandsteenen op het schavot gestelt , voorts een priem door de tonge gestoken en eindelijks gebannen.

1537

d. 8 May is een Pieter Claas soon wegens bigamie en overspel , met een derde een half uur te pronk gestelt , voorts gegeesselt tot buiten de poorten van Leeuwarden en voor altoos buiten Friesland gebannen bij verbeurte van syn regterhand.

1539

d 20 Mei is Gerrit Luitjes wegens blasphemie een uur lang te pronk gestelt voorts een yser door syn tong gestroken en daar mede een goede wijle tijds laten staan.

 

1539

d. 11 October is een Cornelis van Middelburg wegens tegenstand aan een regter gedaan de regterhand afgehouwen en dezelve aan de kaak gespijkert, voorts voor altoos gebannen.

1540

d. 27 jan. Is Jacob van Loon wegens bedelen eens ront om ’t schavot, en voorts tot St. Cathariner poorte uitgegeesseld. Onder dese sententie staat: nota dat dit vonisse niet gepronunteert is, dan is ter executie gestelt, sonden pronantiatie, en dat deur versemenisse.

1540

De 11 May is een Anske Focke soon van Marken, wegens etlyke dieveryen gegeesseld en al geesselende tot buiten de lieve vrouwenpoort gelgt te worden en drie jaren binnen de Grietnyen Menaldumadeel gebannen by verbeurt van bey de ooren.

1540

De 21 july is een Meester Michiel van Ceulen wegens zig te doen doorgaan van een Egyptenaar gegeesseld, zyn Regterhand afgehouwen en voorts gebannen.

1540

De 24 july is een Jan Heero Sierks zoon wegens quade dreigementen en woorden tegens syn vader, het Hof en den Keyser gegeesseld en met een priem door zyn tonge gestoken.

1540

De 2 October is een Joachem Jacobs zoon wegens blasphemie gegeesseld en voorts een stuk van syn tonge gesneden.

1541

Do 22 juny is Johan Heeres wegens violatie van banissement den regter hand afgezet.

1542

De 19 Mey zyn twee gevangens wegens gepleegde dieveryen gecondemneert op het schavot gegeesseld en voorts ’S anderen daags op de brolbrugge, vischbrugge en gasthuisbrugge gegeesseld en voorts binnen Leeuwarden gebannen.

1542

D 20 December is Joun? Hendriks zoon eerst alhier te Leeuwarden op het schavot voor het Blokhuis en voorts te Bergum gegeeseld.

1543

d. 8 april is een Poppe Sjoers wegens bloed schande met syn stiefdogter gegeesseld.

1543 (bijgeschreven: van deze sorot zyn er vervolgens verscheidene)

d. 25 April is een vrouw wegens dieverye te pronk gestelt en voorts een gaet merkelyk stuk van haar regter oor gesneden.

1543

De 5 october is Herman Tjommes/ helper van bovengenoemde/ gecondemneert om 2 daagen gegeeseld te worden, ses jaar binnen Friesland gebannen en agt en twintig dagen alleen voor de kost te werken aan de stads werken te Sneek.

1544

De 24 sept. Is Wybe Jakle soon wegens turf steelen te Bergum aldaar in de buuren gegeeseld.

1544

De 18 novb. Is Kersten van Hoorn wegens manslag syn regter hand afgezet en voort voor eeuwig gebannen.

1546

d. 20 novemb is Tjebbe Everts wegens dreigementen aan ’s Hofs Com neem gedaan gegeesseld, met een priem door syne tonge gestroken en alzoo eenige tyd te blyven staan, voort ten eeuwigen dage gebannen by verbeurte syner Cyffs.

1547

De 27 july is Thens Fransen van Oldenzaal wegens het valschelyk uitgeven voor een ander persoon en verder gepleegde bedriegerye gecondemneert om op heeden met 50 goede slagen op vrydag naastkomende met 25 en saturdag met 25 gelyke slagen gegeesseld te worden, voorts op (zie hierboven) voorn Saturdag met een gloeyend yser een T boven in syn regter wange gedrukt te worden en een priem door syn tonge gestoken door mede een quartier uurs te staan en eyndelyk voor altoos gebannen, by verbeurtenis van syn lyff.

1548

De 20 january is Jan Jans/ die by vorige sententien een seker boete gecondemineert was en dezelve niet konde voldoen wegens armoede / op nieuws en plaats van dien tot geesseling geconemneert.

1549

De 15 july is Anthoon Courts / 17 jaren oud / wegens quaad spreeken van ’t heylig scrament gegeesselt, en met een priem door syn tonge gestoken.

1550

De 1 juny is Herman Jans wegens dieverye gegeesseld en met het groote brandteyken op syn linker schouder gerant, voorts voor altoos gebannen.

1550

De 1 july is Michel wegens bedelen met het klein teyken gebrant en voort gebannen.

1553

De 20 october is Tjiets Sythie dogter wegens het melen van andermans koeyen ’s nagts in ’t land gecondemneert om op ’t schavot een half uur te pronk te taan met een juk en twee emmers op haar schouders, voorts alzoo uit de stad geleijt en ’s anderen daags op de brugge binne Dockum op een tonne staande dezelvde straft te ondergaan.

1553

De 26 novemb zyn Herman van Ootmarsum en Jelle Mattie soon wegens twee dieversche peerdedievryen met de strop om de hals op ’t schavot gegeeseld, de beide ooren afgesneeden, voorts geesselende buiten St. Catharinen poort geleit en eeuwig gebannen op poene van de galge.

1554

De 17 july is Hendrik allerts wegens diversche dieveryen gecondemneert op het schavot dapperlyken gegeessled, voorts op de brol, waag en vischbrugge op ieder vyf en twintig slagen, daarna met het klein brantteeken op het linker schouder gemerkt en voorts voor altoos gebannen.

1555

d. 7 febr. Is Johan Thomas wegens beurse snyden en Sint Martens Kerk in den toom gegeesseld, en voorts twee jaren binnen Dockum en de beide Dongerdeelen gebannen.

1567

De 17 May is Taecke Deddes wegens dieverye en veldschade met hondert en één slagen gegeesseld en syn regter oor afgesneeden.

1557

D 10 july is Cornelis Jans wegens dieverye en zig uit te geven voor een beliezer en waarzegger een half uur met syn boekjen om de hals te pronk gestelt, voorts gegeesselt een stuk van syn regter oor gesneden en eindelyk op lyfsverbeurte gebannen.

1557

De 14 july is Jan Hagen wegens geweld op de Kloosters en gedane huisbraken op het galgevelt gegeesselt en zyn regterhand afgezet voorts gehangen.

1557

d. 20 Nov. Zyn drie vrouwen wegens bedelen een quartier uurs op t schavot te pronk gestelt hebbende en elke van hare armen een roede en een bedelcorf om de hals.

1557

ut supra is Dirk Harmens/ te voren gegeessel/ wegens overtreeding van syn bannissement en nieuwe dieverye van elk oor een stuk afgesneeden voorts op het schavot enter stads poorten uit gestuipt?

En 10 jaar binne 3 Grietenijen gebannen by poene van aan lyf of leeven gestraft te worden.

1558

d. 29 januarij is Reyner Simons wegens vleeslyke en oneerlyke conversatie met een geprofesside nonne des convents van Joswerts gegeesselt en gebannen.

1558

De 15 July is Beerent Aaltjes wegens boeleeren met twee vrouwen/zynde moeder en dogter, gegeesseld en eeuwig gebannen.

1558

De 26 Septemb is Jacob Jans van der Goes wegens bedelen met een vulsche certificatie of bedelbrief tien jaren op de galeyen geconemneert.

1558

ut supra Pieter Bouwes uts, ten eeuwigen dage wegens huisbraak by nagt en dievery.

1560

De 28 juny is Hendrik Jacobs wegens het uitgeeven van 2 valsche prince daalders een half uur op het schavot te pronk gestelt met een brief op syn borst, waarop geschreven, “Hier staa ik vermits dat ik tot twee diverse tyden twee valsche prince daalders by myn weten en wille tot schade en verlies van een aander heb uitgegeven,” -voorts voor twee jaren uit Friesland gebannen.-

1560

De 28 nov. is Marten Taeckes/wiens broeder Hancke toen uren opgehangen/ om dievrye en bedelen eerst op het schavot gegeesseld, voorts onder de galge geleijt en aldaar aan de heer gebonden met een strop om de hals nog een stengelyk gegeesseld, en voorts op lyfverbeurte voor eeuwig gebannen.

1561

De 28 nov. is Marten Taeckes/ urens broeder dieverye eerst alhier gegeesselt voorts na Franeker gevaert en na een half uur aldaar te pronk te hebben gestaan weder gegeesselt.

1561

d. 27 sept. Is Albert Friese wegens vrolatie van bannissement en resistentie by het appretenderen eerst op de rugge gebrand tekent en voorts gegeesseld en gebannen.

1561 Zie Hamerster B.ii.F.16. A.3.

De 18 oct. Is Gerrit Kersties wegens falsche getuigenisse een half uur met een brief op syn borst te pronk gestelt, een priem door syn tonge gestoken, en voor altoos binnen Westergoo gebannen.

1562

De 17 maart is Frans Syts zoon wegens irneverente woorden en andere insolentien aan een Burgemeester van Leeuwarden Jacob Geelis geconemneert om op een solemnele Rechtdag in een linnen kleed blootshoofds en met een brandende toortse op het Raadhuis te gaan en aldaar op syn knien God de Raad en bovenal de voorn Burgemeester om vergiffenisse te bidden voorts de toortse te brengen binnen de Kerk van Oldehoof en aldaar voor het heylig Sacrament te offeren voorts op de pleitsale der voorn stad te laten maken en setten een glas, waarin geschreven sal staan, hetzelve glas by hem gevangen aldaar gestelt vermits de Irneverentiale woorden en insolentien by hem tegens de Burgemeester gebruikt, voorts en de kosten en misen van Justitie.

1562

De 18 july is Enne Jansen wegens injurien aan de Raad van Leeuwarden en comnis van dien, met een priem door syn tonge gestoken voorts op ’t schavot en ter poorten uit gegeesselt, tien jaar gebannen by verbeurte van syn lyf, voorts te geeven en doen stellen in de Kerk van Oldehoof een glas waarin staan sal dit glas heeft gegeven Enne Jans, omdat hy de Raad van Leeuwarden heeft geinjurieert gehad.

1562

d. 16 Dec is Taacke Eyses wegens dieveryen op drie verscheydene daagen en plaatsen gegeesseld, de eeste maal op heeden op ’t schavot, de tweede maal saturdag op de brol brugge en de derde maal dingsdag op de Vismarkt.

1563

de 28 january is Hyt Sipke Barbers dogter wegens eenige dieveryen zeer strengelyke gegeesseld haar regter oor af gesneeden en een brand teken op haar schouder gestelt, en op lyfsverbeurte gebannen.

1563

de 11 Maart is Claas Jacobs wegens manslag te Ternaard in noodweer eenigermate begaan geconmneert om voor den hove. Hove op zyn knien God en de Justitie om vergiffenisse te bidden en zyn leetwezen te betuigen, voorts tot cevile amende te betalen 105 Car guldens met kosten en misen van Justitie en op lyfsverbeurte 2 jaar uit Westdongeradeel gebannen.

1565

de 4 Octob is Sjoerd Hendriks wegens het vondeling leggen van syn kind voor de poort van den conventi van foswerd gegeesseld en gebannen, na alvorens een half uur lang aan een paal gebonden gestaan te hebben.

1565

d. 27 Octob is Jets Luancke dogter wegens uitgeven van valsch geld, dat sy wiste door haar man gefabriceert te syn te pronk gestelt gegeesseld en gebannen.

1568

de 21 Feb is Jelle Poppes wegens gewelt overlast en verdriet aan de huislieden op ’t schavot strengelyke gegeesseld van daar al geesselende na de Brolbrugge geleit daar weder gegeesseld voort al geesselende buiten de Cath. Poort geleit en gebannen.

1568 Zie Charterboek 3e d.p.734

d. 18 Mei is door de eerste Deurwaarder van de Kamer een Sententie van bannissement tegen verscheidene personen van Leeuwarden na voorgaande klokkegelici van den Raad huize gepubliceert zynde ontrouw geweest jegens den Koning op peone als rebellen gestraft te worden.

1568

de 9 july is Heer Jan Gerritsen Roebendanus te Sexbierum wegens verwonden van de executeur van Franeker gecondemneert om voor den Hove op syn knien God en de Justitie om vergiffenisse te bidden, voort by de minnebroeders deser Stad Leeuwarden in besloten Kerker te gaan en aldaar agt dagen poenitentie te doen tot Scherrebier en brood, sonder ut supra anders, voorts in de boete na de ordtie.

1569

de 29 Maart is Anthonius Empkes / zoon van Emcke Geuckes Grietman van Smallingerland wegens embidientie aan ’s Hofs beveelen van niet uit Leeuwarden te vertrekken buiten Consent gecondemneert en eene boete van 50 gouden reaalen, verboden om gedurende het leven van zyn Vader voor ’t Geregte aldaar te practiseeren, voorts en de kosten van syn appretensie en misen van Justitie.

1570

d. 23 Septemb is Ruurdt Minckes wegens vleeselyke coversatie met een geprofesside nonne uit het convent Syon en het wegvoeren uit hetzelve gegeesselt en voor ses jaren gebannen.

1571

d 24 Novemb is Brientik Jelles wegens heelen van gestolen goederen en geweldig uitbreeken in Groningerland een stuk van syn rechter oor gesneeden en voorts met een strop aan syn hals hangende ter poorten uitgeleidt en op lyfsverbeurte voor altoos gebannen.

1572

de 4 Juny is Jan Pieters wegens verwonden van iemand gecondemneerd om op Coninglyke Majesteit oorlogscheepen, die nu tot Harlingen uitgerust worden te dienen voor de kost alleen gedurende de tijd dat men die oorlogscheepen zal gebruiken.

1572

d. 5 september is Sydts Jans dogter op bekentenis van rottekruid gekogt, en t zelve in de drank die een ander vrouw drinken soude gedaan te hebben, sonder te weeten soo sy zeide dat het rottkruid een dodelyk venyn was, gegeesseld en op lyfs verbeurte voor altoos gebannen.

1572

d. 27 Octob. Zyn Folkert Scheltes en Jelle Gaaltjes van Workum wegens resistentie aan de substituit en beginnen van oproer aldaar/vermits non comparitie/ in effigiealdaar opgehangen en voor altoos op lyfsverbeurte, gebannen.

1573

d. 15 Oct. Is Schelte Roorda wegens dienst nemen en assisteren van syn Majesteits Rebellen geinterdiceert binnen eenige steden van Friesland te komen ter tijd en wyle daar in door syne Majst. Of Maje sts wegen anders sal syn voor sien, voorts en de kosten van syn appretensie en gevangnisse.

1573

d. 17 Octob. Is Jarig Andringa van Ackrum wegens verleenen van huisvestige aan syn soon/synde een knevelaar/ voor 10 jaaren uit Vriesland gebannen.

1574 Z. Hamerster B (of 13).2.T.16 AA3

d. 23 maart is Frans Hauckes wegens zig om gelt te laten bekoopen om valsche getuigenisse te doen, en over zulks valsch gesworen en een gaaden eed gedaan heeft eerst gegeeseld en voorts met een priem door syn tonge gestoken.

1574

d 27 Octob is Kersten Luitjes wegens woordenlyke Injurie en feytlyke resistetie aan de Grietman van Stellingwerf Oosterynde in het exerceeren syner Commissie gepleegd geconemneert op een Solemnelen Rechtdag te komen voor de Hove blootshoofd en bareevoets en syn linnen klederen hebbende brandende toortse in syn linker hand, en de regter hand gebonden liggende op syn knien biddende God en de Justitie om vergiffenisse, en doende stellen in de Candellerye in het openbaar vastgemaakt een vuist met een memoerie ofte geschrifte, inhoudende den saak waarom die vuist aldaar gestelt is. Voorts te betalen ten profyt van syne Majt drie honder Car guldens voort in de kosten van syn gevangenisse appretensie en misen van Justitie eindelyk om voor het geregte van Ooststellingwerf ook als boven een amende honorabel te doen, biddende de Grietman om vergiffenisse.

1575

d. 8 maart is Romke Gales wegens een begane nederslag welke volgens syne defensie gescheid was tot nootlyke bescherminge syns lyfs, verwesen in een boete van 200 Car guld, dum expensis.

1581

d. 26 sept. Is Willem Thonis van Wommels wegens bedelarye en Sterke syspicie van knevelarye by maniere van gratie voor een jaar gebannen binnen Leeuwarden en aldaar zyn ambacht/ zynde een wever continueerlyk neestig te execeeren op ledige dagen en andere bequame tyden, Godts woord te hooren, en allerzints hem nugteren, vroom en getrouw te dragen en van dit alles certificatie onder den Hove te brengen, ook te beloven ter cause van derde syn gevangenisse neimand ten ergsten te gedenken.

1583

d. 19 Octob is Pybe Wylthies wegens bigamie geboet in een somme van 300 Car guldens, sampt kosten en misen.

1583

ut supra zyn Focke Rinckes, Lieuwe Tetlhies en Rinke Sybrants wegens wegvoeren van Schillen van ’t strant onder Sexbierum gecondemneert, de eerst agt, de tweede vyf en de derde twee half brouwscheepen vol zeeschulsand binnen Leeuwarden te leveren, zonder daarvoor iets te genieten en wel binnen de tyd van een maant, voor dit alles behoorlyke Cautie te stellen met condemnatie in de kosten en misen.

1583

d. 21 november is Joannes Groningens is wegens insolentien aan een Hofs Deurwaarder in Sommissie gepleegd, gecondemneert op de Bolle God en de Justitie om vergiffnis te bidden en hem voorts van het herberglopen en dronken drinken te onthouden met condemnatie in de kosten van deesen.

1584

De 7 Febr. Is Mr. Jochums Symons Adot wegens lasterlyke expressien in een verklaring by proces overgelegt tegens Frans van Wysingen Raad Ordnis in den Hove gelast in de cancellerye voor het Hof daarvan herroepinge te doen met een suspensie van 2 jaren.

1585

d. 17 july is Fyets Stoffels op confessie zoo wel voor de Neder regter als commissaris van den Hove op de pynbank, en ook op vrye voeten, van 2 maal rottekruid gekogt te hebben, en zulks in de kanne gedaan daar zij en haar wylen man dagelyks uit dronken, met oogmerk om haar zelvve te vergeven zonder haar man daarvan te waarschouwen, en iet zonder groote pregnante in dicien, dat dezelve daaarvan gedronken hebbende van ’t fenyn gestorven is, een half uur te pronk gestelt gegeesseld en voor altoos gebannen by peoene van den lyde.

1585

d. 27 Aug. Is Hendrik Gerrits wegens nederslag aan Pieter Pouwels gecondemneert in eene boete van 150 goudguldens, bovendien ten behoeve van de armen binnen Leeuwarden een last rogge in twee jaaren gebannen binnen St. Jacobi Parochie.

1585

ut supra Eepe Wopkes wegens vertragten van Aelcke Annes dogter in een boete van 25 gguldens voor de armen van Leeuwarden een half last rogge en voorts hem 2 jaaren uit alle herbergen te onthouden.

1586

d. 12 Feb. Zyn Pieter Idsarts en syn soon Wybe wegens het vervalschen van een overgelegd stuk in een proces gecondemneert op een solemnelen regtdag voor den Hove in persoon God en de Justitie om vergiffenis te bidden, voorts in een boete van 50 car guldens te samen en verders in de kosten.

1586

d. 12 Maart zyn Symen Asums en Catharina Lammen wegens overbrengen van een verraderlyk boodschap aan de Lieutenant in de Lemster Schans met een priem door haar tonge gestoken en voorts 5 jaaren gebannen.

1588

De 17 Feb is Tjeerdt Jilderts wegens het leggen van vergiftigde peeren voor de deur van zekere huisman van welke hy een peert gekogt had de op conditie dat wanneer van ’t huis gezin voor het jaar na ’t gemaakte contract één grome te sterven by hetzelve voor niet zoude hebben, en zulks niet gebeurdende voor 70 daalders, gegeesseld, 10 jaar gebannen, er in een boete van 10 goud guldens voor de armen.

1590

d 15 Augustus is Jouck Sybrants wegens het op valsche vercierde naamen te fabriceeren en met syn eigen hand te schryven seekere valsche obligatien of te obligatoire instrumenten blootshoofd een half uure lang aan een paal gebonden ten spectacule van het volk, voorts voor drie jaar gebannen binnen Franeker en Franekeradeel by lyfstraffe, met verder verbod om namaals obligatien of obligatoire acten te maken, schryven of onderteekenen.

1591

d. 27 Febr. Is Floris Frans wegens het pleegen van vleeslyke gemeenschap met een meysje oud in haar sevende jaar strengelyk gegeesselt en gebannen in de Grietenye van Hemelumer Oldephaert.

1591

d. 18 Decemb is Sjoerd Symens wegens fabriceeren van valsche ordonantien op de naam der Heeren Gedepen Staten en ontvangen van geld op dezelve by onderscheidene ontvangers, gegeesseld, op poene van de galg voor altoos gebannen.

1593

D 9 Mey is Rints Jurjens wegens overspel en bestellen van brand brieven gegeeseld en gebannen. NB ? deze gev. reeds op ’t schavot synde om hare straf te ondergaan is om zekere oorzaken weder na binnen gebragt, hebben de voorts aan de staten by Requeste verzogt, remisse van straf waarop by apoinctement aan het Hof vryheid is gegeven om de straffe te verligten zynde daarop ook de corporcele by den Hove aan Haar geremittaart.

1593

d 11 Decemb is Jantje Hoytes wegens bloedschande met haar stiefvader voor eeuwig buiten Friesland gebannen.

1593

ut supra is Homme Durks Raadsman der stad Sneek wegens ’t maken van valsche obligatie mit gaders het gebruiken van Stads geld tot syn privé gebruik, voor tien jaren gebannen met condemnatie in de kosten en misen.

1594

d. 6 Febr. Is Lolke Pieters wegens een gemeene dieverye en het steelen van 4 bigjen en 3 schapen voor 2 jaar gebannen.

1594

D 8 july is Rintje Jentjes wegens publieq geweld op de Heereweg by Collumersevaag geboet voor 50 daalders en voorts voor 3 jaren gebannen. NB. Deze gevangen onwillig synde voort boete te betalen is de 7 jan 1595 volgens margenale madere sententie gegeesselt op het saal en voorts gebannen.

1594 zie Hamerster B.i.Tit.1. Art

d. 16 nov. is Stijne Stevens wegens bloedschande met haar stiefvader gegeesseld en voor altoos gebannen.

1594

De 21 novemb is Lenart Frans van der Mey zyn verzoek ontzegd om de overgelegde brieven van Remmissie te doen interineeren en daarop voor tien jaren gebannen.

1594

d.19 Dec. Zyn eenige persoonen wegens eene onvoorzigtige manslag in de destijds daartoe gestelde boete van 75 gglds gecondemneert terwijl andere/ NB. gehoort hun ieder eed/ daaraf geabsolueert zyn.

1595

D 8 April is Eets Encke dogter wegens het verdaen van haar jong geboren kind gegeeselt en voor altoos gebannen.

1596

d. 31 January s mr. Vaelnus Slotenius wegens heymelyk prediken op Burmaniahuis binne Leeuwarden, zynde voortyds Priester in dese landen geweest/ voor drie jaren gebannen, met brygeleide voor de tijd van één maant, wanneer hy met de Predicanten deser plaatse in disputatie wilde treeden.

1596

d. 18 Mey is aan twee gevangenen als Sybolt Attema en Eeme Idtsma/ die beide wegens falsiteit gecondemneert waren een half uur te pronk te staan/ uit sonderlinge redenen en gratie de schavot straf by den Hove volgens apvinetement op een daartoe ingediend requist gesemitteerd.

1596

d. 26 juny is Janneke Hollemans wegens willens en wetens uitgeven van valsch gelt gegeesselt en voor altoos gebannen.

1596

d. 7 novemb is Aarnt Jansen wegens het Steelen van een peert op de zaal van ’s landschaps gevangenisse strengelyk gegeeselt voor twee jaren gebannen.

1596

d. 6 Decemb is Jelle Broers wegens het bywoonene van pauselyke predicatien geboet voor 25 goude vriesche ryders. NB. Dit is de eerstemaal dat in de Hofs sententie boeken van gouden Vriesche ryders gewaagd wordt.

1597

D 29 jan. Zyn mr. Melchior de Salengue en Mr. Francois Hungen zig te Staveren op de merkt zonder voorkennisse voor medecyn meesters uitgegeven hebbende, en een jonge dogter iets van hunne medecynen ingenomen gestorven synde, hoewel dezelde by visitatie van Doctoren deskundig niet lelhaal bevonden zyn beide voor twee jaaren gebannen en verbod om die kunst te oeffenen.

1597

d. 3 Mey is Jan Jansen, reeds twee malen syn bannissement gevioleert en op nieuws dieverye gepleegt hebbende gegeesselt, gebrandmerkt, een stuk van syn eene oor gesneeden en voor altoos gebannen, by poene van de galge.

1597

D 15 Nov. zyn Symon Theunis en Michiel Sybrandts wegens ’t steelen van 2 koeyen by de Swette, waarvan de ééne te Harlingen verkogt en de andere te Leeuwarden geslagt is, gegeesseld en voor altoos op lyfstraffe gebannen.

1599

d. 20 jan. Is Bruin Dirks/ zynde reeds eenmaal wegens dieverye gegeesselt/ wegens overtreeding van voort bannissement en gepleegde braak en dieverye gegeesslt, op beide schouderen gebrandmerkt, - voort ten poorten uitgegeesselt en voor altoos gebannen op poene van de galge.

 

1599

d 10 maart is Wopke Symons wegens steelen en slagten van een vette koe uit het land gegeesselt en 5 jaar buiten Friesland gebannen.

1599

Utsis Namme Jacobs wegens steelen van een Ruin en vyf lammeren uts. Gestraft.

1599

De 24 maart is Taecke van Dykstra als ontvanger Gnrl & lands penningen aan andere uitgezet en ook tot syn eigen gebruik geconverteert hebbende verklaart in faam, van syn ampt gepriveert en habiel om eenig ampt te bedienen voorts op het schavot aan een paal gebonden en half uur te staan om in middels ten syn aansien zyne commissie door de scherpregter verscheurd, en syn signet in stukken geslagen te worden, voorts 8 maanden in gevangenisse te blijven om in middelen tijde zyn achter weezen te betalen, by gebreke dies om opentlyk gegeesselt te woren met banissement voor syn geheele leven.

1599

De 8 Dec heeft het Hof geordonneert, dat de executie voor de voorts sententie syn voortgang zal hebben, terwyl de Gev daaraan niet voldaan hadde.

1599

d. 21 july is Jurgen Piers wegens afsnyden van 10 of 12 voeten reyd van de Zeedyk en het uittrekken van 17 of 18 paalen, welke alles hy tot syn privé profijt verkocht had, een half uur op het schavot te pronk gestelt met een paal in de hand en een bos reyd in de andere.

1599

d. 20 Decemb is Geert Reyners wegens gepleegde huisbraak en dievery, mits gaders overtreding van bannissemenet gegeesseld, op beide schouders gebrandmerkt en op poene van de galge gebannen.

1600

d. 16 Feb is Claas Sybes/alias Spekdobbe/ wegens overtreding van bannissement als vorige gestraft.

1600

d. 26 Feb is Jan Cornelis wegens overtreding van bannissement en dievery ut supra gestraft.

1600

d. 14 Maart is Ted Heerkes uit haar gevangenisse ontslagen mits in de Raadkamer van de Heeren God en de Justitie op haare knien om vergiffenis biddende.

1600

De 19 july is Hendrik Coerts wegens overtreeding van bannissement voor 2 jaren op de gelegen gebannen.

1600

d. 27 Septemb is Jan Roeloffs, by sitte van ’t Geregt van Ferwerderadeel, Regter en ontvangen van Genam, wegens gepleegde bedriegerije met geleverde keezen, waar in steenen bevonden syn een uur te pronk gestelt met twee keezen om de hals voorts gegeesselt en voor altoos gebannen.

1601

De 27 May is Jucke Juckes wegens gepleegde huisbraak gebrandmerkt en voor tien jaren gebannen.

1601

De. 14 octob is Aalt Olpherts van Midwolde uit het Oldampt wegens het steelen van twee riezen te Oltkerkt in het Oldampt en het verkopen van deselve aan een slagter te Dokkum voor 2 jaaren op de galeyen gebannen.

1602 zie Hamerster 2.13.14

d. 27 Febr . is Pieke Heynes wegens een gepleegde manslag agter volgd en in de stads gragt verdronken synde by de voeten aan de galge gehangen.

1602

d. 29 juny is Heere Douwes wegens begane resistentie aan een ’s Hofs Deurwaarder in het exerceeren syner Commissie gecondemneert op een solemneele Rechtdag God en de Justitie om vergiffenis te bidden.

1603

d 7 Juny is Foeke Epans / zynde eerste Clerq by de Griffier wegens t veranderen van een diatum van een sententie by den Hove uit gesproken en alzoo een extract onder zyn handteekening uittegeven aan de Triumphant voor 3 jaren gebannen.

1604 Zie sententie van d. 8 sept 1604

d 23 juny is Marten Jans wegens het omloopen met een valsche paspoort en recommandatie op de naam van Graaf Enno van Oostvriesland met valsche zegelen voorzien, benevens eenige dieveryen een half uur te pronk gestelt met de valsche brieven op syn borst voorts gegeesselt en gebrandmerkt en op poene van de galg voor eeuwig gebannenis.

1605 Zie Hamerster 13.2.Tit. 12 art 1. Zie verder de sententie van de 22 juny 1605.

d. 19 jan is Monte Sierds wegens steelen van een peert en verkragten van een vrouw eerst op ’t schavot en voort ter poortenuitgegeesseld, en voor altoos gebannen.

1607

d.19 nov. is Harmen Jans Cock cipier van het Blokhuis wegens het laten ontsnappen van Douwe Hottinga Advocaat voor den Hove van Friesland wegens een begane nederslag aldaar gevangen sittende voor 5 jaar buiten Friesland gebannen.

1609

d. 12 Sept. Is Anna Jans wegens overtreden van bannissement in het Tugthuis gebragt om aldaar te arbeyden, tot dat anders by den Hove sal syn gedisponeerd.

Zie charterboek 5e deel

Dit is de eerste sententie van bannissement in ’t Tugthuis. Hetzelve was toen in de Bagijne of Westerkerk.

1610

d. 28 Feb. Is Jacob Douwes wegens uitbreeken uit ’t Tugthuis op de Tughthuis plaats ten aanzien der Tugtelingen gegeesseld.

1610

d 23 Mey syn twee studenten van Franeker, Franciscus Ljualthen en Sextus Acronius wegens verwonden van een ander student voor twee jaaren buiten franiker gebannen.

1613 Zie sande LT.Def

De 18 Decemb. Is Bauk Johannes dogter wegens heymelyk verlossen in een schuure, nederleggen van de leevendige vrugt op de vloer en na deszelvs dood in een sloot te smyten een half uur op t schavot te pronk gestelt met een pop in hare armen, en de sententie op haar borst, voorts op ’t schavot gegeesseld, op de peperstraatspype, op de nieuwe groote pype by de wage en voor ’t Tuchthuis voort voor 10 jaaren in ’t Tugthuis.

d. 5 April 1617 heeft ’t Hof dese sententie gemitigeert, zynde voor de overige tyd binnen Bolsward gebannen.

1616 NB d 23 Feb 1616 is by staats Res ’t Tugthuis afgeschaft en de Tugtelingen ontslagen.

d.23 maart is Claas Jans van Coudum wegens maken en uitgeven van valsche munte gegeesseld, tweemaal gebrandmerkt en voor altoos gebannen op poene van de galge.

1616

d 4 Juny is door den Hove geordonneert dat van twaalf gevangins, die in t Tugthuis hadden getragt uittebreeken de helft zouden vrylaten, en de andere helft ten aanzien ten aanzien der andere Tugtelingen, gegeesselt zouden worden.

1616

d 16 July is Pieter Pieters van Minnertsga wegens falsiteit een half uur te pronk gestelt met de sententie op syn borst en voorts voor 5 jaar gebannen.

1617

d 15 july is Reyner Claas van Groningen wegens uitbreeken uit ’t Tugthuis en pleegen van dieveryen gegeesselt, tweemaal gebrandmerkt en voor altoos gebannen op poene van de galge.

1617

d 13 Oct. Is Dirk Sybrants wegens ’t steelen van een peert alleen gebannen.

1619

d 20 Feb Jan Kempes van Dockum wegens overtreeding van bannissement en gepleegde dievery gegeesselt, tweemaal gebrandmerkt, eno p poene van de galge voor altoos gebannen.

1619

d. 20 Feb Willem Jacobs uts.

1621

d. 12 Nov. is Mary Pieters gecondemneert om op een Sondag in de Kerk van Steens te verschynen en aldaar ter prcesentie van de Grietman Donia en een Deurwaarder van den Hove te revoceeren en te herroepen de woorden by de gevangene voormaals gesprooken.

1623

d. 4 April is Thoen Gilles dogter wegens dieverye voor vyf daagen te water en brood gestelt en voor een vierendeel jaars in haar huis gebannen.

1624

d. 10 April is margaretha Velantyn, die wegens zig valschelyk uittegeven voor een Heyden en Aegyptenaar, tot gesseling gecondemneert was, wegens hare zwangerheid daarvan bevryd en gecondemneert om de executie van andere haare medepligtigen aan te zien en voorts gebannen.

1627 Sande L. 5. T.g.D.13

d. 21 April is Adriaan Cornelis Konst wegens het geneesen van siektens en krankheden door beleezinge, omhangen met cedels en kraalen een half uur op ’t schavot te pronk gestelt, om aldaar aan te sien dat voort pajueren door de scherpregter wierden verbrand voorts voor drie jaren gebannen.

1630

d. 4 Juny is Marten Douwes ontslagen dog syn voormond geordonneert hem gevangen buiten de stad Bolsward op een ambacht te bestellen, tot nadere dispositie van den Hove.

1631

d. 14 Meij is Meintze Jeldts pachtenaar in Collumerland van het gemaal en de ingebrouwen bieren, wegens het te kort komen eener somma van 1525,--:-:gegeesselt en voor 2 jaar gebannen.

1631

de 14 Mey Sjolle Rommerts, pagtenaar van t Bildt uts.

1632

d 17 Maart is de Notaris Pieke Anskes wegens vervalschen van twee testamenten en een huur contract een half uur aan de paal gebonden, voorts gegeeselt en ten eeuwigen dage gebannen, synde de Commissie verbrand.

1634

d. 19 July is Auck Wynties wegens heymelyk verlossen in een boerenschuur en nacht wegleggen van het kind dat kort daarop nog levendig dog twee plaatsen gequest gevonden wierd en kort daarop stierf, gegeeselt en een jaar gebannen.

1635 Uts. D. 15 Oct 1650

d. 10 Dex is Hotse Wybrandts/ die aan de Heeren Staten desser Prozeer versmadelyk voor den Hove was/ gecondemneert om aan te zien dat voorts request door de scherpregter verscheurd werde en 5 jaar gebannen.

1637

D 13 Mey is Tarquinius van Solkama Advt voor den Hove van Friesland wegens woordelyke injurien zooaan het Hof als particuliere leeden van dien uit de matriale Artorum geroyeert en voor 3 jaaren uit Friesland gebannen.

1637

d. 24 juny is Claas Gerkens aan Tersool wegens een begane manslag om zyn onzinnigheid niet gestraft, maar is geordoneert dat hy te Sneek in ’t Gasthuis zal worden gebragt, en onderhouden te worden.

1637

D 23 Nov heeft Jacob Cornelis van Wyk op Zee/ die de 18 Nov. en dus 5 dagen te voren wegens dienst neemen tegens syn Vaderland gegeesselt en voor altoos gebannen was/ en destyds over syne straffe wraak geroepen hadde voor Comris van den Hove by ’t Blokhuis onder eede belooft niet tegens de staat van het land te sullen dienen of de Ingesetenen derzelver te beschadigen.

1639 Van deze soort zyn er voor en na veele.

De 25 Mey zyn Focco Pelts en Hein Tjaarts in plaats van de kosten en misen van Justitie te betalen, waartoe zy gecondemneert waren voor agt daagen op water en brood gestelt.

1640

d 8 Feb is Pieter Joosten Huigens Pagter van de grove waaren over deze provintie om wegens het vervalschen van de Collect boeken en dubbelden met dezelve een half uur op het schavot te pronk te staan, voorts gegeesselt en voor 10 jaaren gebannen.

1643

d. 25 zyn drie Poolsche Studenten van Franeker wegens het verwoorden van een ander student Prack abenstantie geabsolveert.

1643 Z. stuber. Hed. Regts. P.925 nam 32.

d. 21 Octob. Is Anne Jans uit de Ommelanden wegens wegleggen van haar kind op een zoutkeets goot te Harlingen een half uur met een gemaakte pop in haar armen, by het schavot tepronk gesteld en voorts voor 5 jaaren gebannen. NB wordt niet gemeld of het kind levend of dood gevonden is.

1643 Z. Nauta Dec 155.

d. 25 Dec is Bernadus Hesseluis Predicant te Leeuwarden wegens dievery, onder het schiften van ’t arme geld gepleegd voor altoos gebannen in 1000 dalers boete voor de armen van Leeuwarden cum. Exp.

1646

d. 3 Oct is Jetse Bottes, huisman wonende op Bolswerder Nieuwland, wegens het bedriegelyk verkopen van witte boter voor gras boeter voor drie jaren gebannen, en de vervalschte boter en commissum vervallen verklaard.

1646 Z. Sent. U.d. 14 july 1655

d. 16 December is Veglius Wibrandus ab Ayta wegens edelict aan ’s Hofs deurwaarder Jacob Jacobs Reealff gepleegd gecondemneert om God en de Justitie om vergiffenisse te bidden voor 5 jaaren gebannen cum exp.

1647

D 24 Dec. is Romke Ruurdts van Hardegaryp die als maayer met meer andere in ’t veld synde aan andere menschen gemeld had aangedaan geconemneert om een ahlf uur met de sententie op sun borst en een seyne in de hand tepronk te staan, voorts gegeesseld en voor altoos gebannen, by halsstraffe.

1648

d. 8 july is Jan Pieters Hoeck onder Juratoire Cautie tot na de begrafenisse van syn huisvrouwe van het Blokhuis ontslagen.

1649

D 27 april is Hans Hansen ab instantia geabsolveert dog niettemin voor 10 jaaren gebannen.

1649

d 23 Juny is Doye Douwes / die wegens fraude van ’s Landsmiddelen in zekere somma van 500 gouden Friesche rydens gecondemneert was, dog geen betalinge of genoegsame uitwysinge heeft kunen of willen doen/ gegeesseld en voor 5 jaar gebannen.

1650

d. 4 Sept is de Cipier Wouter Jetses wegens het laten ontsnappen van een gevangen, vervallen verklaart van syn ampt gecondemneert in een boete van 500 Carguldens en voor 5 jaaren gebannen. NB. Deze gev. van Ommeren genaamd zat op de kamer Cuurks kamer genaamd/ zie capit: Sent: v.d. 16 Maart 1619.

1650

d 9 Nov is Otto Harings van Heeg/ zonder dat in de sententie eenige melding van midaad gemaakt wordt/ gecondemneert in een eeuwige bewaringe gestelt te worden, met ordtie aan die van Mackum om op hun kosten daartoe behoorlyke orde te stellen.

1652

D 1 Juny is Griet Jans van Dokkum wegens toverye en waarseggen gegeesselt en voor 10 jaaren gebannen.

1653

d. 14 Mey is Aris Freeks van Loppesum wegens helpen afsnyden van peerde steerten een quartier uurs nakend met peerde steerten om de hals te pronk gestelt, voorts gegeeselt en voor seeven jaaren gebannen.

1654

d. 8 Mey is Andreas Theodoor van Sneek secretaris van Wymbritseradeels dyken wegens het schryven van falsche ordonnantien inhabil verklaart om het notariat of andere publicque ampten te mogen bedienen en gecondemneerd in eene boete van 1000 gguldens.

1657

D 14 Nov. is Jan Auckes van Oenkerk wegens afslypen van duiten en dezelve voorts met quick te verziveren en uittegeven gegeesselt gebrandmerkt en voor altoos gebannen.

1661

D 13 july is Jetse Melchiors van Workum wederom de eerste geweest die in het Tugthuis gebannen is.

1663

D 31 January is Sybrand Wopkes van de Joure, die sig by de secret3 echt en falschelyk voor Obbe Sickes hadde uitgegeven en in die glt: een obligatie ten synen laste had vertekent, gegeeselt en voor 5 jaaren gebannen.

1664

D 9 july is Matthijs Usens schilder, wegens blasphemie gegeeselt syn tonge met een gloeyend yser doorboort en voor altoos gebannen.

1667

d. 26 maart is Dirk van Ruwen wegens gehoudende correspondentie met de Engelschen/ zynde destyds onze vyanden/ na driemalen ingedaagt en niet verscheenen te syn, op een geleverd Intendit van de Procr Genral. By contumacie gecondemneerd om wanneer in handen van de Justitie mogt geraken, met den Sweerde geexecuteert te worden met confiscatie syner goederen, synde verders des Beklaagdes soonen Dirk Pieter en Hendrik Willem vervallen verklaard van sodanige umpten in beneficien, als dezelve in deese provintie mogten bedienen en onbequaam om op nieuws tot eenige andere toegelaten te worden.

1668

D 9 Mey is Tryn Hendriks van Dockum wegens begane betoverije gegeesselt, en 10 jaar gebannen.

1669

d 9 Febr. Is Thomas Gyarmati/student te Franeker wegens dievery binnens kamer gegeesselt.

Dese sententie is in de Latijnsche taal geschreven.

1673
d. 7 Nov. is Mary Trens van Groningen wegens dieverye gestraft, dat het Hof Consedereerdende dat de Gev. ter halver dragt bevrugt is, en over zulks haar corponeele straffe die sy anders wel hadde verdiend kan worden geapliceerd, de gev. by desen wel expres ordoneert, om haar namaals van diergelyke en andere quade comportementen en faicten te onthouden by lyfstraffe, sallende in sulken gevalle als dan dit delict mede in consedartie komen.

1674

De 2 Mey is Reynier Everts van Harlingen wegens begane zelvsmoord/ hetgeen door andere gezien en nog by tyds door afsnyden gekeerd wierd/ door een dienaar van de Justitie op het saal der gevangenisse wel strengelyk gegeesselt.

1676

d 11 Maart is Christiaan Pauli Klein, schermmeester te Franeker wegens maken en uitgeven van valsche munt met een Rynder Hendricks Executeur van Franekeradeel gegeesselt, gebrandmerkt en voor eeuwig buiten Friesland gebannen.

1677

D 27 Oct. Is Phocans Siersma advocaat voor den Hove en vroedsman der Steede Bolsward wegens vervalschen van een quitantie en toe eigenen van gestolen geld gegeesseld voor 7 jaaren gebannen en uit de matricula geroyeerd.

1680

d. 2 october is Jan Jansen wegens gepleegd overspel met een innocente vrouw gegeesselt en 3 jaaren gebannen.

1682 Z. Hub Hed. Regtsg: 4.14.44

d. 16 December is Sjoerd Galts van de Langeswagen/ zynde van een gering en slegt verstand/ wegens het verkragten van twee vrouws persoonen op de publicque weg met het swaard over het hoofd gestraft en ten eeuwigen dage in het Tugthuis gebannen.

1683

d. 27 October zyn veertien gevangens wegens bedelen waarzeggen etc gegeesselt en voor altoos gebannen.

1683

d. 2 Dec heeft Douwe van Grovestins zynde Ritmeester van een compie Cavillerie, als borge voor syn Vader Oene van Grovestins geteekent, na vooraf aan syne militaire privilegien gerenurtieert te hebben.

1683

d 19 Mey is Daniel Klaver van ’S Hertogenbosch wegens dievery etc gegeesselt en 5 jaar geconfimeerd. NB deze gev. was voortyds te Groningen gecondemneert geweest, tot geesseling, brandmerk en 10 jaaren Tugthuis, dog na de ontvangen lyf straffe van de kaak gesprongen en alzoo het Tugthuis ontkomen.

1685

De 14 maart syn seventien gevangens wegens bedelen etc gegeesselt en voor altoos gebannen.

1691

d. 21 Decemb is Barber Geerts van Farmsum/ die by sententie v.d. 21 Maart 1691 gegeesseld en voor drie jaaren in het Tugthuis gebannen was/ vermits zy aldaar van haar sodanige besmettelyke siekte hadde geopenbaart, die mogelyk ’t geheele Tughthuis zoude injecteeren voor de resteerende tijd buitenlands gebannen. NB. Deze sententie staat in Margine van die van d. 21 maart 1691.

1684

D 3 Mey is Joannes Schuring van de Leeck/ voormaals predicant te Ysselham en by Sent. v.d. 19 Sept 1683 voor 5 jaaren in ’t Tugthuis gebannen wegens aldaar gepleegde malversatien op de Tugthuis – plaatse gegeesselt.

1692

d. 1 Maart is op het Requist van Wiltje Thomas Wiersma die by Sentie v.d. 29 Febr. 1692 voor één jaar buitenlands was gebannen, en hetzelve binnen den derden dage moest verlaten geapoincteert. Het hof gehoort het mondeling advys van den Proce Gnrl. prolongeert de tyd, om uit deze provintie te moeten vertrekken de tyd van veertien dagen.

1697

d. 27 Febr. is Rense Piers van Wijtgaard wegens uitbreeken uit ’t Tugthuis/ waaromtrent reeds meermalen gestraft was/ twee Saturdagen agter elkander op de tugthuisplaats gegeess en eld.

1699

d. 30 Sept. is Gijsbert Jacobs van Leyden wegens het uitbreeken uit het Tugthuis voor de Sesdemaal eerst op het Schavot gegeesselt en Sijn bannissement in het Tugthuis voor één jaar geprolongeert en

voorts op twee naastvolgende Saturdagen op de Tugthuisplaatse.

1717

d. 9 Dec is Bergman Livins van den Haag te Sijner verbeteringe en tot nader dispositie van den Hode en het Tugt en werkhuis gezonden.

1718

d. 19 Maart is Dirk Jurjens van Paderborn wegens het maaken van valsch geld gegeeselt, gebrandmerkt en voor eeuwig gebannen.

B? deze Gevangen wat volgens de Sententie naar 16 jaaren oud.

1718

D 22 Oct. Zijn Antje Alberts en Neeltje Sickes wegens het Steelen van appels uit een hof onder St. Anna met een netje met appels boven haar hoofd gegeeseld en voor drie jaaren in het Tugthuis gebannen.

1721

D 11 October is Lenert Jurjens Kees wegens het menigvuldigen weetens uitgeeven van valsche

Sestehalven?, gegeeselt, gebrandmerkt en voor Seven jaaren uit Friesland gebannen.

1722

D 26 Oct. Is Augustinus Clasen van Leeuwarden/Schoon wegens verscheidene huisbraeken de Straffe des doods wel verdient hadde/ wegens het van Sijn medepligtige Harmen Hendriks impuniteit gegunt volgens het Placaat v.d. 3 Aug.. 1710.

1727

is Zacharias Berghaan die wegens het vermoorden van sijn kinds kind op ’t Blokhuis sittende stierf by de beenen aan de galg opgehangen.

1732

d 13 Sept. is Antje Lammerts van Harlingen ter zake zy beswangerd synde haar swangerheid heeft verborgen gehouden en gedurende de barensnood en een flaauwte gevallen synde, het kind wanneer zy weder by haar zelve was gekomen, na haar voorgeven dood by haar gevonden had en als toen in haar kistje gelegd, gegeseeld, gebrandmerkt en voor 7 jaaren in het Tugthuis gebannen.

1734

d 20 Nov. syn twee gevangens in het Tugthuis Jan Obbes en Jaske Sakes wegens het pleegen van vuiligheden, die zeer naby aan de dadelyke sonde van sodomie quamen, gegeeselt, gebrandmerkt, voor 10 jaaren in het Tugthuis geconfineerd en voorts voor altoos gebannen by paene van de dood.

1741

d 1 July zyn Philip Christiaan Pieters en Jan Hendriks wegens braak en diefstal aan en in de kerk van Backhuisen gepleegd gegeeselt, gebrandmerkt en voor altoos gebannen.

1743

d 18 Oct is Abraham Roest die wegens het vermoorden van 2 menschen, zich zelven de hals afsneed, met een mes en de hand by de galge op een Rad gestelt.

1745

d 1 Mey syn twee sententien van geesseling in het Engelsch gepronuntieerd door een Gaarde du Corps staande aan de zyde van de sabst Procr Gnrl op de zaal van Y Landschaps gevangenisse.

1746

d 9 Febr. is Jan Tjerks van Ackerwolde ab instantia geabsolveert van de beschuldiging van sodomie met een Teef niettegenstaande by antwoord alle de Libels articulen volkomen bekende.
B. uit de lecture van ’t proces selve, en bysonder van de remonstrantie is my gebleeken dat sulks geschied is wegens de onzekerheid van het corpus delicti.

1749

d 20 Sept. is Andries Andriessen van Coudum wegens gepleegde oproerigheden, hoewel de straffe des doods wel verdient hadde egter wegens syn minder verstand hier van geexcuseerd en met het sweerd over het hoofd gestraft, voor 10 Jaaren in ’t Tugthuis en voor altoos buiten de Provintie gebannen.
B. agter dese sententie vind men aangeteekend de solemniteiten, by zoodanige executie gebruikelijk.

1750

d 11 July zijn wederom als in 1745 vier Sententien in de Engelsche taal door Sierk Nieuwenhuis op de Saal van het Blokhuis gepronuntieerd.

1754

d 11 Dec heeft het Hof op expresje authorisatie van de Heeren Staten alle de Gevangens, die door het afbranden van het Tugthuis in de nagt tusschen de 11 en 12 November 1754, daar niet langer konden blyven geconfineerd voor de resteerende tyd buiten Friesland gebannen en is hun ieder hiervan een Copie Sententie mede gegeven.

1755

d. 29 November is Jan de Soete die als weverknegt werkte by de Burgemeester Tadema te Dockum, wegens het steelen van hetgeen op de weeftouwen zat, gegeeselt, gebrandmerkt en 5 jaar gebannen.

1760

d 4 Oct. ut supra van een Knecht en meid.

1764

d 30 Juny ut supra van een meid.

1756

d 29 Juny is Tjepke Rintjes van Franeker wegens overtredenge van syn banissement de eerste en het nieuwe Tugthuis gebannen om sulks ingevolge eene kennisgeving en resolatie des Heeren Staten de dato d. 24 Juny 1756, bevinde in het Crimineele Sententieboek.

1758

d. 15 Decemb. is Dooitse Johannes Bierma, loodgieter baas te Leeuwarden gecondemneert omme ter zake expressen, als loodgietersbaas gepleegd in het repareeren van de stadsgebouwen te Harlingen, waaromtrent hy syn pligt, en meer als één opzigt heeft te buiten gegaan, de tijd van drie jaren, zig te onthouden van het exerceeren van het ambagt als meester loodgietersbaas en zig in ’t vervolg van diergelyke expressen te onthouden by poene van arbitraire correctie.

1759

d. 19 Mey is Harke Melles van Munneke Zijl wegens het pleegen van vuyle zonde met een merrypaard hoewel de tusschenkomst van de boer Pieter Reidts, niet tot volkomen uitvoere heeft gebragt, gegeeseld, gebrandmerkt, voor 20 jaaren in ’t Tugthuis gebannen en voor altoos buitenlands.

1764

d 13 July syn Dirkjen Geerts en deszelves soon Andries Rintzes ab instantia van het Crimen encistus geabsolueerd, dog niettemin geordonneerd om zig in het vervolg van alle onordentelyke verkoering en slaapen op één bed te onthouden.

1765

d 11 July is Jacob van den Berg van Franiker wegens onderscheidene brutaliteiten voor 3 jaaren op het Blokhuis geconfineerd ten sijnens kosten, voorts voor zeven jaaren buitenlands gebannen. Cum omnibus expensis, met order om binnen twee maanden voor die kosten genoegzame borgen te stellen zullen by gebreke dies na het Tugthuis worden overgebragt.

1769

Tusschen de 27 en 28 Mey zijn twee gevangens/genaamd Hendrik Bosch vader en zoon/ uit het gedem Blokhuis gebrooken en gevlugt.

1770

d. 10 Febr. Sijn twee gevangenen Marijke Meyers van Leeuwarden oud 22 jaaren en Antje Gerrits van Midlum, welke van diefstal beschuldigt gedurende hare detentie op het Blokhuis aldaar een volkomene brand hadden gestigt, met een Strop om de hals met vier roeden gegeesselt gebrandmerkt, 10 jaaren in het Tugthuis geconfineerd en voorts voor altoos gebannen op poene van dezelvde Straffe.

1770

d. 24 Febr. is agter de Sententien van twee Joden, welke wegens dieverije gegeesselt en voor 5 jaaren geconfineerd Sijn het volgende gestelt, latende niettemin de gevangen Sijn vrijheid, om op de Saturdag en andere Joodsche rustdagen van werken Sig te onthouden, des dat hij de rustdagen agterhale op andere werkdagen.

1770

d. 22 Mey is Tiberius de Baar Predicant te Witmarsum wegens het daen van valsche eeden voor de Regter, verklaart meyn eedig infaam en ten hoogsten schuldig aan zeer atroie en Judicieele calummien, voorts gecondemneerd om op de Rolle van den Hove verscheenen sijnde openlijk God met gebogen knien, de Justitie met behoorlijke reverentie en sijne beledigde naasten vergiffenis te bidden van de hooggaande misdaden bij hem Gev. begaan voorts voor ses jaaren buitenlands gebannen.

1771
d 23 Febr. is Gooike Aukes van Oude Bildzijl wegens het versmoren en verbergen van haar eerst geboren kind, gegeesselt, gebrandmerkt en vor 7 jaaren in het tugthuis gebannen.

1774

d. 25 October is Hendrik Muiselaar van Leeuwarden, ter zake getenteerde zelvsmoord twee jaren in het tugthuis gebannen.

1775

d 18 Maart is Pals Palses van Deinum wegens bedreevene onnatuurlyke vuiligheden, gegeesseld, gebrandmerkt, voor seven jaaren in ’t Tugthuis, en 10 jaaren buitenlands gebannen, met bij gaande order, om gedurende syne detentie alleen, en afgezondert te slaapen.

De stukken van deese gev. syn geplaatst in het eerste kastje van de secretarije.

1780 uts. d. 23 juny 1789

d. 10 Maart is Baukje Willems uit Groningerland/ welke beschuldigt was van dieverije ten huise van haar broodheer en vrouw de Burgemeester Faber en vrouw te Leeuwarden/geatsolveert mitslagen en syn de kisten van de Processe om redenen gecompenseert.

1781

d 23 Mey is Jan Jochums, welke in 1764 en 1765 als schoolmeester te Veenwouden had gefungeerd en als toen gecollecteerde penningen uit een laad in de kerk aldaar had gestoolen voor 4 jaaren buiten Friesland gebannen.

1783

d. 3 Sept. is Hans Paul, Christoffel van Echten, wegens het inleveren van een Requist aan de staaten van Friesland, opgevuld met veele quaad aartige beledigingen voor 2 jaaren in ’t Tugthuis gebannen.

1789

d. 16 Mey is Cornelis van der Burg wegens syn oproerig gedrag in 1787 met het sweerd over het hoofd gestraft, en voor 20 jaaren buiten Friesland gebannen, cum expensis.

1789

d. 18 juny is Sjoerd Jacobs Mook van Dokkum wegens het steelen van een stuk kant voor agt dagen te water en brood gezet, en voorts voor een jaar buiten het quartier van Oostergo gebannen.

1791

d. 6 Mey is geresolveert als volgt: ‘t Hof nader in ’s Hofs vertrek kamer verstaan hebbende Antje Bacherach, en daar door tegenwoordig geen genoegsaam bewijs hebbende, om de Gev Sytske Wybes langer in detentie te houden, heeft geresolveert gemelde Sytske Wybes uit haare detentie te ontslaan, En zal Extract dezes aan Sytske Wybes en den Cipier van het gedemolieerde Blokhuis worden ter hand gesteld en te strekken na behoren.

1792

De 15 September is Willem Koord, Preedicant te Workum wegens het verpanden en verkoopen van 12 Lands obligatien, te zamen uitmakende Twaald duisend guldens, oud Capitaal en behoorende aan de Diacong te Workum, gegeeseld en voor 3 jaaren in het Tugthuis gebannen.

1793

d. 20 December is Paulus Matthias Kesler Pradiacant te Dronrijp wegens ongemesureerde uitdrukkingen gedaan in de voor- en namiddags praedicatien, op de Dank, Vast en Bededag van de

13 Febr. 1794, vervallen en inhabil verklaard, en voor vier jaren buiten Friesland gebannen en in expensis .

1795

d. 26 Juny is Johannes Munniks van ’t Heerenveen wegens beledigende en voor de rust nadeelige uitdrukkingen voorkomende in een Memorie aan de Com sien van de Nationale Conventie representeerende het Fransche Volks voor 3 jaar gebannen.

Hier nevens Staat het volgende:

Op order van den Hove is de ondergeschreven gelast dit navolgende te Schrijven. Het vonnis en naam van het Hof van Friesland de 26 juny 1795 tegens Johannes Munniks verleend wordt verklaard wederregtelijks informeel, en bij deesen vernietigd, en deselve ontheven van alle fletnis sures, in syn eer en naam daar door bekomen actum de 11 november 1796 ter ordtie van den Hove S. Faber.

1800 prolongatie voor 2 jaaren sent. 31 jan 1801.

de 8 Febr. is Hattum Albertsvan Rinsmageest wegens geweldige diefstal met de strop om de hals met 5 roeden gegeesselt, gebrandmerkt, voor 25 jaaren in het Tugthuis geconfineert, en voor altoos gebannen by poene van de galge.

1800

de 19 july Lieuwe Jans uts.

1800 prolongatie voor 2 jaaren volg. sent. v.d. 31 jan 1801

d. 20 sept. Klaas Albets/sucius van bovengemelde twee/ wegens de zelvde misdaad gegeesselt, gebrandmerkt 10 jaaren geconfineert en voor 25 jaaren gebannen by poene van de galge.

1800

de 20 sept. Gerrit Alberts uts, prolong. v. 2 jaaren sent 31 jan. 1801.

1800

de 20 sept. Pieter Alberts uts. dese Gev. sat reeds in het Tugthuis voor 3 jaaren volgens sent. v.d. 14 Dec 1799, prolongatie voor 2 jaaren volg. sent. v.d. 31 jan. 1801.

Afschriften

van eenige

Merkwaardige Sententiën

van het

Hof van Friesland

1516-1680

Deze afschriften en het vorige register zijn minder volledig dan de twee andere in groot med. folio, berustende in de bibliotheek van het Friesch Genootschap, uit de Nalatenschap van den Heer J. van Leeuwen, in 1857 aangekocht, als no. 9 en 10 van den catalogus der handschriften.

Nog vollediger zijn daar zeker de 5 Portefuiller met aanteekeningen van den Raad meer Mw. D. Fockema.

Veroodeeling van den Leeuwarder Burgemeester Wybe Saeckles, die eerst den eed deed van Bourgondie en toen tot de Geldersche party overging.

pag. 1

1516 23 sept.

Alzoo Wybe Sacles gefangen alhyr in handen van de regenten en raaden des kerstlyksten Coninxs van Spanyen etc. onsen grootmagtigsten heeren, ’t anderen tyden mede raedt der stad Leuwarden, ende als sulck den edelen welgeborenen en vermogenden heeren, heeren Floris van Egmont here to Yselselsteijn etc als Stadtholder en overste capiteijn in den name en van wegen das Conincks van Spanyen etc voors. mede hulde en eedt gedaan, ende daer en boven in Cleynasstie heyt synes eedts voorf. omtrent sanct Jacob laatstleeden hem selves by den rebellen en fyanden des voorf. onses grootmagtigsten heren alhijr voor Leuwarden en den leger gefoegt en met den voorf. rebellen en fyanden dese stadt eenen sekeren tyt mede belegen heeft gehad, en de daar na met den voors rebellen en fyanden voor dockum mede is geweest hem aldaar mede als fyant onser grootmagtigsten heren voors vertonende daar over dat hy van de onder staten onser voors grootmagtigste heren gefangen is worden, ’t welk alle saeken syn van ondeuchdelyk voornemen tenderende tot quaden exempele en consequentie, die niet en behoren ongecorrigeert te blijven maar behoren gestraft en en gepuygniert te worden te exempel van andere, soe is het, dat die voors regenten en raeden in den naeme en van weegen voors onses grootmagtigsten heren coninx etc verclaert hebben, en verclaren mits desen den voors Wybe gecommitteert te hebben crimen lesae majestatis, en hebben daaromme den selven Wybe Sacles gedondempneert en condempneren mits desen gelegt te worden op den broll brugge alhyr binnen Leeuwarden omme aldaar op een schavot gericht te worden met den swaerde ende hebben alle syn goederen ter cause van de voors delicte geconfisquert en confisqueren mits desen actum Lewarden den XXiiien doch septembris anno 1516.

Jan van Putten met den zwaarde geregt wegens overgang tot de Geldenzen die Leeuwarden belegerden.

Pag 3.
1516

27 september

Alzoe Jan van Putten geboren uit Hollant, gefangen alhyer in handen van de regenten en raden des kerstelijksten Coninxs van Spanjen etc onzen grootmagtigsten heren, buten pyne en banden van ysser geconfessiert en geleden heeft, dat hy omtrent VIIII dagen na meije laestleden hem met die rebellen en fyanden voors onser grootmagtigsten heren gevoecht, en mede die stadt van Lewarden belegen en voert all gelycken gelyck die andere rebellen en fyanden mede gedaen en gehandelt heeft gehadt, ’t welk alle saecken syn van ondeachdelyk voernemen, ten derende tot quaden exempel en consequentie, die niet en behoren ongecorrigiert toe blijven, mar behoren gestraft en gepuygniert te worden tot exempel van anderen soo is het dat die voors regenten en raeden overgewogen all ’t gunt dat tot deeser materie dienende, was met rype deliberacie van raede in den name en van wegen voors onses grootmagtigsten heren coninxs verclaert hebben en verclaerenmits deesen den voors Jan van Putten gecomitteert te hebben crimen lesae majestatis, ende hebben daeromme denselven Jan van Putten gecondempniert en condempneren mits desen geleyt te sullen worden alhyr op die plaatse voor t huis op een schavot om aldaar gericht te worden met den swaerde, en syn lighaam op een rat gelecht en syn hoofft op een staeke geset te worden ter plaetsen oft omtrent daar die eene schanse die men nu noempt Sant Johans Camp, geweest is, en hebben alle syn goederen ter cause van de voors delicte geconfisqueert en cofisqueren mits desen actum den 27 september anno 1516.

Rienk Wytsen, van Wirdum, te Dykshoorne by Beetgum gehangen wegens diefstal van vee in de weiden.

1516,

7 Octob.

Pag 5.

Gezien by die regenten en raden van Frieslant die confessie van Renieke Wythie zoen van Wirdum, alias potmergen, gefangen alhyr, daar hy buiten pyne oft banden van ysser bekent heeft, hoe dat hy omtrent twee jaer geleden twee schepen met coerne op die ander zijde van die poelen en daerna omtrent een jaer geleden 20 koyen op ’t bill heeft helpen met nemen, en dat hy noch daer en boven omtrent een maent geleden self ander wederom of ten tweede maal den een swarte koe. toebehorende een genoempt Claes op die Stiekwerf gestolen, en eenen man toe marsum vercofft heeft gehadt, ’t welk alle saken syn van ondeuchdelyk vornemen, tenderende tot quaden consequenten, die niet en behooren ongecorrigeert te blyven, mar gestraft te worden tot exempel van anderen. Die voors regenten en raden met rype deliberatie in den name en van wegen des kestelyksten Coninxs van Spanyen etc en heren van Frieslant, onses grootmagtigsten heren, hebben den selven Renick Wythie zoon gecondempneert en condempneren mits desen gebracht te sullen worden tot dycxhorne by beligum om aldaer gehangen en verworgt te worden aen een halve galge actum Lewarden den 7en dag Octobris anno 1516.

Gysbert van Raex

Geryt Mulart

Kempo J. U. qui doctor

Rienck van Kambuir

Rienk Kamstra

Gerolt Herama.                              

IN

1516

4 October

Berschnediging, der Jorge Jans tot de oproerige Duihene en Waalsche soldaten behoorde, onete Monniken baaynum lagen, waarby hy een doorgestoken heeft.

pag. 6

Informacie op den gefangen gedaen Jorge Jans soon van Sudland by middelburg genoemt, welke by die Walsche hooftluiden liggende te monnike bayum hier to Leeuwarden in fangenschip gelevert was. Anna 1516 den 4en Octobris door besef oft commissie my gedaan van den hoogen raedt onses aller groot magtigsten hern des Coninks van Spanjen etc, in Friesland, resideerende to Leeuwarden, om informacie toe nemen van die van monneke bayum, aengoende eenen gefangen Jorge Jans zoon genoemt toto Leuwarden en recht en gewaersaem ons aller grootmagtig stem hern des Conixs voors, by twe welsche cappiteijen overgeschikt en gelevert, met beschuldinge, dat hy een principael mede geweest sold syn van die oproeringe, die in vorleden dagen tot monneke bayum tusschen den deutschen en waelen geschiede, en dat die zelvde gefangen, sonder soldy daer is gelegen,hem soe in die oproeringe gesteken heeft, hem ook overslaende, dat hij eenen Solde hebben doetgeslagen, daer zie droevich om waren, Sint by my door commissie als boven tot informacie der Sake voors diese nafolgende tuygen itlicken bezonder op gehoert met Synen behoerlicken eedt daer to gedaen.

Hem die cappiteyn ritmeyster begert justicie soe hy ongetwyfelt Schuldig is den doetslag, des hy bewysen wil en Soe hy een Officier is des Coning? Matjt van Spanijen, condempneert den gefangen tot te doet.
Hery van Mornema onder den ritmeijster gelegen van rypelicke jaer secht dat hy heeft gezien, dat deze voors gefangen, den sulfftigen die doet is, en daer hy mede geschuldigt wordt, twee steken met een kaesbalger geeft op een gewondelick platse die hy my wijsde, dan sal die dolde wel meer dan twe wonden hadden, doer hy niet zeggen, dat den voors gefangen den sulfftigen gedoet heeft.

Guilherome kotten muyter onder den ritmeyster rypelick van jaeren, segt dat hy gezien heeft dat die voors gefangen die doede een steeck gaft met een kaes balger op die voors plaetse, dan dorret niet in der waerheyt by synen eedt, seggen, dat die dode doer die steek ter doet mochte gekomen wesen.

  1. ?                         ,datt hy wel van anderen gehaert heeft, dan heeftet niet gezien.

Jtem jong la aventuryr, ruyter, rypelick van jaeren, secht dat hij daarbij is geweest, doet hem aftgevracht worde met een bril op die duem, dat hij’t bekande gedaen te hebben.

Peter van Houten ruyter compareert by my en secht Soe hy den Sulfften gefangen hadde.


pag.8                                                    daarop claerlyk gebleken   Eemyck

grijsselicken en onchrijstelijcken

Pag. 9                                                   Jemma Tiessema en taytge Talma

intusschen rechts vryge-             medler Tyt te rechte gelegt hebben

leide hebben, is haar vrygeleide                            

Pag. 9 vso                                          is hoer legde

Pag. 10 vso                                         Wybe Lyeuwe Zoon in menaldum

  1. ut supra                                                         angaende eenen daetslach

daarop betaelt negen florenen

op Sint Servacyd dach nacdtkomende.

1517,   Pag. 13                   Pybe reynske fockes soon is eenes daetslachs halven,

soo hy aan Wythie goytije

6 Oct.                                    Soon te Wirdum begangen, op 30 floreenen componeerdt en een maant te betalen venicke Lamstra angesecht 6 Octobris anno 1517.

1517, ut supra                            Op heeden den 27en Octob anno 1517 is Douwe Dorst Syner gefanckenis halven op

27 oct.                                  den eedt als hier nafolget ontledicht, des heeft epo bocke soon syn broeder syn lyft en al syn goet te onderpande gestelt den selven eedt onvorbroickelyk toe holden.

                                 Eed en Vredebelofte van Douwe Dorst.

Ick Douwe dorst gelove en sweere an godt en syn heiligen deze vreede lanck duerende tusschen onzen grootmagten heeren den coninck van Spanjen etc en de den gelrischen ofte eenige anderen sich desen fryescher saeken tegen syn malst annemende, tegen syn con: matt: en geenerley manieren te handelen, te doen ofte doen doen, ofte ook en den Raedt te wesen tegen vooraf onses grootmagtigsten den kon. etc, Syn majts landen ondersaaten ofte bemanten gehandelt ofte getracteert worde, Syn grootmagsten of bemanten hinderlick ofte schaedelijk wesen mochte; ook met uit der stad Leeuwarden te trecken off toe reysen, ten zy by consert en wille des stadtholders of der borgemeisters etc toe Leeuwarden. So die borgen van Douwe Dorst op heeden een supplicatie overgegeven hebben, en begerende ontslagen te syn van de borgtochte, en holt des tractaats, is by de Heeren daarop geapoincteerdt , dat die supplianten sollen heur obligacien ofte den gefangen wederomme ter stede te stellen. 4 Novemb anno 1517.

                                               Hierop is Ghijsbert van Baax, in presentie van

z. Charterboek                meyster bucko, Willem de Wael, peter jans en Wybe Gerrits, borgemeisters,

2 dec. Pag.3 wz               met den selven borgen overkomen , dat zy den contract met hem gemaeckt

achtervolgen sollen, sonder forder enig behelp off enige nye fonden ter contrarie te soeken of te finden, des heeft Baex uit queden willen dog dar met niet van den contract tredende bewilliget, dat die laatste termijn van betalinge een dag 10 of 14 verlenght is etc etc.

1518,                                    Borgstelling voor Rymert Wolbes.

18 aug. Pag 14 rse              Nadien Rymert Wolbes etlicker seacken halven in gefanckenisse gekomen, is hy der maten ledick en uitgelaten, alzo dat saeck Wythie dochter rymerts wyft, alle haere goederen replick en onreplick te onderpande gistelt, alle haere vrouwelicke privilegie met haeren eedt renumcieert heft; daer toe syn foppe bolema en gerloft schryver voor hondert guldens borge geworden, alzo dat voort rymert op forder vorschryven weder inkomen en sich der sacken halven verantwoorden sall, datum Leuwarden den 18 aug. 1518.

  1. 1518                                      Allert Jans wegens doodslag mer den zwaarde geregt.

1 sept. Pag 14                    Soe als Allert Jans soon, tegenwoerdich gefangen alhyr onderhove van Vrijslant, olanx leden een doet slach an schipper Sybrant van Leuwarden, sonder onschult van recht, begangen en met der daet syn lyft vorbaert, dat dan niet onpugniert behoert to blyven en exempel van anderen, is by denselven hove to recht erkant, dat men voors allert Jans soon hier voor den huise Lewarden op het schavot faenen, aldaar met den smeerde van den leven ter doet justificeren Sal. actum Leuwarden den eersten dag Septembris Anno 1518.

1519, Pag. 15 Vso              Meester Albert van Bolsward veroordeeld ter Bedevaasrtureizen?

                                               rymsdyk, die vycastellein to Sloten

                                               tegenkon. mat. noch nymande anders.

                                              

Nadien meyster Albert van boelswart sekere saecken en expressen halven in onses grootm en heeren fangenschip gekomen, is die saecke op gulden luyden voerbede, beyde geystelick en wertlick, oek sonderlinge mede uit gracie en bermhertig heid, der maten begefen en de voors meyster albert en Sulcken gestalt uigelaten, dat hy binnen acht dagen hier uit doese landen na Sant Jacob den hilligen apostel to versoeken reysen, syn bedefaert uitrichten en niet weder in Vriesland duerende diese oerloge en twydracht sonder sonderlinge gracie myns grootmsten heeren stadtholders komen sall ende oft sich begeve, dat syn genade tot eniger tyt yet anders, angaende voors meyster albert Saecken, daeromme hy gefangen geweest is erfaere, dat hem forder belasten mochte, sall hy alle tyt op syn genaden erforderen weder inkomen, des rechten verwachten en iet uite blijven, dat hy alzoe gelaeft.

  1. Burmania                            en gesworen: oock Douwe buermange, meester tyman frericks en gerryt nammes daer voor to borge gestelt heeft sulx to volkomen: en soo die selve borgen gemaent worden meister albert to stede to stellen en dat met deden ofte doen mochten, sollen zie twe hondert golt gulden en die andere twee elck fyftich golt gulden myner grootmste hern to guet vorbaert hebben, die men alzoe van hen sonder forder behelp sall executieren mogen, des die voors borgen oeck met gueden voerbedachten moede en prekende van meester Geert mulaert en fan Rataller raeden angenomen en beweilliget hebben en dar op gelaefte hebben. Sinder argelist geschiet te Leuwarden den 10 dag january anno 1519. Meyster Albert heeft ook beloeft syn borgen als eenen gyeden man to slaet to guyten.

1519,                                     Bekentenissen van 6 Voldalen van Dokkum, te Suameer gevat.

28 jan. Pag 17 vso                     Nardien den 27en January anno 1519 ses knechten gefenckelyck to lewarden gebrocht syn, die in Kon. Mat. van Spanyen mynd grootm. heren Jurisdictioen in die greternije van Tietzerksterdeel, by Lewarden gelegen, in een dorp genoempt Zuameer, binnen bestande gekomen syn, omme aldaer Kon. mat. onderdanen en bewanten to fangen en to beschadigen, syn die selve knechten met namen hier genoempt in presencie van Cristoffel van Geysfeneck, Hans Pottinger, myns grootm. heern stadholders dieners, Nicolaus van Ost, kone maj. profoeste, Ieronimus Zobel, Douwe buermanye en Velten van Landan, Casteleyn to Lewarde op den huise, vorhort en haer eygen confessie hier nau opgeschreven.

                                               Wygman van Newe Kerck, uit de Lande van gelre geboeren, heeft bekent dat hem van den stadt holder to dockum eener genoempt bernhart van emsser vaer een kontschappen to gegeven is omme Kon. Mat. gesworen onderdaen en diener coppe binnen staende bestant to fangen, heeft sulks sonder pyne bekent.

                                               Stem bernhart van Kemsser heeft gesecht, dat hy kontschapper omme voors koppen Kon. Mat diener to halen geweest is, en van eenen Gerloft.

  1. Casteleijn                           Weerdt to Dockum op den huis daar toe gegeven is, soe heeft voos bernhart oock op een tyt gesnoren tiegen den huise van burgonyen niet to doen, en lach op dat mael onder Wilcke van Achelen, Con. Mat. hoeptman te Lewarden, hevet suex niet geholden.

                                               Hem wiert buwes zoen van bolswert heeft bekent, dat hy op diese voors reyse to dockum mede is uitgeschickt en dat toft op Kon. Mat. seene tae ysselwolde binnen bestandt heeft helpen halen, oeck mede op den overfall

  1. medenblik                          toe memelinge geweest is: sulex heeft hy sonder pyne gesecht. Hem Claes Wiltschut van Wirdum bekent, dat hy mede op die voors reyse geweest is om bernhart voergenoemt, syn ontschappen koppen Con. Mat. onderdaen en geswoerner to halen. Hem hans van dockum heeft bekent, dat hy met den schipper van Sneek te memelinge, en oeck by diese reyse geweest is, daar to hevet hy Con. Mat. onderdanen to hallum, en sommige huysluyden by Claercamp omme Olde brantschattinge binnen staende bestandt helpen halen. Hem meymert van Barlickum ofte Wopke genoempt heeft bekent, hy is by diese voors reyse mede geweest, heeft Con. Mat. onderdanen een leyne myle wegens van Lewarden to Wirdum, en oeck die onderdanen to Hallum helpen halen, en is mede to menmelinge geweest. Nadien Heuschen van bou Alick woerden halven soe hy te herlingen gesproken solde hebben en myns grootmste hern fangenschip tegen nymande Con. Mat. bewanten met woerden noch werken tot rekenen en sich midler tyt des jaers buten den lande van Vrieslant te ontholden, en niet daer in to komen. Aldus geschiet to Lewawrden den 28en dach january anno 1519 presentes nicklaas van Ost profoes en velten van Landen Castelleijn.

Pag 19 Vso                                         Derick van Lewarden wives moeder

Lewarden pag 20                           en den vorwaerder van den zelven ossen

  1. gelderschen.                     gelrisschen uit gnaden het kerkhoft

pag 20 Vso                           Thymen Frericks

pag 23 Vso                                         Hy waer met syn partia starck genoeg

 

                                               Ende uit Vriesland der hy lyflycken ten ehiligen geswoeren heeft in handen des provoosters, gebannen.

1520,                                     Verbanning van Niklaas van Nymegen e.s.

23 July                                  Op huiden 23en dach julij anno 1520 is nyes van Nymagen, uit oersake van treffelicke mishandelinge en insurien, die hy eene jeckele van tau hansen, lodwich hesse en andere booswichten gescholden heeft, en overgeslagen, dat hy drie oft vier echtige wynen hebben solden, het welck sich niet bevonden en heef heeft en hoe well zy meerder straffe verschult hadden, is zy duer voerbede sulcke straffe verlaten, doch dat sy kerz. mat. vrieshe landen by sonnenschyn suymen en nimmermeer weder inne comen, op poene van hechte in vangenisse tot broot en water geholden en by disere cie van den Raede geemigeert te worden.

lood Pag 23                        in der onzinnige wyse iii Oly

                                               Veroordeeling van Simon Adriaans uur ’s Hage tot geeseling langs de haar en uitzetting wegens laster en leugen.

1521,                                     Alzo Simons Adrians soon uit ten Hage fan Huige zoon die Hamingh synen

18 mei                                  meester in tegenwoerdicheit van frytz van grambach, amptman tot harlingen, vierelaegcht, ende aengeseyt heeft, dat hy den sulftigen fan Hayge zoon vlamingh tot sommige tyden met oncuysschen handelinge ende vrywing he an syn manlicheyt gehandelt ende verholpen heeft tot uitstortinge van syn nature waeromme frijtzs van grombach, zo die saecke ende mishandelinge zeer bues ende tegens der nature geschiet sou de wesen, hen beyden, ouck die vader en moeder van Symon voors alhier an den houe geschikt heeft omme claerder onder Saeck ende informacie daerop gedaen te werden, hebben die gestrenge en de hooeggeleerde heern van den Raede uit dien, den voors Symon uit ten Hage op ten 16endach van dese tegenwoordige maent van meye voer henluyden doen domen, ende hem ’t gene dat voors is voorgeholden ende scerpeliek oft gevraecht woe die mishandelinge geschiet was, ende oft ouck alzo was als hy an frytzs van grumbach geclaigt hadde, heeft hy geantwoerdt jae en die zaeke en mishandelinge op nieuwes vertogen ende verhaelt als boven geschreven staet, waerup hem geseyt worde dat hy sich wel bedencken solde; soe heeft hy alle syne woorden en presencie van de voors heern van den Raede revoceirt, seggende ick hebbet altemaell gelogen, dat ick myn meester sulex overgeseyt hebbe, ende ick heb sulex geseyt ende gedaen vermits dat ick verhaepte daerdeur zoe wel te bedryven dat ick met hem niet langer metter woene blijven soude, ende heeft an den voors hove om vergiftenisse gebeden. Aldus gedaen to Lewarden by Kclaes van Wilsterstorft. gooschalk jongameritter, Benick Kamminga, Reniek Kamstra, ende Cornelis Camerouwer, Raadsluiden van Vriesland op den 16en doch van meye anno 1521. Op luiden den 18e dag vanmeye anno 1521, soe compareerden voor den Hove van Vrieslant Adriaen uit en Haghe ende Emme Jacobs dochter syn wyft, zoe zy aldaer bescheyden waren, en worde henluyden by den voors heern van den Raede in bywesen, van jan die Vlamingh afgevraagt of zy om Jan die Vlamingh aengaende het gheene dat Symen haer soen hem aengebrocht ende Jan Vlamingh overgeseyt hadde, yet daervan of van andere saecken over hem wisten te verclagen oft te verwyten, zy hebben geantwoord dat zy niet en weten over hem te clagen ofte op hem te eysschen dan alles goets; maar die moeder heeft geseyt, dan onse zoen ons angebrocht heeft ende anders niet actum anno adie uts. Een weinig tijds daer nae is Symon Adriaens soon mede in presencie van syn vader ende moeder, dar Jan die Vlaming hoek mede by was voor den voors heern van den Raede gecomen aldaer hem weder op een nieuwes van ’t gene hy voren geseyt hadde, te voren geholden worde en waerheyt daervan te seggen ende te verclaren worde en waerheyt daervan te seggen ende te verclaren en dat hy sulx niet verswygen soude om nyemants wille, want hy op syn vrye voeten gelaten was, heeft hy alle die sulftige baese antichten, weder op een nyewes in ’t lange verhaelt en allen schyn als hier voren gelesen is ende geschreven staet, en heeft daerna van stonden aen ock bekant en geseyt dat hy daer an valschelick gelogen ende ’t zelve gedaen hadde om reden voer verhaelt; nadien dat t gene dat vors is, zeer beusselicken ende met groter logentalen an geven wort, het welck den gestrengen ende hoochgeleerde heern van den hogen raede der Roomsch Key. Mat. niet ongestraft te lyden staet ’t voors Hof heeft gesententuert ende verclaert, sentencieert en verclaert mits desen dat Symon voors in presencie van de heern van de hogen raede, neder vallen sal op syn kryen en bidden syn vader en moeder, en bysonder Jan die Vlamingh om vergiffenisse van ’t gene dat hy tegens henluiden en dese Saecke misbruickt ende misseijt heeft; dat gedaen, zel die voors Symon van de scherprichter geleyt en de gestelt worden op ten schavot, staende onder cancelrye, aldaar hy met scarpe roeden geslagen ende wel gegeyselt sall worden tot uitstortinge syn bloets, als dan van den voors scherprichter voort geleyt te worden die nyewe stad langes all geysfelende ende staende tot onzer liever vrouwen poorten it ten exemple van alle andere guactdoenders, en sal voirt binnen drie dagen reyssen uiten landen van Vrieslant, ende daar uitgebannen blyven tot eeuwigen dagen op syn lyff. Aldus gedaen to Lewarden den 18e dach van meye anno 1521. By Niclaes van Wilsterstorft godschalk Jongema, Ritter Renick Kamminga, Reynick Kamstra ende Cornelis Camerouwer Raedsluiden van Vrieslandt, daer ick by was

                                                                                                              Speyert

                                               Borgstelling van Herpie Melyssen voor de loslating uit zyne gevangenis op ’t kasteel te Harlingen.

1521,

10 juny.                               Op ten thiensten dach Juny anno 1521 in tegenwoordichheid der erntfesten, vromen Frytz van grombach, drost te harlingen, en de meester Corneis Camerouwer, Pro Gnrl keyzerlyke majets Raeden daartoe deputeert van ons grootmste heern stadholder, is heyne melissen borge worden, ende wordt borge overmits deesen, voor seerp Heynes

  1. beclaegde                          Zoon plietige, welke ons g.h. stadtholder genoempt syn leven weder gegunt heeft daer bede van priesteren, borgeren, jouffrauwen ende frauwen van Harlingenhen, dat die voors seerp Heymes alsulcke gefanckenis, daar met hy op den huise harlngen enthalden geweest is, op hogedacthten Keys. Majets bewanten, onder Saten off op gemant, den hy der oorsaeck der gefenckenis besweeren wolde, geen wrake, achterdeel schade hindernis noch generley detriment doen anfangen noch attempteren sall, daer hem oft gemant van synen wegen doen doen, dan alleene met recht, waer op Seerp voors synen behoorlicken eedt en Oerfeden in handen van Claes geysle, castelleyn op het voors huis en dowe abbe zoon, onder grietman van Barderdeel gedaen heeft, sulks steede vast en onverbreecklig te holden, ende heeft Heyne Melissen borge voors voordeese genoemde clausule ende condicie tot onderpant in de burchschaft gestelt alle syn goet, have hoe dat het gelegen is reppelick en onreppelick, en de dat voer die summa van vytig golden florenen ist Saecke dat daar enich der genoemden clausulen oft punten ingebroken, ende niet geholden worden, in tegenwordichheid heer Johannes junior, viearius in harlyngen ende urgert Jelme zoon getuige der Saecken ende my Bartolomeus van Aaelen, notarius causa. Actum op het huisf harlingen in maent, dage en jaere voort.

1521,                                     Bekentenisfen van Ypke Vaer c.s. wegens schoffering.

8 Octob. Pag. 26               Confesfie gedaan by Eepke Vaer op te 8e dach van Octbr anno 21 in presentie van meester geert mulaert Reinick Kampstra, Jan Rattallar en de meester Cornelis Kamerouwer, Raeden der Key: mat: geordonneert in Vriesland. Eerst secht, dat hy op Sinte Pieters dach ad vincula lestleden is comen ryden tusfchen franiker en harlingen, aldaar hem gemoet heeft tusfchen midlum en herbayum een frouw, die hy niet en kende met een cusfenteycke met armeten geladen ende hadde by haer een jonge ende een meysken , die hy oeck niet en kende en seyde hy, die spreekt, tot de voort vrouwe, ghy haer ghy neempt de luyden die armeten, ende men secht, dattot die knechten doen, die U die armeten name ende slaege U wel ende minde u daartoe, `t naar U liep offt leet, die deede U recht, ende trock syn messuit, ende sloechse twee of drie malen op die scholderen mette platte deeghen ; doe seyde de voort vrouwe ock en slaet my niet, ick wil doch all doen dat u lieff is, daarop hy geandwoort heeft, ja wild u dat doen, zoo laet ik U eens minnen, daarop sy weder seyde en slaet my niet, ick wil doen wat U lieff is, daar hy, die spreekt, altoos op antwoorde, soe laet my U eens minnen, en alsoe die voort vrouwe ginck sitten, is hy , die spreeckt, van den paerde geseten, en heeft syn haesen loss gedaan om het werck toe volbrenghen, en alzoe die voort vrouwe van verre sach komen een ryder toe paerde , soe seyde die voort vrouwe tot hem die spreekt toeft wagt tot `t paerdt verby is, dan will ick doen dat U lief is, daarop hy antwoorde `t paerd is noch veer genoeg, wy sullen `t wel volbragt hebben iest hier campt, en is mitsdien der voortvrouwen tusfchen die beenen gevallen, maar overmits dat zy zoe zeer bat dat ment paerdt solde laeten verbygaen, soe en heeft hy het werck niet volbragt, ende alzoe `t paerdt guam , daar een op sat genaempt Hero en was trawant van den ammerael, soe is hy, die spreekt, opgestaen soe seyde soe seyde die voorf Hero tot hem die spreekt, Eepke , heb dy daer een vrouw overcomen; daarop hy, die spreekt, antwoorde, oft ick een overcomen hadde wildy oeck wel bruyen, en is de vrouw metten voort Hero en wech gegaan, en het die armeten op te wech leggen, en hy die spreeckt heeft die armeten op syn paert genomen, en is daer mede en weg gereden tot harlingen, en die gebracht ten huise van Jacob Metzger, ende anders en weet hy niet.

                                                         Informacie gedaen to Lewarden en de cancelrye                                                                      

                                                               17en Oct. anno 21, in de mishandelinge van Eepke Vaer gevangen. Bij mijnen heern Stadtholder Jongama, Kampstra, Ratallar en Camerouwer.

                                               Alijt dirck wevers wijff te franeker zegt by huere eedt, dat zy op Sinte pieters dach advincula verleden is comengaen tusfchen midlum en herbayum met een knechtken en een meysken, dragende op haar hooft een teectkusfen met nyeuwe poele ofte erweten, die haar gegeven waren te midlum by Wybe Claas zoon. Soe is van franeker haar te gemoet te peerde gecomen een genoempt Eepke Vaer, leggende onder Douwe Bourmania ammirael als nu hier gefangen op ten huise, die haer de voort teecte van den hoofde heeft willen nemen, treckende haar by haar hooft en seggende geeft my die sack, en soe zy deposante hem die niet geeven en woude , soe zy seyde, dat se haer gegeven was omme de erweten met huer man en kinderen te eten, soe is die voort Eepken Vaer van de paerde gesteegen en heeft haer de sack oft cussenteecke genomen , spreckenden veel lelieke woorden, vloucken en zwerende, zeggende vaert, ghy hoer ick moet U een poos bruijen ende stiet haer neder . Ende naedat hy haer met synen deegen zeer geslagen ende gestoten hadde en dreigde haer meer te slaen, indien zy syn wille niet en woude doen , en zy nyemand tot troost oft hulp zag comen, heeft hy haer met cragt genomen en heeft haer bekent en met haer syn zyn wille gedaen ende `t zelve doende heeft haer deposante omme geworpen , zoodat zy boven op syn lyff quam leggen, en heeft se alsoe vast met armen gehouden , soe lange tot eene genaemt Hero leggende ook onderde ammerael te paerde gecomen is zoe heeft sy deposante aan Hero geroepen ende mits t zelve leyde Eepke vaer syn beenen over haer beenen , ende als de voort Eepke vaer den voort Hero sach , die hem vroegde of hy een vrouw overcomen was, antwoorde hem; rijt voort of wil dy mede eens bruyen, soo coompt hier ende mits t zelve heeft hy haar deposante laeten gaen en is sy deposante soe mishandelt , schreyende en wenende terstond gegaen nae franecker tot hueren man, en Eepke Vaer is gereden met de voort hero nemende die voort teecte en erweten met hem te harlingen.

                                               Yebel Jan Smids dochter te franicker oud omtrent 16 jaeren Zeyt by haeren eedt , dat zy by den voort deposante is comen gaen van midlum na franicker , als Ypke vaer de voort mishandelinge bestont te beginnen, en weet daer anders niet van dan dat sy sach dat de voort Ypke vaer de voorn Alyt de doecke van haar hooft scheurde ende haer die teycte met erweten benam en slouchse en stietse seer met syn degen, soe dat zy en de jonge die daar oock by was wech liepen tot het naeste huijs, ende hoorde daer van verre dat die voort alyt zeer luyde screyde en riep, maer en conde niet zien, hoe Ypken vaer met haer handelde.

                                               Cornelis Tyetes oudt 11 jaaren gefraegt op alles zeyt dat hy gezien en gehoort heeft soe Yebel voorgaande tuyge genoech in forma geseyt heeft. Nae de voort uitvroyacie en examinatie is voor myn voort heern Stadtholder en voorgenoemde Raeden gecomen dirck wever met alyt voort syn huysvrouwe en hebben beyde recht en justitie begeert gedaen te worden an die voort Ypken vaer nae vermogen der voort mishandelinge by hem an den voort Alyt gedaen.

                                               Hero bae zoon geexamineert als voren zeyt by synen eedt dat hy op Sinte Pieters dach advincula lestleden is uit bevel van douwe bourmania, wiens trawant hy doe ten tyt was, gekomen ryden te peerde tusfchen midlum en herbayum en zach dat ter zyden van de wech Ypken vaer zat met een frouwe genoempt alyt dirck wevers wyff, die hy doe niet en kende en Ypken Vaer was syn brouck aftgedaen , en had synen beenen dwars over alyts beenen gestrect , en de voort alyt was zeer ongedaen en beschreyt en riep an hem soe dat hy tot haerent reet, zeggende Ypken Vaer wat maeckt ghy zy dy een frouw overcomen, daerop Ypken Vaer zeyde, jae wildy mede eens bruyen, soe sach hy dat de voort alyt Ypken Vaer ontliep en begeerde by hem deposante te wesen en Ypken Vaer liep na haer , meenende haer van achteren te houden, maar soe syn paert ontliep en conde hy haer niet volgen ende de voort alyt claegde hem deposant dat Ypken Vaer haer tegens haer danck en wille uit groter vrese, die hy haer angedaen hadde bekent hadde en deur ansprecken van hem is Ypken vaer met hem voortgereden tot harlingen, neemende die cussenteect erweten nae hem zeyt voort dat `s avondts in der herberge als hy zeyde Ypken vaer wat hebt gy gedaen , ick dacht, gy sultet noch wel vernemen antwoorde Ypken vaer , ick heb die hoer gemint oft gebruickt en ghy hebst meede gemint in den rietbosch, ik hebt gesien , en niet meer en weet hy.

                                                               Op den voort dag is de voort Ypke Vaer weder by den voort Stadtholder en Raeden geexamineert die boven syn eerste confesfie en belydinge gekent heeft, dat hy met de voort alyt dirck wevers wijff te doen gehad heeft maar zeyde dat hy syn wille met haar niet en volbrachte.

1521,                                     Sententie voor Ypke vaer te Harlingen wegens vrouwekracht ten zwaarde

26 ocotber                          gedoemd.

                                              

                                               Alsoe een genoempt Ypken vaer Als nu gefangen alhier op ten huise te Leeuwarden en butten pyne en banden van ysfer bekent heeft en genoechsaam by informatien gebleeken is, dat hy op sinte pieters dach ad vinculen verleden is comen ryden te peerde tusschen midlum en herbayum aldaer op ten heerenwich gemaet heeft een vrouwe genoemt alyt dirck wevers wyft, die hy niet kende draegende op haar hooft een cussenteecte met nyewe erwten, die haar gegeven waren, sae is de voors Ypken Vaer tot haer gereden en heeft met craft die voors erweten van haar hooft willen nemen, seggende ghy hoere die u die erweten nam en sloege u wel en minde u daartoe, het waer u lof off leit, die deede y recht en de heeft syn messe uitgetogen, en heeft de voors alyt twee of drie slagen gegeven en haer die voors cassenteycke met erweten genomen, spreekende veele leelicke woorden, flaeckende en zweerende ende naa dat hy haar zeer geslagen en veel dreygelick woorden gegeven hadde, heeft hy haar met craft genomen, en heeft haer bekent en syn wille zae veel hem mogelk was, met haer gedaen. ende is voortgereden naa harlinghen nemende de voors cassenteecte met erweten met hem ende sae dezelve saecken ongestraft niet en behoren te blyven anderen ten exempele soe ist dat by den hove van Vriesland uit den naam en vanwegen der Kon:Mast onsen allergenadig sten heeren toe recht erkent en voorgenoemden Ypken vaer gecondemneert is by den scherprechter hier voor’t huys op het schavot gelegt en aldaer van levende lyve ter doot metten swaarde gejusticieert te worden. Actum Leeuwarden den 26en dach Octobris anno 1521. By myn heer de stadtholder jongama, Juliaus van Botnya, Cammynga, herama Rattales en Camerouwer.

1535

12 april                                 Lyst van de Namen der 31 vrouwen, wegens deelneming aan de beroerten der Munstersenen in’t Rompenser meer verdronken.

                                              

                                               Namen der 31 vrouwen, die volgens de sententie van de 12 april 1(8)535 ter doot gebragt syn:
1. Ancke Siourdts dochter; 2. Janthien Jacbos, huivrouwe van Nes; 3. Alyt Claes dochter van Franeker; 4. Atte, Nanne Sybrants dogter, van Schingen, 5. marne Frouke huisvrouwe van de Ryp, 6 aefke harmens dogter, 7. baucke Joris dochter; 8. Anske, Lieuwe hayes dochter, van Collum 9 Anna Jans van Tzum; 10. Anne Luytthie dochter; 11. Tryn Willems dogter van Ried; 12. Jutter, weduwe van Jan Eysens; 13. Wabbe. Lysbeth dogter, van Pinghum; 14. Inthie Claes dogter van Wier; 15. Jetz Colmers wyf, van Franeker; 16. Aefke, Harman thijs dogter van Tzum; 17. Tryn, Harmen Thys huisvrouw; 18. Abbe, Lieuwe haye dochter; 19. Aefke Harmens dochter; 20. barbara Geerst dochter van Sexbierum; 21 brecht, harman thijs wijf; 24 Frouw, harmen thys dochter; 25. Tryn Ruerdts dogter, van Collum; 26. barbara dirks, van wier; 27 anne Jackle dochter; 28. geerdt name dochter; 29. fedde binnerts dochter; 28. geerdt name dochter; 29. fedde binnerts dochter; 30. geert hans dochter; 31. Rieme douwe dochter, van Jelsum.

                                               Gabbema, verhaal van Leeuwarden, bl. 371, noemt een getal van 37 vrouwen en dochters. Winsemius, 506, en blaeyoor Ten Care, 16, make van de gezegtsoefening van het Hof geene melding. Wemezelyd was her de sententie zelve te bezitten, waartoe deze lyn behoort.

                                               E.

1657, 14 maart

                                               De advokaat dr. Henricus Neuhusius voor een jaar gesurpendeurt wegens door hem vervaardigde lasterlyke lateinsche verzen en gezegden op den overleden Raadsheer Henning Georg van André.

                                               De Procureur Generaal, Clager

                                    Dr. Henricus Neuhusius, gevangen en beclaagde.

                                              

                                               Gezien by den Hove van Friesland de proceduren voor denzelven Hove hangende tusschen de Heere Procr Gernl clager ter eenre op en tegens Dr. Henricus Neuhusius, gevangen en beclaagde ter andere zyden, de Heere klager houdende volgende articulen voor syn Libel, deede verhaalen, dat de Gen. autheur is van de Latynsche versen alhier met A. bygaande, de heer Commissaris gelive de gev. de voors versen voor te houden en doen recognosceeren: dat de Geo. de drukker Frans Hardomans last gegeven heeft om de gemelde versen te drukken, dat de voorgemelde versen alzoo door de druk openbaar en gemeen syn geworden; dat uit lecture van voors versen meer dan genoeg geblykt, dat des cloe gemaakt syn tot hoor, smaad en schimp van wylen de Heer Henning Georg van Andréé, in leven mede raad ordris van deesen hove. De heer comris gelieve de Geo. aftevraagen, wat hem bewogen heeft en dier voegen de eer en reputatie van wylen den welgedagten Heere Andréé te schenden; dat een dag of twee naa de dood van de welgedagte heere Andréé Wybe Gerkes Hoptilla en de gev. geweest syn ten huise van dr. Jacobus Nicolai, Advocaat vor desen Hove; dat ten voors tyde de gev. tegens de gemelden Dr. Nicolai gezegt heeft, wil ik u wat nieuws laten sien? dat Gev. met een uit syn buisse getrokken heeft twee exemplaren van de gedrukte Latynsche versen, boven onder A. in desen geexhibeert; dat dezelve nog nat waren, als nieuwelyks gekomen synde van de persse; Dat de gev. de voorss Latynsche versen in het byweesen van de gemelde Wybe Gerkes Hoptilla, den meergedagten dr. Nicolai te vooren heeft gelezen; dat de gemelde Advocaat Nicolai, siende dat de Gev. twee exemplaren hadde van de voort gedrukte en boven verhaalde latynsche versen, gëeischt heeft één van de voort exemplaren dat de gev. geweigerd heeft een der exemplaren aan de gemelde Advt. Nicolai over te leveren, seggende daarby “het is nog geen tyd” Dat onder het weigeren van een der exemplaren aan de Advt. Nicolai, dezelve Advt. den gevangen seer heeft berispt over de grauwelijkheid syner versen, dat de Gev. daarop heeft geantwoordt; ik kan het wel geod maken, dat Wybe Gerkes Hoptilla hoorende voort woorden gesegt heeft, Dr. hebt gy al wederom in het werk geweest; dat de Gev. daarop weinig of geen antwoord geevende, beide exemplaren van de gedrukte boven geexhibeerde Latynsche versen in de buise heeft gestoken, en daar mede is weggegaan, dat weinige dagen na de dood van wylen de meergedachte heere Andrée tegens den avond, op de nieuwe stad omtrent of voor het tontje hebben gaan wandelen, de gemelde advocaat Nicolay, de Subst. Proer Genrl. Gerardus Radijs, mitsgaders Everts Horn, gewaldige provoost der Friesche regementen, dat de Gev. komende uit het Tontje voors, zich by de voorgemelde drie persoonen heeft vervoegd; dat onder andere propoosten discours is gevallen generalyk over het sterven en in het byzonder over het overlyden van wylen de welgedagte Heere Andrée en Dr. Rombartus Ockema, in leven Advocaat voor deesen Hove; dat mede mentie is gemaakt geweest over de Latynsche verzen boven gemelt; dat op het verhaal van de Latynsche versen de Gev. weinig antwoord heeft gegeven; dat de Gev. datelijk daarop met onbetamelijke en grouwelyke woorden tegens wlen de welgedate Heere Andrée is uitgevallen, en denzelven voor een schelm heeft uitgescholden; dat de Gev. voorts daarby heeft gevoegd dat de duivel hem al weg hadde en in de helle gevoerd om te pynigen, met andere onbetamelyke woorden meer; dat de Gev. daar benevens uitgebonsten is, en dese navolgende woorden, God heeft myn gebed in deese maand September verhoort en twee van myne captiale vyanden, twee Godlose schelmen/ noemende wylen den welgdagten Heere Andrée en Dr. Ockema / weggerukt; dat de Gev. daarby wyders heeft gezegd; ik wenschte wel dat ik Plutors of een der duivels trawanten ofte stookers mogte weesen, omme haar in de helle te helpen tormenteeren, ik soude haar wel aanstoken; dat de Gev. telkens by het verhaal van bovengemelde grouwelyke woorden en schimper in spytig lache is uitgeschatert, dat de advocaat Nicolay, de Subst Radijs, mitsgaders de geweldige Provoost Horn de Gev. over boven verhaalde onbetamelyke en grouwelyke woorden ten hoogsten de een na de andere hebben bestraft en berispt; dat de Subst Radijs tegens de Gev. onder anderen mede heeft gezegd; Dr. het schynt dat God U in een verkeerde sin heeft overgegeven; dat als de Gev. mede toegesegt wirde, dat dewyl hy veel vriendschap en beneficien genoten hadde, en hem veel goedts gedaan was van wylen de welgedagte Heere Andrée, hy gev. in dier voegen van hem na syn dood niet behoorde te spreeken, jaa zig des behoorde te schaamen, sulks alles echter niets heeft geholpen; dat de gev. evenwel en syn grouwelyke woorden spytig en schimper lachen en uitschateren heeft gecontinueert; dat mede daar te boven op al sulke voorgemelte propoosten van bestraffinge de Gev. zig niet heeft ontzien te zeggen, wel hoe? die man (de signeerde daarmede wylen den wil gedagten Heer Andrée) was al verdoemt, doen hy nog leefde. De klager houdende voorgeroerde artlen voor syn Libel, en uit het geene gesegt is, nagesegt by den Hove ex officio sal worden gesuppleert, concludeerende contendeert, ten einde de gev. alzoo gestraft sal worden, als het Hof bovenden sal te behooren, maakende eysch van kosten en misen van justitie, waar tegens de beklaagde seyde voor antwoord, verhalende, dat het libel twee beschuldigingen contineert, de eerste bestaande in de eerste 17 artlen, waarin gesustineert wordt, dat het carmen onder lit A. geëxhibeert soude syn een pasquil ofte libellus famosies, het welke by de bedaagde niet alleen wordt ontkent, maar sal daaruit contrarie betoonen, dat diezelve versen niet tot diffamatie ofte onére maar tot lot van wylen de Heere Andrée syn ingesteld, sulks geblykt immers voor eerst uit de titul, waar in syn Ed worden toegeschreven sodanige qualiteyten en eeren, als hy in het leven heeft gemeriteert. Wyders kan by een onpartydig leeser uit de geallegeerde versen de allerminste infurie op de persoon van wylen de Heere Andrée niet getrooken worden, gelyk als uit de ontledinge kan geblyken.
Thomas Carmienis est, omnibus homenibus est moriëndum argumento deducto ab adjuncta mortelitatie, ut.

Omnibus mortalibus est moriendum
Omnes homines sunt mortales
Ergo omnibus hominibus est moriendum

quod probatur et amplificatur perinductionem et authitesin malorum et bonorum: inpriore carminis parte generaliter et indefinite logustus est postenoram ellustravit exemplo specifico Dr Andrée P.M.
Bartole spumantes facies equitare caballos. Et sponda, incedas durte, morte cades.
Hu per syneeh: speciei quosuis juris consultos intelligit se cundum illud. Bartolus et Baldus equitare caballos. Nobilitastua se peregrinis juctet ab oris.
Jaetarunt sane olim Casares, Reges, Principes mangnates alüque jactant et hodie multi nobilitatem suam; aliús ab ora peregrina alius ureina alius aliunde: quid tum, ergo est corydon, es menalcas qui jactas, sie concludere solent, qui nesciunt quid distent ora lupinis. Atque Aquilam jungat Trisia, morte cades. Etiam aquila Romanorum, olim frut insignes: hodie Casarum Romanorum, Frisus etiam usitata, dimidiate fumitur hie Aquila syneed: speciei pro genere pro quolibet insigni, et Frisia percundum trojorim pro quavis regione accipitur

                                                               Otere divitus aliens a sanquine partis   

                                                               Emptaque possideas prodia, morte cades

                                               Sis miles, latro Dives, sis injustus, sis avarus, perfas et nefas, coedes, rapinas, fraudes, dolos malos, multas opes corrodas multa proedia, fundos etagros etc coemas injusto titulo possideas, morte cades.

                                                  Lude bonos, dirumque tegas sub corde venemum  

                                                  juratamque fidem neglige, morte cades.                                

                                          Sis malignus, Sis calumniator Ses Simulator et dissimilator, Sis perjurias, Sis perfidus, moriendum est.

                                                   Eloquis Marcum superes, gravitate Catonem

                                                         Gestibus et sequanam subjice morte Cades

                                          Sis facundus et eloquens ut Cicero, Sis gravis

                                           Aspectabilis ut Cato, Sis bene moratus et politi

                                          onbus ingenic dotibus omatas, ita ut peregrinas

                                           nationes Superes, tamen moriendum.

                                                  Stet laten Pygmea manus, Sielerumque ministri

                                                        Qui Socro Cadant cuspide, morte cades.

                                           Sis Stipulatus Satellitibus, apponitoribus, lutori

                                           bus et pygmais (: qui Solent cam cuspiede con

                                           tra grues bellum gerere:) appesidices enim tales

                                           bromines magnanim aularum, Sic ut dicantur

                                           culices aulie, teste Lipsio.

                                                 Fallor an et pietas, virtus, Sapientia, candor

                                                     Cura, labor, leges, manera morte cadunt.

                                           Dotibus his ornatus eras Andrée, Senatus  

                                               Gloria, Frisiaei dextra Salusque Soli    

                                         Fe tamen incolumem non mors pestisque religisit

                                              Sustalit ast tanti lumina clara patris.

                                         Vellem equidem! Dignas trimulo conferra coronas

                                               Sed prae tristitia Sordet Appollo matri

                                        Si non ex titulo et inscription Satis appareret jus

                                         Tus honst et dignitas, qua defuncto Dno Senatori

                                                                                                                      P. M.    

                                        

                                         P. M. ex meritis tribuitur, abunde hoi colligi po-

                                       test ex hac Sieunda parte carminis, quae inspecie

                                       ipsius uirtutes recenset, quod tollit omne dubuim

                                         antecedentium male a Duo Procuratore explicatorum.

                                        Behalven dat, zoo kan de goede meeninge en intentie

                                            van de beclaagde tot lof van wijlen de Heere Andree.

                                         Klaarlijk geblijken uit het gedrukte exemplaar, alwaar

                                         door een interstitium de generale propositie malorum

                                         it bonorum van de particuliere deugden wijlen de

                                         Heer Andrée toegeschreeven wordt gesepareerd, Synde

                                        tusschen beiden gelaten een spatium van een geheel

                                         Distichon, quaeso quid est bebellus Jamosus? Est

                                         detractio boni nominis et integra fama, dolo ma

                                         lo per Suppres fionem nominis his alusque com

                                         municata et in vulgus dispersa arg: L: uni:C. de lib: famos:.

                                            Waarmede immers dit geexhibeerde carmen de allerminste gemeenschap heeft; het is nooyt in het ligt gegeeven, veel min bedektelyk gespargeerd.

                                         Want de beklaagde tot corrective van de drukfauten een exemplaar bekomen

                                         hebbende, en hetzelve met een goed vriendt gecommuniceerts die oordeelde

                                         dat eenige quade humeuren deze versen Sinisterlijk zoude kunnen interpret-

                                         teeren, Soo heft hij terstond den drukker per misferie aan geschreeven,

                                        dezelve geenzints te laten uitgaan, onder belofte om hem voor Sijne gedane

                                         moeyte eerlijk te Sullen contenteeren, gelijk ook hij beloofd heeft hem daar na

                                        te Sullen reguleeren, waardoor dan immers de beklaagde (posito, Sed minime con?   het carmen mogte Smaken na een pasquil:) na regten van alle

                                         Straffe bevrijd is: ut late tractat Jacob: Mensch: lib: 2 arb:jud: queest: Cent: 3 cas 263 w.37. Harp in S1. inst de infur. num 170 ct segg. Imo eousque hoe obtinet, licet autor famosum libellum. janx affexerisct, antequam ejus dwulgatio et publication facta est Harp in.d.bw 179 usque ad 180. Cesfat etiam poena, suguis labellum famosum alio libello publice revocaverit, asserens ca, quce in libello famose seripta, non. esse vera Prosp. Torn, in practie, crim: parte 3 quest: 105 mutto minus in hae nostra quastione, ube nulla diffamatio, imo syppresfio, et per publicam, orationem contraria assertion, et plenum cosum matymque laudum et vertutum ampliss: Cno Andrée en Cominum, quo non ip se tantum, verum etiam magni nominis pater avi proavique et deseen dentes in aternum, ercturi sunt. Waarmiede de beklaagde vertouwt sig van de eerste accusative genoegzaam ontschuldigt te hebben, end at diensvolgens de M artken daarop staande, na behoren syn gerefuteert, komende daarmede tot het tweede lid van het Libel in sig vervattende eenige segsmoorden, ofte dronkenmans praatjes, die de beklaagde vooraf omtrent het Tontje soude hebben gesproken, waarvan hy verklaart geen kennis of memorie te hebben, maar hem is wel indagtig, dat hy omtrent de geallegeerde tijd in het 18e art: met de subst Procr. Gnrl. Radijs, Dren Nicolay en Hansma in het tontje eenige mingels wyn heeft wesen drinken; het kan wel syn, dat dies tijds by de beklaagde stylo poëtico eenige focosa verba syn verhaalt, sonder dat hem in het allerminste bewust is dezelve, invoegen sy wederom syn overgebragt, gepronuntieert te syn, veel men dat hy daar door wylen des Heeren Andrée goede naam en faam soude hebben gesogt te denigreeren, ofte syn ziele qualyke toegewenscht, die immers de beklaagde na de aart der liefde vertrouwt in Abrahams school te rusten. De beklaagde verklaart dat hy diestijds tegen syn natuur en gewoonte met de wyn soos eer bevangen is geweest; dat hy van syn woorden nog propoosten, diestyds gehouden eigentlyke geen kennisse heeft, die hem daarom iet ten quaadsten behooren geimputeert te worden, veel min kan hem na regten daardoor eenige streffe opgelegd worden, gelyk als Ant. Faber tracteert in Cod. in tit: verb. ebrius. Ende soo de heere klager soude gelieven criminaliter te procedeeren tegensalle diegene, die inter pocula et aleas eenige Schandaleuse propoosten dagelyks voortbrengen soo staat te bevresen, dat syn Ed. al te veel werk soude worden gesneeden, dog alles ten quaadsten geduides geenzins, soos oude alels maar geschreeven en gesprooken zijn van een particulier heer, reede versturven wiens erfgenamen zig in het aller minste de zaak niet becrodigen, veel min de beklaagde daarover convenieeren, ende is hierdoor de Provintie van Friesland, nog het Hof Porovintiaal niet geladeert, maar kan en moet dese geprietendeerde actie niet anders als personeel worden gehouden; namenperia judici, non en judici nom coram tribunali Sedente non exercitio oficie illata non videtys Judici tanquan judici, des privata personee; late hoe disputat Berl; in cond: tit: de injur; waarmede dan concludeerende, contentdeert de beklaagde ex dictis duendis, et officio judicis supplendis, ten eynde de Heere klager tot syn genomen eysch en conclusie sal worden verklaart niet ontvangbaar, en de beklaagde daarvan geabsolveert cum expensis- al vermits welke redenen, nadien by partyen weder syds voor Replicq en Duplicq gepersisiteert en geconcludeert ware, hadde het Hof bevindende parthyen in faicten contrarie dezelve tot hun toon en bewyd geadmitteert, wiensvolgens deselve van Portetien hine inde gedient, en ook getuigen daarop wedersyds geproduceert, voorts mede van meer getuigen gerenumtieert en by de beklaagde van Remonstrantie gedient, en by partyen eyndelyk in de Saake geconcludeert, voost om recht in expedictie gesolliciteert. Het voors Hof op alles rypelyk gelet en geconsideert hebbende, het geene men in desen behoorde te considereeren in de naam en van wegens de heerlykheid der landschappen van Friesland, suspendeert de beklaagde voor de tyd van een jaar van syn Advocaats ampt, en condemneert hem in de kosten en misen van Justitie. Actum de 14 maart 1657.

1669, 9 februari                Procurator Generalis, aciusator Contra

                                               Thomam Gyarmati natione Ongari Captivum

                                               Quoniam Curia Frisia ex confessione Thoma Gyarmati. Ongari captive satis apparent, quod captiys tempore sin adoentus penes Se habent nihil vel peeuma, quad captuis pollicitus erat se hospitam expergefacturum circa terstram madtietenam, ut ella se ad lavandum accingeret quod captivus entra factam hospital promis fionem de expergefaatione ad lavandum inter horam nonam et decimam exivit ex hospitie hospital non pramonita de exetie, et absque alieujas invitatione, quod captivus hora quinta matutina doman reversús et ad pulsationem intromissús est, quod falso coram senate tiademico affirmavit se iadem noete fusse apud viduam quondam, Pietertje Martens dictam, et habitantem e regione Arademice, quod captivius andivit ex populari suo quod ex quadam capsa in cedibus Elisabetha Pontance ablata, sunt Omnia vestementa muliebria et ornamenta, annuli aurei, argentum, fabrefactum, religuaque bona, specific, deseripta en secdula empressa, quod, captivus ambulans en moenibus Franequeranis observavit quondam hominem congerendo occupatum circa foramen quod dam, ae in de pauls post exeantem, quod, captivus coitans aliquid ibi esse abseondeictum, circa canie tempus reversus est, quod captivus eodem foramine absbilet saccum, quo res futiva continebantur, eumqere en secessie quodam vreino juxta vallum deposint et ielavi, quod captivus postea e sacco abstulit quedam vasa argentea et post profectionem Amstelodemensen etiam reliqua bona quod bona ello a captive en cista sunt occultata, quod bonailla etiam fuerint reperta in cista captive, his, solum modo exceptis, quorum nominibus in secdula linca sunt subducta, quod captionis post commissum et manifestatium furtum Franequera profectus est Amstelodamum sab specie, ut in de afferent pecuniam, quod captivus Amstelodami vendioit diversa futiva ae argentea vasa et instrumenta luidam aurifavro gard captivus adjumento enjuasdam jinvenis, Rudolphin van der Meer, tanquam interpretis usüs est in venditi one argenti fabrefaeti, quod captivus falso tune allegabet, se bona illa accepisde ex obitu uxois, qua antea nupta fuerat caidam Pontano, quod captivus falso tune allegabet, se bona illa accepisse ex obitu uxoris, qua antea nupta fuerat cuidam Pontano, quod caprivus ex illa venditione a ecepit pretium octoginta quatuor carolinvum, ant viginti septem ducatones argenteos in specie quod captivus emit ali quot libros, et solvit ex dictis nammis, pro furtive argento acceptis, quod captivs post profectioren Amstelodamensem domam neversus hospita osten di aliquot dueatones argenteos quod quoque hospital solvit ducatonem ac aliquot stuferos pro captive expensis, quod captivus alüs interdixet ne varadi significarent so pecuniam accepisse, qua fa cinora sunt pessimi exempliet sedere corrigi debent, ut alü exemplo determenatur ideo pradieta luria, consideratis considerandis nomine dominü huyus Provincia Frisio, pranominatum captivum condemnavit, et ad hue condemnat ut a carmfice in atrio publici careeris aeriter vergis dacatur, deinde relegate captwum en Frisia ad decennium et praepit ei disiedere ex hae urbeante solis occasum et ex hae provincial entra triduum sub poena arbitraria actum de 9 Febr. 1669.

1680, 22 septb.

Het Hofverbiedt andermaal van Ernst, Keimpe Frans van Donia om weder op Hinnemastate te Jelsum te komen en daar verblijf te nemen.

De Proer Gnrl Klager to Ernst, Keimpe en Frans van Donia

Alzoo den Hove van Friesland gebleeken is dat hoewel Ernst, Keimpe en Frans van Donia ingevolge   `s Hofs Authorisatie van de 22 Mey 1680 door de Deurwaarder Herms niet alleen syn gedaan delogeeren van Hinnema State tot Jelsum, maar nog daarteboven haar is bekent gemaakt `s Hofs ordonnantie, waarby haar is belast van opgemelde State niet weder te komen by poene van incarceratie ; sy haar echter niet hebben ontsien van op de 20 Augustus 1680 hun te vervoegen in het hof, tot gemelde State behorende, en van daar te halen een goede quantiteyt boomvrugten, door welke overtredinge van `s Hofs beveelen, ofwel voorn. Ernst, Keimpe en Frans van Donia hadden verdient op het gedemolieerde Blokhuis te worden gebragt ; soo is het egter , dat het Hof, ontmoveerende reedenen, goedgevonden heeft daarvan voor ditmaal te dispenseeren. Interdiceerende niettemin als nog van gemelde Ernst, Keimpe en Frans van Donia, dat sy haar niet sullen hebben te verstouten van weder op gedagte Hinnema State te komen om aldaar verblijf te neemen, veel men aldaar eenige ongeregeldheeden te pleegen ; by gebreeke dies, dat dezelde Ernst, Keimpe en Frans van Donia defacts en sonder eenige connivente op het gedem Blokhuis sullen worden gebragt, en aldaar tegens haar sodanig geprocedeert , als na exigentie van saaken zal worden bevonden te behooren. Actum de 22 September 1680.

Bovenstaande acte van interdictie is ten over staan van de Heeren Agge van Sixma en Quiryn de Blaauw, Raaden Ordris als Comraen benettans de Heer Proer Gnrl en `s Hofs beneden vertrekkamer Ernst, Keimpe en Frans van Donia voorgelezen . actum uts.

                                                                                                    me presente

                                                                                               Ter Ord toe van de Hove

                                                                                            (.get.) H: Julius Huber

                                                                                                                          1680

                                            

La cour de justice condemne ledetemi a cause ‘d exies pour luit jours a pain et a l’eaux et lui ordonne en suite de sortir de la Province de Friese, et e la Ville de Lewarden avant le soleil coucahant et de tout la paijs an trocsieme four sans pourvoir Y revenir put mendier a peine détre fouette aense prononie le 19 febrier 1739

1668

  1. 9mei                         Sententie voor Tryn Hendriks wegens mishandeling Christiaan Wolters aangedaan.

Alzoo den Hove van Friesland uit de confessie van Tryn Hendriks van Dokkum, tegenwoordig gevangene, en de anderaint uit de procedures genoegsaam gebleeken is, dat de Geve. op den 26 december 1667 eenig leed ontfangen hebbende van Christiaan Wolters, gesmoren ende gevloekt heeft omme sulks te wreeken, seggende, soo waar ik ben daar geef ik de duivel lijf en ziel op, hij te scheurt my van lidt tot lidt, soo ik hem niet weer een schelmstuk schuldig ben; dat de geve. de voorn Christiaan als hy omtrent negen uur des avonds van de wacht quam ten huise van Nicolaus Reide, alwaar hy hadde, heeft gelanckt een blankers kantje met genever water, seggende ik heb de gantsche dag gedronken, drinkt gy dat uit in godes name; dat de voornoemde Christiaan hetzelve opgedronken hebbende, en daarna wederom na de wacht gegaan synde, den zelven nagt tusschen 12 en 1 uur heeft begonnen te gevoelen groote pyn en syn manlykheid, als iemand die met koude pis is gequelt; dat dezelve pyne gedurig vermeerderde, hy Christiaan de volgende dag, synde geweest een vrijdag savonds heeft begon te krimpen en de des saturdags morgens gewaar geworden is, dat hetzelve beneffens het scrotum en de testiculi binne het lijf was gekrompen, sulks dat omtrent de lengte van een kleijne vingers lidt van de mannelyke rode overig was: dat hy Christiaan door ’t voorschreiden opkrimpen zoodanig is gein commodeert geweest, dat hy van des vrydags ’s avonds af syn water niet heeft kunnen lossen, het welke tot des sondags avonds heeft geduurd met onverdragelijke pyne, dat hy Christiaan daardoor soo is opgeswollen, dat syn leederen wambuijs beneeden aan het swaarste van de buik op een spanne naa niet konde aan malkan deren gevoegd worden; dat de voornoemde Christiaan te weeg vermoedende, dat de Geve. hetgene voors is hadde te weeg gebragt , haar Geve. met slagen gedwongen heeft, om hem syn verrlorene gesondheid te restitueren dat de Geve. door het voors slaan genoodzaakt synde aangenomen heeft de vereyschte restitutie te doen dat de gedagte Christiaan naa die voor aanneemeninge in een andere kamer gegaan synde binnnen ander half uur eerst syne testicuelen en naderhand mede syn mannelyke roede wederom gekregen heeft: dat de Geve. in de andere kamer van de omstanders vermaant, en met slaagen gedreygt synde, omme voors Christiaan syn mannelykheid wederom te goeden ten laatsten gesegt heeft, dat men haar iet meer soude slaan, also Christiaan syn mannelykheid al wederom hadde, dat sulks, aan die voors Christiaan geboodschapt synde, hy Christiaan in syn broek voelende bevonden, en ook aan de onstanders getoont heeft, dat alles wederom was soo het behoorde.

Alle het welke syn saken van her quaaden gevolge die daarom anderen ten exempel niet behooren ongestraft te blyven, soo is het, dat het voors hof op alles rypelyk gelet en geconsidereert hebbende, het geene men in deesen behoorde te considereren in den naam en van wegen de Heerlykheid der Landschappen van Friesland den voornoemden Geve gecondemneert heeft, en condemneert haar by deesen om by den scherpregter op het schavot geleyden en aldaar wel strengelyk gegeeseld te worden, bandt haar voorts de tyd van tien jaaren nt Friesland, te ruimen de Stad Leeuwarden binnen ’s dags sonneschyn, en de het land binnen den derden dage, sonder daar inne in meddelen tyde weder te mogen komen op lyfstraffe actum 9 mei 1668.

Berigt omtrent de Tovery beschuldigde personen, gewogen in de Waag te Oudewater 1664-1729

In het cabinet van Nederlandsche en Kleefsche oud heeden deel 5 pag.47 vindt men melding gemaakt van de Stadswaag te Oudewater, op welke van tyd tot tyd menschen van toverij beschuldigt, gewogen wierden, sluitende gemeld verhaald aldus.

Alle twyfelingen die deese saak voor het overige nog mogten verduisteren, worden geheel en al uit de weg geruimd door de gevallen en voorbeelden zelve, welke hier zedert omtrent anderhalve eeuwen van tyd tot tyd hebben plaats gehad: doodien nametlyk veele persoonen, beschuldigt wordende van toverij, uit verre en naderby geleegen landen herwaards gekomen syn, als genoodsaakt synde, de proef, tegens de tovery ingesteld, te ondergaan, en zig plegtig op de waag te Oudewater te laten weegen om sig door dat middel van de hun opgelegden blaam te suveren. De persoonen welke op deese waag, zelves nog tot in het jaar 1729, gewogen syn geworden, syn zestien in getal voor zo verre men daar van aanteekeningen heeft kunnen vinden, mogelyk en wel waarschynlyk syn er nog eene menigte andere om tovery, die toenmaals zeergemeen genoemd wierd, op die waag gewogen, voornamelijk aanvangs toen dezelve daartoe gepriviligeerd wierd, waar omtrent men geene aanteekening schynt gehouden te hebben. De eerste was Maria Konings, uit het staft kunster gewogen in het jaar 1644.

De tweede Leentje Willems, int lange Linschoten onder Oudewater, gewogen en 1647 benevens nog drie anderen ongenoemd.

De derde Jacobye Paulus, van Heerde in Gelderland in 1677.

De vierde Marittje Cornelis in Overlek in Langerak in 1681.

De vyfde Sibyllo Essers, int Kleinenbroek onder Zutphen in 1694.

De sesde Aaltje Brouwers, uit de Heerlykheid Bovenlo in 1694.

De sevende Maasje Taessen van de Vaart over Vianen in 1710.

De agste Geertruid Hendriks van Beek op het Zand te Utrecht in 1711.

De negende Lysbet Jans van den Dool van Noordeloos en de twaalfde Neetlej Arjens Kersbergen, de huisvrouw van de voornoemden, van Lakerveld onder Meerkerk. Deese persoonen, by de drie opgenoemden maken vyftien in getal.

Aanmerkelijk is het, dat onder de hier opgenoemde persoonen, slegts een manspersoon gevonden wordt waaruit men met grond sou kunnen vermoeden, dat de vrouwen meer geschikt syn voor toverij dan de mannen, welke vermoeden ook in veele gevallen bevestigd wordt, want de meeste vrouwen hebben van de natuur het onuitspreekelijke voorregt ontfangen, om de mannen, hoewel op een andere wyze, dan die, waarom de aangehaalde gewogen wierden, te betoveren.

Eer wij van deese sonderlinge gewoonte van toverweging afstappen, zullen wy nog twee der extracten aanvoeren getrokken uit de registers der judicieele en dagelijksche acten der Stad Oudewater, dienende als certificaten welke den aengeklaagde werden medegegeven, wanneer zij onschuldig of wigtig bevonden werden, ten dien einde sullen wy gebruik maken van die geenen, welke aan de personen van Van den Dool en syn huisvrouw verleend syn, waarvan de inhoud aldus luidt:

Extracten uit de Registers van de Judiciele en Dagelyksche acten der Steede Oudewater.

Wy burgemeesteren, scheepenen en Raaden der Steede Oudewater in Holland, doen cond en certificeeren mits deesen, ten verzoeke van Claas Ariens van den Dool geboortig te Noordeloos, oud omtrent 37 jaaren kortagtig en eenigsints spitsig van lighaam, hebbende blaauwe oogen, hoog bruin van vel en hair en Neeltje Kersbergen geboortig van Lakerveld, oud omtrent 31 jaaren, matig van postuur en hoog swanger, bruin van vel, blaauwe oogen, man en vrouw, woonagtig op den dool onder meerkerk, dat op huiden voor ons verscheen zyn de Heeren Dirk van den Lee, en Gerrit Ingen

van Liesveld, scheepenen deeser Steede, mitsgaders Jan Recante geswooren waagmeester, dewelke ten verzoeke van de Requiranten verklaarden waar en waaragtig te syn, dat door de voorn waagmeester Jan Recante op ernstige enstantien van de requiranten, en presentie van de voorn Heeren Scheepenen en andere notabele personen op huiden de voorf Klaas Ariens van den Dool in deese steede waage met de ordinaire balance en opregte Troyaansche wigte, gelyk men altoos in deese steede waag gebruikt, is gewogen nadat Philip van der Werff, gerechtsbode deeser stad, had verklaard, dat dezelve Claas Ariens van den Dool door hem was ontkleed, schoenen en kousen, mitsgaders alle kleederen uitgetogen, en sulks alleen in syn hemsd, sonder dat hy eenige swaarte van gewigten by zig had, en is dezelve persoon bevonden swaar te weesen 122 ponden der voorf Troyaansche wigte; wyders is de voorn Neeltje Ariens Kersbergen, invoegen voorf medegewogen, en na dat door Jacomyntje Aaerts Dekker, stads vroedvrouwe alhier, mede verklaard was, dat de meergemelde Neeltje Ariens van Kersbergen door haar was ontkleed, schoenen en kousen uitgetogen, en sulks alleen bedekt met haar hemd en swarte folie over haar bloote lighaam hangende, het hair los by het hoofd, sonder dat zy eenige swaarte of gewigte by haar hadde, en is dezelve persoone bevonden swaar te weesen 110 ponden voorf Troyaansche wigte;

Certificeeren vervolgens zy, dat de voorf gewigte met de natuurlyke proportie des lighaams van de requiranten beide zeer wel is accordeerende bevonden, en alzo zy daarvan verzogten onze opene brieven van certificatie om dezelve te dienen, daar en zo zulks behoort, hebben wy haar lieden hetzelve niet kunnen nog willen weigeren, dat alles sonder bedrog, en in bewys van waarheid hebben wy deese met onze steede zegel en onderteekeninge van onze secretaris bekragtigt op den 21 juny 1729.

       Leges, te betalen by die geene, die in der stede waag uit beschuldiging van tovery gewoogen worden.

     Scheepenen …………………………. 1 _ 16 _ ,,

     Secretaris ……………………………… 2 _ 18 _ ,,

     Bode ……………………………………. ,, _ 12 _ ,,

     Waagmeester ………………………. ,, _ 12 _ ,,

     Vroedvrouw ………………………… ,, _ 12 _ ,,

                                                            ________

                                           Samen f 6 _   10 _ ,,

                                                                      

1597,                     Sententie der Schepenen van Schoonhoven voor Marrigje Arjens, beschuldigt

18 Dec.               van Toovery.

In het Kabinet van Nederlandsche en Kleefsche Oudheden 21e deel pag.421 vindt men deese bysondere sententie van toverije; geexecuteerd te Schoonhoven de 18 Decbr. 1597.

                                  

                                

           Alzoo Marrigje Arjens dogter te Boyen en Gelderland oudt omtrent 70 jaaren, tegenwoordig gevangen vrywillig en buiten banden van yseren beleeden en bekend heeft, dat zy, geleeden omtrent agt jaaren, gewoond heeft te Vianen onder den windmolen, en wezende genoeg desperaet van armoede , op een avondstond, by haar omtrent die voorf, molen gekomen of verscheenen is een jong mansperzoon, ofte en schyn van een perzoon wandelende, hebbende syn handen in syn zyde, lang van statuur, gekleed in swart habyt, dewelke zy getuigde meende te weesen een van de magten, roepende over sulks hem Hola: en die voorf schynende persoon spreekende tegens haar, zeide onder anderen, wilt gy my geloven, het zal uw anders gaan, en beter met uw weesen, ik zal u brengen, daar gy genoeg, en geen gebreke hebben sult, dewelke als haar dogter, was de vyand van der Helle, en dat zy verschrikkende in huis is gegaan, en in haar kleederen op het bedde geslapen.

Hem; en dat zy `s anderen daags, `s morgensvroeg in den dageraad op stond om haar gevoeg te doen aan de steede Vesten, en dat aldaar uit de ruigte of neetelen, haar wederom verschenen is de voorf perzoon, zeggende en zig weder aangevende, soo sy van God sou willen afgaan, hy sou haar brengen, daar sy genoeg soude hebben, houdende haar staande onder de voorf molen; sodat sy ten lesten consenteerde en beloofde hem, en gaf haar die voorf vyand wat in de hand, hetwelk haar dogte te weesen een schoon stuks goudts, zeggende tegens haar, gedenk my daarby in schyn van trouwe, nemende weder van haar agterste vinger op een na aan de regterhand, een stukje, met een stukje van de nagel aan het uiterste lid, welke vinger altijd blaauw en koud is, waar in zy ook geen gevoelen heeft en zeide die vyand, dat hy heete Heynken en dat zy gevangene heeten soude Marrigje Heijnkens.

Hem en dat zy met de voorf vyand vleeslyk heeft te doen gehad, en geconverseerd, en ook meermalen als man en wyf, en van haar gescheiden synde, heeft in het bedde gevonden, in plaats van het voorf stuk gouds, vuiligheid als kinderdrek.

Hem, endat die vyand haar doe een potjen gegeven heeft met salve als vinesfem ( misschien vire semen) van menschen ofte wit padde rith; en die zy daer mede stryken of van engeeven sou, die soude betovert syn en beloofde zy de vyand, dat zy het potjen ontfang, te sullen doen, alwat haar die vyand soude beveelen.Hem dat zy Balthazar, een schoenlapper tot tranen in een kan biers het slym of vrulligheid van litsen was schende en de Slooten gedaan heeft laten drinken en hem betovert heeft gehad.

Hem: en dat omtrent vier jaaren de vyand by haar quam, zeggende ariaan Leeners en gunt, u geen goed. en dat zy gevangens, daarop antwoorde Zo gunne ik haar dat ze in zulke swarigheid mag komen, daar ik en geweest ben, en dat haar zoo veel ziekte en quellagie mag aangedaan worden, dat zy my daarmede verzeeten was: en dat de vyand haar toen consent gaf, dat se met de voors Ariaan Leeners doen soude, dat haar beleefde; en heeft ’s avonds laat die deur van ariaan voors open gevonden, en is in huis gekomen en heeft de voors Ariaan Lieners gestreeken met de voors salf in het slaap van haar hooft, en werde ook attemet van de vyand gekwelt.

Hem: dat zy gevangene wonende te Utrecht een jaar geleden slaapende op haar bedde, de vyand haar opgenomen en gebragt heeft te vianen, en dat zy ariaan Leeners, zittende by den vuure nam, en worp ze op het bedde, en dat Ariaan niet en eerste wie het haar deede en dat zy de voors Ariaan, leggende op het bedde, met die salf streek op haar hand, welke hand te stond lam was, en dat haar die vyand weder te Utragt bragt.

Hem: en dat zy zittende in den Hof van Adriaan Bouwense sakkedrager, daar zy dier tydt woonde, vloogende haar kleederen, en dat aldaar de vyand by haar gekomen is, zeggende tegens haar, Neeltje en gunt u niets goeds, en gy woond daar mede, maar zy was u liever kwyd, en diergelyke, dus gund haar weder geen goed, al soude zy kreupel en lam worden, dat ze haar brood niet winnen en mag, en dat zy daarna ging tot Gijs den Schipper koopende een wittebrood van zeeven duiten het welk zy Neeltje gaf en welk wittebrood zy met haar vinger gestreeken had, van de voors salve, en de als Neeltje van het voor wittebrood gegeeten hadde, is ze betovert geweest, en krank geworden dat zy haar nederlyf niet magtig is. Hem: wat sy vertoomd synde op de dochter van Balthasar Claasje genaamt janniken omdat ze geseyt hadde dat zy gevangene een Tovenaarster, was, en dat zy opeen morgen stond van de vyand is gebragt ten huise van Balthasar Claastje ten venster in, en vindende Janneke voor slaapende, heeft op haar lippen gesmeert vyiligheid van het werk met saernick (waarschynlyk saagmeel) en geritk van slangen, het welk de vyand haar gebragt heeft gehad. Hem: dat zy gekogt hebbende van Cryn Aalbertz een vierdel olijs, en Cryne voor dogter haar kap verzettende zeyde zy gevangene, hadde ik van dat haar ik zoude onze lieve vrouw daar een hoeyken van maaken enz en dat zy uit de kam, daar die dogter haar maar mede gekend hadde, leggende op een kiste, toog weinig hairs en dat zy die dogter bakkende in het meeta van oly dat haar op het hoofd by de, denkende in haar hart, dat dogters haar overend staande en weder tot eene dot lopen soude, het welk alzo geschiedde, en was daar mede betovert en dat zy ten tyde als zy gevangen werde, stond ten huise van Top Janssen, alwaar stond mede een jongen, de welke zy aanroerende zeyde, ga gy heenen, waarna staat gy en luistert: en nadat de vyand doen den zelven door haar heeft betorvert gehad (want des jongens hairen op het hoofd krompen, alsof het uitgetogen hadde geworden;) paard van de jongen zeer yslyk riep en kreet, lopende gents en weder; al suisse bollende, zodat de gebuiren, en veel andere menschen vergaderden; en dat onder anderen een zeyde; Feex zegent den jonge, het welk zy deede, en was de jonge weder als voren, en dankte haar gevangene.

Ten laatsten, dat zy anders nooyt is verhuwet geweest, maar dat zy een half jaar met Michiel den Kaiper, in de nieuwpoort, in onechte huis gehouden heeft.

Een scheepenen, gehoort den eysch en conclasie van de Bailluw, en geizen de voors vrywillge gelydenisse en daarop gehaalt het advies en consultatie van Regts geleerden, justineerende de voors Bauilluw, alzo het geene voorschreeve staart syn saaken tendeerende tot bederf van veele goede menschen en contrarie gedenken en praktyken, wetten en ordonnantien en sulks behoorende gestraft te worden, anderen ten overschrik, zy op alles met rypigheid gelet en geconsidereert, daarop te letten en te socidereeren stond; daartoe van de hooge overigheid vermaant synde, doende regt condemneeren de voornoemde gevangene gebragt te worden ter plaatse, daarmen gewoon is crimineele justitie te doen, en aldaar geworgd synde, voorts in den vuure verbrand te worden tot stof, en absolveeren haar van verder egsch en conclusie, by den Eyscher op haar gedaan en genomen, verklarende alle hare goederen verbeurd tot profyt van de hooge overigeheeden; actum by scheepene ad idem tempus, de 18 December 1597.

Zynde voorhet Stadshuis op het Steenen overwulfsel een ronde kring van Straatsteenen waarin men zeijt deese executie gebeurd te syn.

Terug